

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Rick: Hoi Emma, hoi Sophie.
Emma: Hoi Rick!
Sophie: Hey!
Alles goed?
Rick: Ja hoor, alles gaat goed.
En met jullie?
Emma: Met mij ook goed.
Het is mooi weer vandaag.
Sophie: Ja, heerlijk.
Wat doe jij nu, Rick?
Rick: Ik lees een artikel.
Emma: Oh, leuk.
Wat lees je?
Rick: Het gaat over werk in Nederland.
Sophie: Interessant.
Vertel meer.
Rick: Veel mensen komen naar Nederland.
Emma: Ja, dat klopt.
Rick: Zij komen uit een ander land.
Sophie: Waarom komen zij naar Nederland?
Rick: Zij zoeken hier werk.
Emma: Ah, oké.
Logisch.
Sophie: Wat voor werk doen zij?
Rick: Zij werken bijvoorbeeld met groente en fruit.
Emma: Oh ja, werken met tomaten.
Dat is zwaar werk.
Rick: Ja, heel zwaar werk.
Rick: Maar er is een probleem.
Sophie: Wat is het probleem?
Rick: Soms hebben zij geen goed huis.
Emma: Oh, dat is niet goed.
Rick: Nee, dat is heel slecht.
Sophie: Is het huis dan te klein?
Rick: Ja, het huis is vaak te klein.
En soms is het heel koud.
Emma: Een koud en klein huis.
Dat is echt een groot probleem.
Sophie: En hebben zij wel werk?
Rick: Ja, vaak wel.
Maar niet altijd.
Emma: Dat is moeilijk voor die mensen.
Rick: Zeker.
Het artikel is van Duitsland.
Sophie: Van Duitsland?
Hoe bedoel je?
Rick: Duitsland zegt iets tegen Nederland.
Emma: Wat zegt Duitsland dan?
Rick: Nederland, maak betere regels.
Sophie: Regels voor wat?
Rick: Voor de huizen en het werk.
Emma: Ik snap het.
Een goed huis is belangrijk.
Rick: Precies.
En goed werk ook.
Sophie: Werken de mensen hard?
Rick: Ja, zij werken heel hard.
Emma: Maar zij wonen in een slecht huis?
Rick: Ja, soms wel.
Dat is het probleem.
Sophie: Wonen er veel mensen in één huis?
Rick: Ja, het artikel zegt dat.
Sophie: Bijvoorbeeld zes mensen in één kleine kamer?
Rick: Ja, soms wel.
Dat is echt te veel.
Emma: Dat is niet fijn.
Rick: Nee, dat is niet gezond.
Sophie: En wat is er met het werk?
Rick: Soms is het werk zwaar.
Emma: En het geld?
Rick: Het geld is niet altijd goed.
Sophie: Dat is niet eerlijk.
Rick: Nee, dat vind ik ook niet.
Emma: Mensen werken hard, dus zij moeten goed geld krijgen.
Rick: Precies.
Goed werk voor goed geld.
Dat is eerlijk.
Emma: Heeft Duitsland hetzelfde probleem?
Rick: Ja, zij hebben het ook.
Sophie: En wat doen zij?
Rick: Zij hebben nu strengere regels.
Emma: Dus Duitsland zegt: doe hetzelfde.
Rick: Ja, precies dat.
Sophie: Is dat een goede oplossing?
Rick: Ik weet het niet.
Het is lastig.
Emma: Ja, een huis vinden is moeilijk.
Emma: Ook voor Nederlanders.
Rick: Dat is waar.
Er zijn weinig huizen.
Sophie: En de huizen zijn duur.
Rick: Ja, heel duur.
Sophie: Mijn broer zoekt ook een huis.
Hij zoekt al een jaar.
Emma: Een jaar?
Dat is heel lang.
Sophie: Ja, een huis vinden is echt heel moeilijk.
Emma: Dus wat is de oplossing?
Rick: Het artikel geeft geen oplossing.
Sophie: Het is ook een groot probleem.
Rick: Inderdaad.
Het gaat over mensen.
Emma: Mensen hebben een goed leven nodig.
Rick: Ja, iedereen heeft dat nodig.
Sophie: Een veilig huis en een goede baan.
Rick: Precies.
Dat is de basis.
Emma: Ik hoop dat er een oplossing komt.
Rick: Ik hoop het ook, Emma.
Sophie: Ik ga nu eten koken.
Emma: Wat ga je eten, Sophie?
Sophie: Ik maak pasta met tomaten.
Heel simpel.
Rick: Klinkt lekker.
Ik eet vanavond soep met brood.
Emma: Eet smakelijk, Sophie!
Rick: Eet smakelijk!
Ik ook.
Sophie: Dank je!
Doei.
Emma: Tot snel weer.
Rick: Tot de volgende.
Je vindt alle transcripten en meer verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze