

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Hey, kijk eens. Dit is raar. Wat is er? Ik lees het nieuws. Over een school.
Een school? Wat dan?
De school is dicht. Het is kapot. Oh nee. Waar is die school? In Nederland. Ik weet dat dus niet.
Waarom is het kapot?
Het artikel zegt het regent veel. Het regent. En dan is het kapot. Ja, te veel water.
Dat is erg. Maar waar gaan de kinderen nu?
Naar een andere school. Is die andere school groot genoeg? Ik weet het niet. Het artikel zegt het niet.
Hmm, dat is een probleem. Ja, veel kinderen, een kleine school. Maar wanneer is de school weer open.
Dat duurt lang. Misschien maanden. Maanden? Dat is veel tijd. Ja, ze moeten het repareren.
Is het duur? Ik denk het wel. Water maakt veel kapot. Arme kinderen, ze hebben geen klaslokaal.
Nee, ze zitten nu in een ander gebouw. Welk gebouw? Een sporthal of zo.
Een sporthal? Dat is niet fijn.
Nee, het is koud daar. En luidruchtig ook. Ja ja, precies.
Regent het vaak in Nederland nu? Ja, heel veel dit jaar. Meer dan normaal? Ik denk het. Het klimaat verandert.
Dat is waar. Het weer is gek. Hier in Azië ook. Het is te warm. Ja, hoe warm is het?
Heel warm. Dertig graden of zo. Dertig. Wow, dat is veel. Ja, ik zweet de hele dag.
Haha, geen jas nodig daar. Nee, ik draag een t-shirt.
Terug naar de school. Hebben ze hulp nodig?
Misschien. Het artikel zegt het niet. De ouders zijn vast boos. Ja, ze betalen geld voor school.
En nu is het kapot. Dat is niet goed. Nee, maar het is niet de schuld van de school. Dat klopt. Het regent gewoon te veel.
Kunnen ze iets doen tegen regen? Nee, regen komt gewoon. Maar het gebouw moet sterk zijn. Ja, sterke daken, goede muren.
Misschien is het gebouw oud? Dat kan. Oude gebouwen zijn zwak. Hoeveel kinderen gaan naar die school?
Het artikel zegt 200 kinderen. 200? Dat is veel. Ja, een grote groep. En ze zitten nu allemaal in een sporthal? Ja, dat denk ik.
Dat is niet fijn voor de leraren ook. Nee, moeilijk om les te geven daar. Te veel lawaai, precies.
Kinderen horen de leraren niet. Maar wanneer repareren ze het.
Binnenkort, ze beginnen snel. Hoe lang duurt zo'n reparatie?
Ja, misschien drie maanden?
Drie maanden in een sporthal? Bah. Ja, niet leuk voor de kinderen. Hebben ze verwarming daar? Goede vraag. Ik weet het niet.
Het is winter nu in Nederland. Ja, het is koud.
Misschien sneeuw ook. Sneeuw in een sporthal. Dat is koud. Ja, iedereen heeft een dikke jas nodig.
Krijgen de ouders geld terug? Van de school? Ik denk het niet. Dat is jammer. Ja, maar de school heeft ook geen geld.
Dat is waar. Reparaties zijn duur.
Heel duur. Misschien miljoenen euro's. Miljoenen? Echt waar? Ja, gebouwen zijn duur om te repareren.
Hebben ze verzekering? Goed punt. Misschien wel. Verzekering helpt met kosten. Ja, maar het duurt nog steeds lang.
Ja, papierwerk en zo. Precies. Veel formulieren. Bureaucratie is langzaam.
Heel langzaam. Vooral in Nederland. Is het echt zo langzaam? Ja, jong, alles duurt lang daar. Maar goed.
De kinderen hebben nu een plek. Ja, dat is het belangrijkste. Klopt. Ze kunnen nog steeds leren.
Ja, de sporthal is niet perfect. Maar oké, hopelijk is de reparatie snel klaar. Ja, ik hoop het ook.
En hopelijk regent het niet meer zo veel. Ja, genoeg regen nu.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze