Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Rens and Nikki Cycle 35,000 Kilometres to New Zealand

Rens en Nikki zitten op een bankje in een park in Utrecht.

De zon schijnt, er zijn vogels, en ze drinken koffie.

Op tafel ligt een grote kaart van de wereld.

Rens wijst naar een klein land helemaal rechtsonder.

Nieuw-Zeeland.

Daar gaan we naartoe, zegt hij.

Nikki lacht.

Met de fiets vraagt een vriend die naast hen zit.

Ja, met de fiets, zegt Nikki.

De vriend kijkt verbaasd.

Maar jullie houden toch niet van fietsen?

Rens en Nikki kijken elkaar aan.

Nee, zegt Rens.

Eigenlijk niet.

Het is een grappig verhaal.

Rens en Nikki zijn geen fanatieke wielrenners.

Ze hebben geen dure racefietsen.

Ze fietsen niet elke zondag een rondje van 100 kilometer.

Nee, ze zijn gewone mensen.

Maar ze willen iets bijzonders doen. Iets groots. Iets wat ze nooit zullen vergeten.

Dus besloten ze om van Nederland naar Nieuw-Zeeland te fietsen.

Een reis van ongeveer 35.000 kilometer.

Waarom? vraag je je misschien af.

Dat vragen veel mensen.

Rens legt het uit.

We wilden niet gewoon op vakantie.

We wilden echt reizen.

Langzaam.

De wereld zien.

Mensen ontmoeten.

En ja, we houden niet van fietsen.

Maar we houden wel van avontuur.

Nikki knikt.

En we houden van elkaar.

Dat is het belangrijkste.

De voorbereiding was niet makkelijk.

Ze moesten hun huis verkopen.

Hun spullen wegdoen. Hun baan opzeggen.

Ze moesten fietsen kopen.

Die sterk genoeg waren voor zo'n lange reis.

Ze moesten leren.

Hoe ze een band moesten plakken.

Hoe ze een tent moesten opzetten.

Hoe ze moesten koken op een klein gasstelletje.

En ze moesten wennen aan het idee dat ze jaren onderweg zouden zijn.

De eerste dag was spannend.

Ze vertrokken uit Utrecht.

Vrienden en familie zwaaiden.

Doe voorzichtig! riep iemand.

Stuur een kaartje.

riep een ander.

Rens en Nikki stapten op hun fietsen.

Ze reden langzaam de stad uit.

De wind waaide zacht.

De zon scheen.

Dit is het, zei Nikki.

We gaan. Rens knikte.

Ja. Op naar Nieuw-Zeeland.

De eerste weken waren zwaar.

Hun benen deden Pijn.

Hun billen deden Pijn.

Het regende vaak.

Ze moesten wennen aan het leven op de fiets.

Elke dag opstaan.

Tent opruimen.

Fietsen.

Eten.

Fietsen.

Slapen.

Soms hadden ze geen zin.

Soms wilden ze opgeven.

Waarom doen we dit?

vroeg Nikki op een dag.

Het regende.

Ze waren moe.

Rens zuchtte.

Omdat we iets willen meemaken.

Omdat we later willen zeggen:

Even tussendoor.

Bedankt voor het luisteren.

Reageer onder deze aflevering.

Of stuur me een DM op Instagram.

Dan stuur ik je een speciale kortingskode

voor de interactieve versie van deze aflevering.

Veel plezier verder met het verhaal.

Omdat we later willen zeggen: we hebben het gedaan.

Nikki glimlachte.

Oké, dan gaan we door.

Ze fietsten door Duitsland, Oostenrijk, Italië. Ze zagen bergen, meren, kleine dorpjes.

Ze aten pizza in Italië, worst in Duitsland, en brood met kaas in Oostenrijk.

Ze ontmoetten andere reizigers.

Mensen die ook op de fiets zaten.

Mensen die hen aanmoedigden.

Jullie zijn gek! zeiden ze.

Maar op een goede manier.

In Turkije werden ze verrast door een storm.

De wind was zo sterk dat ze niet verder konden.

Ze schuilden in een klein cafeetje.

De eigenaar gaf hen thee.

Waar gaan jullie naartoe?

Vroeg hij?

Nieuw-Zeeland, zeiden ze.

De man lachte.

Met de fiets?

Dat is ver.

Hmm.

Ja, zei Rens.

Heel ver.

In Iran werden ze uitgenodigd door een familie.

Ze mochten blijven slapen.

De familie kookte een groot diner.

Er was rijst, vlees, groenten. De kinderen wilden foto's maken.

Rens en Nikki voelden zich welkom.

Dit is waarom we reizen, zei Nikki.

Niet om te fietsen, maar om mensen te ontmoeten.

In India werden ze ziek.

Allebei.

Buikpijn, koorts.

Ze lagen drie dagen in een klein hotel.

Dit is niet leuk, zei Rens.

Nee, zei Nikki.

Maar we komen er wel doorheen.

En dat deden ze.

Langzaam werden ze beter.

Ze stapten weer op de fiets.

In Thailand zagen ze olifanten.

In Laos, zwommen ze in een rivier.

In China fietsten ze over de Chinese Muur.

Niet echt, maar ze zagen hem wel.

In Japan aten ze sushi.

In Australië zagen ze kangoeroes.

En toen, na bijna twee jaar, kwamen ze aan in Nieuw-Zeeland.

De laatste dag was emotioneel.

Ze fietsten naar een strand.

De zon ging onder.

De lucht was roze en oranje.

Ze stapten af.

Ze keken naar de zee.

We hebben het gedaan.

zei Rens zacht.

Nikki huilde.

Ja, we hebben het gedaan.

Ze omhelsden elkaar.

De wind waaide door hun haar.

De zee ruiste.

Het was stil.

Mooi.

Bijzonder.

Nu zijn ze terug in Nederland.

Ze wonen weer in Utrecht.

Maar ze zijn veranderd.

Ze hebben meer vertrouwen.

Ze weten dat ze moeilijke dingen aan kunnen.

En ze weten dat ze samen alles kunnen.

We houden nog steeds niet van fietsen.

zegt Rens.

Maar we houden van wat het fietsen ons heeft gebracht.

Nicky lacht.

En we hebben een goed verhaal.

Tot de volgende.

Open de interactieve speler.

Op Dutchfluency.com.

Slash transcripts.

Tik op een woord als je vastloopt.

Bedankt voor het luisteren naar Dutchfluency.

Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.

Spreek Nederlandse zelfs als je stottert.

Tot de volgende keer.

0:00
Aanpassen

Tekst

Modus

Audio

Pauze