

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Hallo allemaal.
Hoe gaat het?
Hoi Rick, het gaat goed.
Hoi Rick met mij ook goed.
Lezen jullie het nieuws vandaag?
Nee, ik lees geen nieuws.
Ik ook niet.
Wat is er?
Het is vandaag een speciale dag.
Oh ja, wat voor dag?
Wij zijn vandaag twee minuten stil.
Waarom zijn wij stil?
Wij denken aan de mensen.
Welke mensen bedoel je?
De mensen uit het verleden.
Ah, ik begrijp het nu.
Ja, wij zijn twee minuten heel stil.
Dat is mooi.
Twee minuten stil zijn, is belangrijk.
Ik vind het ook belangrijk.
Ik ben altijd stil.
Maar er is een groot probleem.
Een probleem?
Wat is het probleem?
Het gebeurt in een grote stad.
In de stad Tilburg?
Ja, precies in Tilburg.
Wat gebeurt er in Tilburg?
De mensen staan buiten.
Staan ze op een plein?
Ja, op een groot plein.
Staan er veel mensen?
Ja, het is heel erg druk.
Zijn er ook kinderen bij?
Ja, mannen, vrouwen en kinderen.
Dat is een grote groep mensen.
Heel veel mensen, iedereen is op het grote plein.
En is het koud buiten?
Nee, het is mooi weer, het is warm.
Oké, de mensen staan op het plein in Tilburg.
En dan?
Dan begint de tijd, de twee minuten.
De twee minuten van stilte.
Precies, iedereen is stil.
De mannen zijn stil.
En de vrouwen zijn ook stil?
Ja, de vrouwen zijn ook stil.
En de kinderen?
Kinderen maken vaak geluid.
Nee, de kinderen zijn ook heel stil.
Dat is heel goed.
Iedereen is stil.
Maar dan is er een geluid.
Een geluid?
Wat voor geluid?
Een heel hard geluid.
Oh nee, tijdens de twee minuten.
Ja, tijdens de twee minuten.
Komt het geluid van een kind?
Nee, het komt niet van een kind.
Komt het van een dier?
Een hond of een kat?
Nee, ook niet van een hond of een kat.
Wat is het dan?
Het is een telefoon.
Een telefoon? Gaat er een telefoon af?
Ja, een telefoon gaat af, heel hard.
Oh, dat is echt een groot probleem.
Ja, iedereen hoort de telefoon.
Van wie is de telefoon?
De telefoon is van een man.
Een oude man?
Of een jonge man?
Een oude man.
Hij staat vooraan op het plein.
Wat doet de oude man?
Hij zoekt in zijn jas.
Zoekt hij zijn telefoon?
Ja, hij zoekt zijn telefoon.
Maar hij kan hem niet vinden.
Oh nee.
En de telefoon maakt nog steeds geluid.
Ja, de telefoon maakt heel veel geluid.
Wat een stress.
Dat is niet leuk.
Nee, de man heeft veel stress.
Hij is rood in zijn gezicht.
Kijken de andere mensen naar hem?
Ja, alle mensen kijken naar de man.
Zijn de mensen boos?
Sommige mensen zijn een beetje boos, ja.
Dat begrijp ik.
Het zijn twee minuten voor stilte.
Precies, je moet stil zijn.
Je telefoon moet uit staan.
Vindt de man zijn telefoon snel?
Ja, na één minuut vindt hij de telefoon.
Gelukkig.
Zet hij de telefoon uit?
Ja, hij zet hem snel uit.
En dan is het weer stil op het plein?
Ja, dan is het weer heel stil op het grote plein in Tilburg.
Wat een verhaal.
Ik kijk altijd of mijn telefoon uit is.
Ik ook, mijn telefoon staat altijd uit tijdens de twee minuten.
Dat is een goede les voor iedereen.
Ja, dat klopt.
Altijd je telefoon uitzetten.
Goed, bedankt voor het nieuws, Rick.
Graag gedaan.
Ik ga nu mijn telefoon uitzetten.
Heel goed, Sophie.
Tot de volgende keer allemaal.
Tot ziens, doei.
Tot de volgende.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch fluency.
Dutch fluency.com slash transcripts.
Bedankt voor het luisteren naar Dutch fluency.
Op Dutch fluency.com vind je het transcript en oefeningen.
Spreek Nederlands, zelfs als je stottert.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze