

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Hoi Emma.
Hoi Lars.
EMMA: Hoi Rick.
LARS: Hoi Rick.
RICK: Het is warm vandaag.
EMMA: Ja, heel warm.
LARS: Ik drink koud water.
RICK: Goed idee.
Het is heet.
EMMA: Ik lees het nieuws.
LARS: Wat staat er?
EMMA: Driekwart past gedrag aan.
RICK: Wat is dat?
EMMA: Hittecode rood.
LARS: Wat is hittecode rood?
RICK: Dat is code voor extreme hitte.
EMMA: Ja, het is gevaarlijk.
LARS: Mensen passen gedrag aan?
EMMA: Ja, driekwart van de mensen.
RICK: Wat doen zij?
EMMA: Zij blijven binnen.
Zij drinken water.
LARS: Ik blijf ook binnen.
En ik drink water.
RICK: Maar wij zijn in het café.
EMMA: Ja, het café is binnen.
Het is koel.
LARS: Het is koel hier.
De airco werkt goed.
RICK: De airco werkt goed.
Het is fijn.
EMMA: Ik drink een cola.
Cola is koud.
LARS: Ik drink water.
Water is gezond.
RICK: Ik drink bier.
Bier is koud.
EMMA: Bier is ook goed.
Het is koud.
LARS: Het nieuws is interessant.
RICK: Wat zeggen ze nog meer?
EMMA: Zij drinken veel water.
Zij blijven binnen.
LARS: Dat doe ik ook.
Ik drink veel water.
RICK: En zij dragen lichte kleren.
EMMA: Dat is slim.
Lichte kleren zijn koel.
LARS: Ik draag een korte broek.
Mijn broek is licht.
RICK: Ik ook.
Het is warm.
Mijn broek is ook kort.
EMMA: De zon schijnt fel.
De zon is heet.
LARS: Ik ga niet naar buiten.
Buiten is te heet.
RICK: Nee, het is te heet.
Buiten is niet fijn.
EMMA: Driekwart blijft thuis.
Thuis is koel.
LARS: Dat is veel.
Driekwart is veel mensen.
RICK: Ja, veel mensen.
Mensen zijn slim.
EMMA: Het is veilig binnen.
Binnen is koel.
LARS: Wij zijn veilig.
Wij zijn in het café.
RICK: En wij hebben drinken.
Drinken is fijn.
EMMA: Ja, dat is fijn.
Drinken is koud.
LARS: Heb je een waaiertje?
Een waaier is koel.
RICK: Nee, ik heb geen waaier.
Ik heb geen waaier.
EMMA: Ik gebruik een krant.
De krant wappert.
LARS: Dat is slim.
Een krant is een waaier.
RICK: De krant is van papier.
Papier wappert goed.
EMMA: Ja, het wappert goed.
Het geeft wind.
LARS: Het is warm in de stad.
De stad is heet.
RICK: De stad is stil.
Mensen zijn binnen.
EMMA: Mensen werken thuis.
Thuis is koel.
LARS: Ik werk ook thuis.
Maar nu ben ik hier.
RICK: Maar nu zijn wij in het café.
Het café is leuk.
EMMA: Ja, dat is leuk.
Het café is gezellig.
LARS: Het café is gezellig.
En het is koel.
RICK: En het is koel.
De hitte is weg.
EMMA: De hitte is weg.
Binnen is het goed.
LARS: Binnen is het goed.
Ik ben blij.
RICK: Drinken jullie nog iets?
Ik haal drinken.
EMMA: Ja, nog een cola.
Cola is lekker.
LARS: Ik wil ook water.
Water is goed.
RICK: Ik haal drinken.
Cola en water.
EMMA: Dank je, Rick.
Jij bent lief.
LARS: Jij bent lief.
Dank je, Rick.
RICK: Geen probleem.
Ik ben blij.
EMMA: Het is een warme dag.
Een warme dag.
LARS: Morgen is het ook warm.
Morgen is heet.
RICK: Ja, de hitte blijft.
De hitte is er.
EMMA: Ik blijf binnen.
Binnen is veilig.
LARS: Ik ook.
Ik blijf binnen.
RICK: Het café is perfect.
Perfect voor warme dagen.
EMMA: Ja, hier is het koel.
Koel en fijn.
LARS: En de mensen zijn leuk.
Jullie zijn leuk.
RICK: Jullie zijn mijn vrienden.
Mijn vrienden.
EMMA: Jij bent ook een vriend.
Een goede vriend.
LARS: Proost.
Proost op de koelte.
RICK: Proost.
Proost op het café.
EMMA: Proost.
Proost op vrienden.
RICK: Tot de volgende keer.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze