

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Kijk, daar is de nieuwe vlet.
Waar dan?
Daar, die grote.
Zie je hem?
Oh ja, hij is heel hoog.
Hoeveel verdiepingen heeft hij?
Ik weet het niet.
Misschien twintig.
Er zijn veel nieuwe flats nu.
Ja, overal.
Waarom eigenlijk?
Er zijn veel mensen, ze hebben huizen nodig.
Klopt, maar de flats zijn duur.
Echt waar?
Hoe duur?
Heel duur.
Ik denk 400.000 euro?
Of meer.
Het is gek.
Dat is veel geld.
Ja, jonge mensen hebben geen geld.
Nee, zij kunnen geen flat kopen.
Dat is een probleem.
Ja, een groot probleem.
Heb je het nieuws gelezen?
Welk nieuws?
Over de huizen.
Het staat online.
Nee, ik lees niet veel nieuws.
Ik ook niet.
Wat zegt het?
Er zijn te weinig huizen.
Dat weten we wel.
Ja, maar het wordt erger.
Erger?
Hoe dan?
Meer mensen komen naar Nederland.
Hmm, dat is waar.
Waar komen ze vandaan?
Van overal.
Voor werk, denk ik.
En voor studie ook.
Ja, precies.
Mijn broer studeert hier.
Oh ja, waar woont hij?
Bij mijn ouders.
Hij heeft geen flat.
Zie je?
Het is moeilijk.
Heel moeilijk.
Wat doen we eraan?
Weet ik niet.
Meer bouwen?
Ja, maar dat duurt lang.
Klopt.
Ja, misschien.
Ja, dat is niet goed.
Nee, mensen wachten nu al lang.
Mijn vriendin wacht twee jaar.
Twee jaar?
Waar woont ze nu?
Bij haar ouders.
Ze is 30 jaar.
Dat is niet leuk.
Nee, echt niet.
Ze is niet blij.
Snap ik.
Ik woon ook niet in Nederland.
Waarom niet?
Te duur.
Ik woon in Azië.
Is het daar goedkoper?
Ja, veel goedkoper.
Hmm, interessant.
Maar je familie is hier.
Ja, dat is waar.
Dat is moeilijk.
Mis je ze?
Ja, soms.
Maar ik kom vaak terug.
Goed zo.
Familius belangrijk.
Trouwens.
Die vlet is echt groot.
Ja, er wonen veel mensen daar.
Hoeveel denk je?
Misschien honderd gezinnen?
Wooh, dat is veel.
Ja, het is een klein dorp.
Ha, ja, eigenlijk wel.
Ken je iemand daar?
No, niemand.
Jij?
Nee, ik ook niet.
Ik ken wel iemand.
Mijn buurman.
Oh ja, is hij daar voor het huis?
Ja, vorige maand.
Vindt hij het leuk?
Ja, heel leuk.
Het is modern.
Heeft hij een bakom?
Ja, een klein bakom.
Dat is fijn.
Ja, beter dan niets.
Maar goed, we lopen verder.
Ja, goed idee.
Waar gaan we heen?
Naar het park misschien?
Ja, leuk.
Het is mooi weer.
Oké, laten we gaan.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze