

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Kijk, ik lees hier iets gekz.
Oh, wat dan?
Het gaat over een man. Hij is dood.
Dood? Wat erg.
Ja, hij ligt in een graf al 30 jaar.
30 jaar? Dat is lang.
Maar nu willen ze hem opgraven.
Opgraven? Waarom?
Ze willen een park maken.
Een nieuw park.
Een park waar?
In Amsterdam op de begraafplaats.
Oh wacht, is het die oude begraafplaats?
Ja, precies. Een oude begraafplaats.
Maar er liggen mensen. Dat is toch raar.
Ja, heel raar. Er liggen veel mensen.
Hoeveel mensen?
Uh, duizenden mensen.
Heel veel.
En ze graven ze allemaal op?
Ja, ze maken het park.
Hmm, dat vind ik niet goed.
Nee, waarom niet?
Nou, het is een graf. Dat is speciaal.
Ja, ik snap Peter. Het is een rustplaats.
Maar de graven zijn oud.
Heel oud.
30 jaar is niet zo oud.
Nee, maar er is geen familie meer.
Geen familie? Weet je dat zeker?
Uh, dat staat hier.
Geen familie bekend.
Ja, dat is wel triest.
Ja, heel triest, eigenlijk.
De stad heeft ruimte nodig voor het park.
Maar Amsterdam is groot. Er is ruimte.
Peter ziet veel ruimte.
Het is vol.
Dat klopt. Amsterdam is vol.
Maar een begraafplaats. Dat is speciaal.
Andere steden doen het ook.
Echt waar? Welke steden?
Uhm, dat staat hier niet. Maar het gebeurt.
Ik vind het nog steeds raar.
Maar gaan de mensen heen? De dode mensen?
Ze verplaatsen ze naar een andere plek.
Oh, oké, dat is iets anders.
Ja, dan is het niet zo erg.
Ze krijgen een nieuw graf. Ergens anders.
Hmm, oké, dat is beter.
Maar het kost veel geld, toch?
Ja, heel veel geld.
De stad betaalt. De stad heeft veel geld.
Niet altijd, soms niet.
Dit is belangrijk. Een park is fijn.
Ja, een park is fijn. Dat is waar.
Amsterdam heeft niet veel parken.
Precies. Mensen willen groen, natuur.
Ja, ja, ik snap het nu.
Ik ook, het is logisch.
Maar het is wel gevoelig. Gevoelig. Wat bedoel je?
Nou, mensen hebben emoties. Over graven.
Oh ja, dat klopt. Dat is waar.
Mijn oma ligt in een graf. In utrecht.
Ja, bezoek je haar soms?
Ja, twee keer per jaar, met bloemen.
Dat is lief, mooi.
Als ze mijn oma opgraven, dan ben ik boos.
Ja, dat snap ik. Echt.
Maar Pieter, jij komt wel. Jij bezoekt haar.
Ja, dat is waar. Deze mensen komen niet. Niemand komt.
Dat is het verschil.
Hmm, oké, ik snap het.
Het is moeilijk. Niet simpel.
Nee, niet simpel. Complex.
Maar wanneer beginnen ze met het park.
Ehm, dat zat hier niet. Binnenkort.
Binnenkort kan alles zijn.
Ja, dat is waar.
Hoe groot is het park?
Groot.
Heel groot. Voor veel mensen.
Met boemen en gras.
Ja, met boemen en speelplaatsen.
Oh, voor kinderen?
Ja, voor kinderen en families.
Dat is fijn. Kinderen spelen graag.
Ja, mijn nichtje speelt altijd buiten.
Zie je? Een park is goed.
Ja, maar het is nog steeds gevoelig.
Ja, heel gevoelig. Dat blijft.
De mensen moeten het goed doen.
Ja, met respect.
Veel respect.
Dat hoop ik. Dat is belangrijk.
Anders zijn mensen boos.
Ja, heel boos. Dat begrijp ik.
Ja, het is nieuws.
Groot nieuws.
Ja, interessant nieuws.
En een beetje raar ook.
Ja, een beetje raar.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze