

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het was een zonnige dag in Utrecht, die ik ging naar de supermarkt om boodschappen te doen.
Ik had brood, kaas en melk nodig.
Ik nam de beslissing om naar de supermarkt aan de Manila Dreef te gaan, omdat die het dichtst bij mijn huis was.
Terwijl ik naar de supermarkt liep, zag ik iets vreemds.
De bushockjes waren geslopend.
Niet één, maar alle bushockjes aan de Manila Dreef.
Dat was de zoveelste keer.
Ze waren al eerder geslopend.
Ik vond het heel vervelend.
Want?
Ik had die bushockjes nodig als ik met de bus wil derijzen.
Toen ik dichterbij kwam, zag ik een briefje hangen.
Het briefje was voor de mensen die de bushockjes hadden geslopend.
Er stond op het briefje.
Ik hoop dat jullie je dit gaan bezeffen.
Ik was het met het briefje eens.
Het was niet goed om dingen te slopen.
En het was al helemaal niet goed om steeds dezelfde dingen te slopen.
Ik besloot om het nieuwste te delen.
Ik maakte een foto van het geslopende bushockje en het briefje.
Ik plaatste de foto op reddit.
Ik schreef erbij.
De bushockjes aan de Manila Dreef zijn weer geslopend.
Ik hoop dat de mensen die dit doen, zich dit gaan bezeffen.
Ik wil de steun laten zien aan de persoon die het briefje had opgehangen.
Mijn bericht kreeg veel reacties.
Sommige mensen waren boos, andere waren verdrietig.
Maar iedereen was het er mee eens.
Dat het slopen van de bushockjes moest stoppen.
We moesten samenwerken om dit probleem op te lossen.
Ik ging verder met mijn dag.
Ik deed mijn boodschappen bij de supermarkt.
Ik kocht brood, kaas en melk.
Maar de hele tijd dacht ik aan de geslopende bushockjes.
Ik hoopte dat de mensen die de bushockjes hadden geslopend, het briefje zouden lesen.
En ik hoopte dat ze zouden stoppen met slopen.
Want we hebben die bushockjes nodig.
En het is niet leuk om steeds weer nieuwe bushockjes te moeten bouwen.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze