Alle podcasts

Een biertje in de kroeg

RICK: Hallo Sophie.

Hallo Daan.

SOPHIE: Hoi Rick.

Lekker hier.

DAAN: Ja, het is gezellig.

Het is echt gezellig.

RICK: Ik zie Jette.

Zij is boos.

SOPHIE: Wat is er met haar?

Is zij boos op ons?

DAAN: Zij kijkt naar haar telefoon.

Zij kijkt heel lang.

RICK: Ja, en zij tikt heel hard.

Tik, tik, tik.

SOPHIE: Dat is niet leuk.

Tikken is niet leuk.

DAAN: Wat zegt zij?

Zegt zij iets?

RICK: Zij zegt: 'Jette stop hiermee en de rest ook!!' SOPHIE: O, dat is grappig.

Grappig en een beetje raar.

DAAN: Wie is de rest?

Is de rest ons?

RICK: Ik weet het niet.

Misschien is de rest haar telefoon.

SOPHIE: Misschien wij?

Zijn wij de rest?

DAAN: Nee, wij drinken bier.

Wij doen niets met haar telefoon.

RICK: Ja, wij doen niets.

Wij zitten hier.

SOPHIE: Jette is boos op haar telefoon.

Boos op een ding.

DAAN: Dat is raar.

Een telefoon is niet boos.

RICK: Maar het is ook grappig.

Een beetje raar en grappig.

SOPHIE: Ja, een beetje raar en grappig.

Heel raar.

DAAN: Ik heb een idee.

Een goed idee.

RICK: Wat is je idee?

Zeg het.

DAAN: Wij zeggen ook iets.

Iets grappigs.

SOPHIE: Wat dan?

Wat zeggen wij?

DAAN: 'Rick stop met bier drinken en de rest ook!!' RICK: Haha, dat is leuk.

Dat is heel leuk.

SOPHIE: Maar ik drink ook bier.

Ik ben ook de rest?

DAAN: Ja, jij ook.

Jij drinkt bier.

RICK: Wij zijn allemaal de rest.

Allemaal.

SOPHIE: Dat klopt.

Wij zijn allemaal de rest van de groep.

DAAN: Jette is stil nu.

Zij tikt niet meer.

RICK: Ja, zij stopt met tikken.

Stil is fijn.

SOPHIE: Mooi.

Het is rustig.

Rustig is gezellig.

DAAN: Proost op de rust.

Rust is goed.

RICK: Proost.

SOPHIE: Proost.

DAAN: Het bier is goed.

Koud en lekker.

RICK: Ja, koud en lekker.

Heerlijk.

SOPHIE: Ik heb een vraag.

Een simpele vraag.

DAAN: Vraag maar.

Ik luister.

SOPHIE: Gaan wij nog eten?

Ik heb honger.

RICK: Ja, ik heb honger.

Veel honger.

DAAN: Ik ook.

Eten is goed.

SOPHIE: Wat is er te eten?

Wat bestellen wij?

RICK: Bitterballen?

Bitterballen zijn lekker.

DAAN: Ja, bitterballen zijn goed.

Lekker met mosterd.

SOPHIE: En een portie friet.

Friet met mayo.

RICK: Goed plan.

Friet en bitterballen.

DAAN: Ik bestel het.

Ik bestel nu.

SOPHIE: Jij bent snel.

Snel met bestellen.

RICK: Daan is altijd snel met eten.

Altijd.

DAAN: Ja, ik hou van eten.

Eten is mijn hobby.

SOPHIE: Het is gezellig hier.

Gezellig met jullie.

RICK: Ja, met jullie.

En met bier.

DAAN: En met bitterballen.

Bitterballen maken het leuk.

SOPHIE: Jette kijkt nu naar ons.

Zij kijkt en lacht.

RICK: Zij lacht.

Mooi.

Zij is niet meer boos.

DAAN: Mooi.

Zij is blij nu.

Blij is beter.

SOPHIE: Nee, zij is blij nu.

Blij met ons.

RICK: De avond is goed.

Heel goed.

DAAN: Ja, heel goed.

Proost op de avond.

SOPHIE: Proost op de avond.

RICK: Proost.

DAAN: Proost.

Tot de volgende.

Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze