

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het is zaterdagochtend.
De zon schijnt door de gordijnen.
Ik zit op de bank met een kop koffie.
De koffie ruikt lekker.
Het is stil in huis.
Mijn vrouw is naar de markt.
Onze hond Milo ligt naast me.
Hij slaapt.
Plotseling hoor ik een geluid.
Het komt uit de keuken.
Een harde knal.
Ik schrik.
Milo wordt wakker.
Hij blaft.
Ik loop naar de keuken.
Daar zie ik mijn buurman.
Kees.
Hij staat bij het aanrecht.
Zijn handen zijn nat.
Er ligt een gebroken glas op de grond.
Kees.
Wat doe jij hier?
Vraag ik.
Kees kijkt me aan.
Hij lacht zenuwachtig.
Ik wilde je verrassen, zegt hij.
Ik heb een sleutel van jullie huis.
Ik wilde een taart bakken.
Maar het ging mis.
Ik kijk naar de rommel.
Er is meel op de grond.
Er is melk op het aanrecht.
Het ruikt naar verbrand deeg.
Een taart?
Vraag ik.
Waarom?
Kees zucht.
Omdat ik iets goed te maken heb, zegt hij.
Nee.
Ik heb je auto vorige week beschadigd met mijn fiets.
Ik durfde het niet te zeggen.
Ik ben verrast.
Ik wist niets van de schade.
Ik loop naar de garage.
Ik zie een deuk in de auto.
Het is een grote deuk.
Ik word boos.
Maar dan kijk ik naar Kees.
Hij ziet er verdrietig uit.
Waarom heb je het niet gewoon gezegd?
Vraag ik.
Ik was bang.
Zegt Kees.
Bang dat je boos zou worden.
Ik zucht.
Ik ben nu boos, zeg ik.
Maar niet om de deuk.
Ik ben boos omdat je loog.
Kees knikt.
Het spijt me, zegt hij.
Ik zal het betalen.
Ik denk na.
Kees is een goede buurman.
Hij helpt altijd.
Hij past op Milo als we weg zijn.
Oké, zeg ik.
Maar geen taart meer.
We gaan samen naar de garage.
En dan praten we.
Kees lacht.
Afgesproken, zegt hij.
We lopen naar buiten.
De lucht is blauw.
De vogels fluiten.
Ik voel me nog steeds een beetje boos.
Maar ook opgelucht.
Het is beter om de waarheid te zeggen, ook als het moeilijk is.
We komen terug in huis.
Milo springt blij tegen Kees op.
Kees aait hem.
Je hebt een goede hond, zegt hij.
Ja, zeg ik.
En een goede buurman, als hij de waarheid spreekt. Kees knikt.
Ik zal het nooit meer doen, belooft hij.
Ik geloof hem.
Soms doen mensen domme dingen.
Maar als ze spijt hebben, kun je ze vergeven.
Even tussendoor bedankt voor het luisteren.
Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram,
dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.
Veel plezier verder met het verhaal.
Ik schenk twee koppen koffie in.
De koffie ruikt weer lekker.
We gaan zitten.
De rommel in de keuken ruimen we later op.
Eerst even rust.
De zon schijnt nog steeds.
Het is een goede zaterdag.
Niet perfect, maar goed genoeg.
Ik kijk naar buiten.
De buurvrouw zwaait.
Ik zwaai terug.
Het leven is soms raar, maar met een beetje begrip, kom je ver.
Ik voel me warm van binnen.
Niet door de koffie, maar door het gesprek.
Soms is een deuk in je auto niet het ergste.
Een leugen is erger, maar vandaag hebben we het opgelost.
Met woorden, niet met ruzie.
Milo legt zijn kop op mijn been.
Ik glimlach.
Dit is het echte leven.
Niet altijd makkelijk, maar wel eerlijk.
Ik neem een slok koffie.
De dag kan beginnen.
Ik denk terug aan hoe ik me voelde toen ik de knal hoorde.
Eerst was ik bang.
Toen ik kees zag was ik verrast.
Daarna werd ik boos, maar nu voel ik me rustig.
Het is fijn om te weten dat je je buren kunt vertrouwen, zelfs als ze fouten maken.
Ik kijk naar kees.
Hij drinkt zijn koffie.
Hij ziet er weer vrolijk uit.
Zullen we de keuken samen opruimen?
Vraag ik.
Kees knikt.
Ja, dat is een goed idee, zegt hij.
We staan op.
Milo loopt met ons mee.
De keuken is nog steeds een rommel, maar dat geeft niet.
We maken het samen schoon.
Ik pak een bezem.
Kees veegt het meel op.
Ik gooi het gebroken glas weg.
De melk maken we schoon met een doek.
Het ruikt nog een beetje naar verbrand deeg.
Maar dat gaat weg.
Na een tijdje is de keuken weer netjes.
Zo, zeg ik, dat is beter.
Kees lacht.
Bedankt, zegt hij.
Je bent een goede buurman.
Ik glimlach.
Jij ook, zeg ik.
Als je maar eerlijk bent.
We gaan weer zitten.
De koffie is koud geworden.
Ik schenk nieuwe in.
We praten over kleine dingen.
Over de markt.
Over Milo.
Over het weer.
Het is gezellig.
Ik voel me blij.
Soms is een probleem niet zo groot als je er maar over praat.
Ik kijk naar buiten.
De zon schijnt nog steeds.
De lucht is blauw.
Ik hoor de vogels fluiten.
Het is een mooie dag.
Ik ben blij dat Kees mijn buurman is.
En ik ben blij dat we vrienden zijn.
Tot de volgende.
Open de interactieve speler op Dutchfluency.com.
Slash transcripts.
Tik op een woord als je vastloopt.
Bedankt voor het luisteren naar Dutchfluency.
Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.
Spreek Nederlands, zelfs als je stottert.
Tot de volgende keer.
Aanpassen
Tekst
Modus
Audio
Pauze