

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Zien jullie het nieuws vandaag?
SOPHIE: Nee, wat is er?
Ik heb geen tijd gehad.
DAAN: Ik lees een artikel.
Het is best interessant.
RICK: Drie mannen zijn aangehouden in Amsterdam.
Drie mannen, allemaal jong.
SOPHIE: Waarom?
Wat hebben ze gedaan?
DAAN: De politie denkt aan een liquidatie.
Een liquidatie, dat is serieus.
RICK: Ja, ze vinden wapens en geld.
Wapens en geld, veel spullen.
SOPHIE: Dat is serieus.
Echt serieus.
DAAN: Wanneer gebeurt dit?
Weet je dat?
RICK: Gisterenochtend, om zeven uur.
Vroeg in de ochtend.
SOPHIE: Wat doen ze nu?
Zijn ze nog bezig?
DAAN: De mannen zitten vast.
Ze zitten in een cel.
RICK: De politie onderzoekt de zaak.
Ze zoeken naar meer bewijs.
SOPHIE: Is er een motief?
Waarom doen ze dit?
DAAN: Dat weten ze nog niet.
Het is nog onduidelijk.
RICK: Ze denken aan een conflict.
Een conflict tussen groepen.
SOPHIE: Tussen wie?
Welke groepen?
DAAN: Tussen bendes, misschien.
Bendes uit de stad.
RICK: Of een afrekening.
Een oude ruzie.
SOPHIE: Eng, zeg.
Ik vind het eng.
DAAN: Ja, maar het is ver weg.
Niet in onze buurt.
RICK: In Amsterdam-West, lees ik.
In een straat daar.
SOPHIE: Daar woon ik bijna.
Mijn vriend woont in Amsterdam-West.
DAAN: Gelukkig niet in die straat.
Jouw vriend woont in een andere straat.
RICK: De politie is alert.
Ze zijn overal aanwezig.
SOPHIE: Wat vinden ze nog meer?
Meer bewijs?
DAAN: Telefoons en contant geld.
Telefoons, geld en een auto.
RICK: Drie mannen, allemaal jong.
Heel jong nog.
SOPHIE: Hoe oud?
Hoe oud zijn ze?
DAAN: Twintig, vijfentwintig en dertig.
Twintig jaar, dat is jong.
RICK: Dat is jong voor zoiets.
Te jong voor een liquidatie.
SOPHIE: Wat gek, toch?
Mensen van twintig doen dit.
DAAN: Mensen doen rare dingen.
Rare dingen voor geld of macht.
RICK: Voor geld, denk ik.
Geld is vaak de reden.
SOPHIE: Of voor macht.
Macht in de buurt.
DAAN: Of voor eer.
Eer is ook belangrijk voor sommigen.
RICK: Eer is ook belangrijk.
Maar eer is niet alles.
SOPHIE: Maar niet om te doden.
Doden is te veel.
DAAN: Nee, dat gaat te ver.
Veel te ver.
RICK: De politie werkt hard.
Ze werken dag en nacht.
SOPHIE: Ze zijn snel, vind ik.
Snel met aanhouden.
DAAN: Ja, drie aanhoudingen al.
Drie mannen in één dag.
RICK: En ze vinden bewijs.
Bewijs zoals wapens.
SOPHIE: Wat voor bewijs?
Meer wapens?
DAAN: Wapens en geld, zei ik.
Wapens, geld en telefoons.
RICK: Ook een auto, lees ik.
Een auto van een ander.
SOPHIE: Een gestolen auto?
Gestolen van iemand?
DAAN: Ja, dat denk ik wel.
Een gestolen auto, dat is logisch.
RICK: De auto is van een ander.
Van een onbekende.
SOPHIE: Wat een gedoe.
Zoveel problemen.
DAAN: Criminelen zijn dom.
Ze maken fouten.
RICK: Soms wel, ja.
Ze laten sporen achter.
SOPHIE: Ze laten sporen achter.
Sporen zoals vingerafdrukken.
DAAN: Gelukkig voor de politie.
Anders vinden ze niks.
RICK: Anders vinden ze niks.
Geen bewijs.
SOPHIE: Precies.
Goed werk.
De politie doet goed werk.
DAAN: Ik hoop dat ze doorgaan.
Dat ze meer vinden.
RICK: De rechtszaak komt later.
Over een paar maanden.
SOPHIE: Wanneer?
In de zomer?
DAAN: Over een paar maanden.
In de herfst, denk ik.
RICK: Dan weten we meer.
Dan horen we het vonnis.
SOPHIE: Hopelijk krijgen ze straf.
Straf voor hun daden.
DAAN: Dat is aan de rechter.
De rechter beslist.
RICK: Ja, die beslist.
De rechter is belangrijk.
SOPHIE: Ik vertrouw de rechter.
Meestal wel.
DAAN: Ik ook, meestal.
Soms niet, maar nu wel.
RICK: Soms duurt het lang.
Lang wachten.
SOPHIE: Maar dat is goed.
Voor een eerlijk proces.
DAAN: Voor een eerlijk proces.
Eerlijkheid is belangrijk.
RICK: Precies.
Laten we eten.
Ik heb trek.
SOPHIE: Goed idee.
Ik heb trek.
Wat eten we?
DAAN: Broodjes met kaas.
Kaas en brood.
SOPHIE: Lekker.
En koffie?
Koffie erbij?
DAAN: Ja, ik schenk in.
Koffie voor iedereen.
RICK: Bedankt.
Tot de volgende.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze