

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Wat een heerlijke dag voor een boswandeling.
Ja, het is hier zo rustig.
Kijk daar! Heb je die eekhoorn gezien?
Waar? Ik heb hem niet gezien.
Daar! Hoog in die eik.
Oh ja, nu zie ik hem. Wat schattig!
Hij zoekt vast eikeltjes voor de winter.
Ik hoor ook veel vogels zingen.
Dat is de natuur. Mooi, hè?
Zeker. Zullen we dat zandpad nemen?
Goed idee. Dat pad gaat dieper het bos in.
Heb je eigenlijk de routekaart mee?
Nee, we kunnen gewoon de blauwe paaltjes volgen.
Oké, hopelijk verdwalen we niet.
Maak je geen zorgen. Ik ken dit bos goed.
Voel jij dat ook? Een druppel?
Een druppel? Het zonnetje schijnt nog.
Nee, echt. Het begint te regenen.
Je hebt gelijk. De lucht wordt heel donker.
Typisch Nederlands weer. Net was het nog zonnig.
Heb jij een paraplu bij je?
Nee, natuurlijk niet. Het zou droog blijven.
Het gaat steeds harder regenen.
Snel, laten we onder die grote boom gaan staan.
Ben je gek? Dat is gevaarlijk met onweer.
Welk onweer? Ik hoor niks hoor.
Hoorde je dat? Dat was een donderklap.
Jeetje, ik schrok me kapot.
We moeten hier weg.
Maar we zijn midden in het bos.
Ik zag daarnet een klein houten huisje.
Een schuilhut? Waar dan?
Ongeveer 10 minuten terug.
Gaan we rennen?
Ja, kom op. Mijn jas is al nat.
Pas op voor die modderplas.
Te laat. Mijn schoenen zijn vies.
Blijf rennen. Het gaat echt stormen.
Ik zie het huisje nog niet, bram.
We zijn er bijna.
Nog even volhouden.
Wacht, het pad splitst hier.
Oh nee. Welke kant moeten we op?
Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.
Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.
Spreek Nederland, zelfs alsje stottert. Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze