

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Ik ben Rick, een leraar uit Den Haag.
Op vrijdag reis ik naar Amsterdam.
Mijn nicht Samira werkt in een klein hotel.
Het hotel staat in Amsterdam-West, dicht bij de tram.
Zij vraagt mij een dag mee te kijken.
Ik vind mensen en talen leuk.
Daarom zeg ik ja.
Als ik binnenkom, ruikt het naar koffie.
De vloer is roodbruin en de muren zijn wit.
Buiten hoor ik fietsbellen en natte schoenen.
De regen tikt zacht tegen het raam.
Een gele kat zit op de vensterbank.
Hij heet Meneer Poes, want hij kijkt streng.
Ik geef hem geen hand, want dat mag niet.
Samira wijst naar een lijst op de tafel. “Kijk Rick,” zegt ze, “de kamers zijn bijna vol.” “Deze week slapen hier veel meer mensen.” “Vorig jaar was maart veel leger.” Ik kijk naar de namen op papier.
Er staan namen uit Spanje, Duitsland en Amerika.
Ook staan er namen uit Groningen en Breda. “Amsterdam is weer druk,” zegt Samira. “Mensen willen markten, bruggen en kunst zien.” “En pannenkoeken,” zeg ik. “Altijd pannenkoeken.” Een vrouw uit Spanje komt binnen met haar zoon.
Zij heeft twee blauwe tassen.
Haar zoon draagt een rode pet. “Goedemiddag,” zegt Samira. “Wat is uw naam?” “Ana,” zegt de vrouw. “Mijn zoon wil Ajax zien.” “Hij praat al de hele trein over voetbal.” Ik zeg: “In Amsterdam praat men ook veel over fietsen.” “Voetbal en fietsen samen is gevaarlijk.” Ana lacht en haar zoon roept: “Goal!” Meneer Poes kijkt boos naar de rode pet.
Dan komt Daan van de winkel naast het hotel.
Hij draagt een doos met warme broodjes. “Vandaag is mijn brood snel weg,” zegt hij. “Veel reizigers kopen kaas en stroopwafels.” “Maar één man vroeg om haring met slagroom.” Iedereen is even stil.
Dan zeg ik: “Dat is geen taart, vriend.” Daan lacht zo hard dat de kat wegloopt.
Daarna komen vier vrienden uit Duitsland.
Zij dragen zwarte jassen en natte mutsen.
Hun Nederlandse woorden zijn klein.
Maar hun lach is groot.
Een vriend zegt: “Ik ben kaas.” Samira schudt haar hoofd en lacht. “Niet ik ben kaas,” zegt zij. “Zeg: ik wil kaas.” De vriend knikt en zegt: “Ik wil veel kaas.” “Nu klinkt u als een echte student,” zeg ik.
Iedereen lacht weer.
Ik pak een stadkaart van de tafel.
Ik wijs tram 13 aan met mijn pen. “Deze tram gaat naar een plein met bloemen.” “Daarna kunt u warme friet eten.” “Maar zeg geen patat tegen iedereen,” zeg ik. “In Den Haag zeg ik soms friet.” “Dan kijkt iemand alsof ik sokken in thee doe.” De vier vrienden vinden dat heel grappig.
In de middag gaat de telefoon vaak.
Mensen vragen steeds: “Heeft u nog een kamer?” Samira zegt vaak: “Nee, het spijt me.” Toch blijft haar stem vriendelijk en warm.
Ik zie dat de dag leuk is.
Maar de dag is ook zwaar.
Meer mensen in bed betekent meer kopjes koffie.
Het betekent ook meer lakens en meer vragen.
De tram is voller en de winkel verkoopt meer.
De straat hoort meer talen dan eerst.
Soms klinkt dat als muziek.
Soms klinkt het als tien radio's tegelijk.
Meneer Poes kiest dan voor slaap.
Opeens roept de jongen uit Spanje: “Mijn pet is weg!” Ana kijkt onder de stoel.
Samira kijkt achter de plant.
Daan kijkt in zijn lege brooddoos.
Ik kijk bij de kaart van de stad.
Geen pet.
Dan horen wij een zacht miauw.
Meneer Poes ligt op de rode pet.
Hij doet zijn ogen half dicht.
Hij lijkt de baas van Amsterdam.
De jongen zegt: “Hij mag hem even lenen.” “Maar alleen tot Ajax wint.” Ik zeg: “Dan kan dat lang duren.” Samira geeft mij een tik op mijn arm. “Rick, wees lief voor onze gasten.” Ik lach, want ik ben ook voor ADO.
Aan het eind van de dag loop ik naar buiten.
De regen is weg en de lucht is roze.
De straat is nog vol stemmen en fietsers.
Ik denk aan Den Haag en de zee.
Ook daar komen mensen graag voor een paar dagen.
Een stad is een beetje als een huis.
Als veel mensen komen, moet je goed zorgen.
Je hebt schone kopjes nodig en vriendelijke woorden.
Je hebt ook humor nodig.
Vooral als iemand haring met slagroom wil.
Samira zwaait bij de deur. “Kom je nog eens?” vraagt zij. “Ja,” zeg ik. “Maar dan neem ik pannenkoeken mee.” Ik voel mij moe, maar ook blij.
Amsterdam is druk, maar de dag was mooi.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze