
A2 Dutch News Podcast: Strange Reactions In Real Dutch News

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Je staat dus voor de klas, je kijkt naar je studenten en zij kijken, ja, vol verwachting naar jou.
Ja, de klassieke start van de les, haha.
Precies, en je hebt gewoon precies 50 minuten om ze niet alleen de mechanica van de
Nederlandse taal te leren, maar ze ook zeg maar die subtiele nuances van de Nederlandse cultuur te laten
voelen.
En dat is echt balanceren op een heel dun koord, weet je wel?
Absoluut.
Want hoe transformeer je nou alledaagse gebeurtenissen in boeiende lesstof, zonder dat die studenten
eigenlijk gewoon compleet verdrinken in een soort oceaan van complexe zinsconstructies of nou ja, heel
abstracte regels.
Dat is inderdaad de grote uitdaging voor iedereen die luistert ja.
Dus welkom bij een nieuwe verkenning, laten we dit dus uitpakken.
We hebben vandaag een, ja, best wel een flinke stapel van zeeve kerstversen nieuwsverhalen
op a2-niveau voor ons liggen.
Zeeve stuksmart liefst, ja.
Zeker weten.
En ons missie vandaag de didactische en linguistische rode draad hieruit trekken, zodat jij,
als docent, gewoon direct weet hoe en waarom deze teksten werken in jouw enthietweles.
En speciaal daarvoor hebben we de spreken snelheid en woordkeuzen vandaag ook een beetje afgestemd
op dat a2-niveau.
Ja, wat echt superhandig is, want je kunt sommige van deze fragmenten dus gewoon direct
in de klas laten horen als je dat zou willen.
Precies.
Nou, elk verhaal ontleden we op setting, de kerenwoordenschad, een gematika-punt en natuurlijk
die culturele context.
Inclusief, ja, een concrete lesstip.
Wat mij heel erg ophielt, toen ik door deze stapel heen las, is dat taal eigenlijk gewoon
het allerbest bekleivt als je het koppeld aan iets wat die student al kent.
Oh, hoe bedoel je dat precies?
Nou, gewoon fundamentale, menselijke emoties en van die hele herkennbare, alle daarse situaties.
En we gaan die rode draaden in deze teksten echt ondekken vandaag.
We ticken niet zomaar een leisje af.
Nee, we gaan echt de diep te in.
En laten we direct in dat eerste tema duiken.
Het tema dat eigenlijk de hele dagelijks leven in Nederland regiert.
Het weer.
Ha, ha, ha, ha, huideraard, het gesprek zonderwerp van Nederland.
Echt, he?
En we hebben twee verhalen die perfect laten zien hoe het Hollandse weer een situatie compleet kan
sturen.
In het eerste verhaal staan we op een, ja, compleet verregende kaatsmarkt in Maastricht met
een verkoper die Johan heeft.
Op een maandag was dat, toch?
Ja, precies.
En donderdag is er dan op eens weer een zonnige omzwaai.
En in het andere verhaal staan we op een eiskoudenzaterdag ochtant in Groningen.
Ja, die kaasmarkt in Maastricht, dat is echt een fascinerende tekst.
Voraal omdat het echt hele specifieke, tasdbare dingen gebruikt.
We zien woordenschad als weegschaal, thermoskan.
En het woord neerslag zit er ook in.
Ja.
En het tekst introducert dat heel expliciet, ja, ze leggen echt uit van kijk, neerslag, dat
is eigenlijk een moeilijk woord voor regen.
Wat echt een heel slim trucje is van de schrijver, maar waar ik de grootste didactische
waarde zie in deze tekst, is hoe ze die druilige natte setting gebruiken om het voegwoord
maart te introduceren.
Oh ja, dat is een heel goed punt.
Je leest dan zinne als het regent hart, maar Johan wacht.
Of Johan houdt van zijn werk, maar niet van regen.
Waarom is dat woordje maar nou zo'n grote stap voor een a2-student?
Nou, kijk, omdat Maar eigenlijk een verwachting doorbreekt, he?
Bij het leren van een taal in die beginvase is alles vaak heel erg linear.
Dus ik ben Johan, ik verkoop kaas.
Heel veilig, ja.
Precies.
Maar zodra je Maar introduiseerd, creëert je een soort frikzie.
Je leert de student dat er een opstakel is, de regen in dit geval, maar dat de actie desondans
gewoon doorgaat.
Johan wacht.
En dat bereidt ze dan ook nog is perfect voor op die klassieke Nederlandse mentaliteit, iedereen
zit he, je weet wel, geduld is een schonezaak.
Exakt.
Hij wacht gewoon op die zon op donderdag, en een hele leuke klasroundtip hierbij laat je studenten
gewoon een ronde spel doen in de les.
Oh, kaasverkopen, zo.
Ja, ze spelen Johan en de klant, ze moeten kaaskopen, afrekenen, maar het allerbelangrijkste
in dat gesprek moet zijn, klagen over het weer.
En dan toch die jonge of belege kaasverkopen.
Geweldig, ja, typisch Nederland.
Maar goed, als er dan hebben over verwachtingen die doorbreken worden, laat we naar dat tweede
verauw gaan, een rustige ochtend op het plein in Gronie.
Ja, het is ook prachtig.
Maar we moeten je wel even duidelijk zijn over de tekst zelf, want de context is dat mensen
boos zijn op de regering over regels voor mensen uit andere landen.
Klopt.
Maar de tekst zelf kiest absoluut geen kant, toch?
Het is echt puurveitelijk, en het draait er eigenlijk vooral om dat de hele actie in het watervalt
door de kou.
Ja, volstrekneutrouw, het neemt absoluut geen positie in, maar wat de tekst wel echt projant doet,
is ze spelen met die verwachting verses de realiteit.
Want er is helemaal niemand.
Precies, je leest over die grote politieke onvreden, waarop het plein staan misschien
tien mensen met borden van carton te blauwekken onder een boom.
Het is gewoon simpelweg te koud.
Is het Nederlandse weer dan eigenlijk de beste vredes onderhanden laar die we hebben?
Zo zou je het bijna kunnen zien, ja.
Want in plaats van demonstreren duiken ze uiteindelijk gewoon met elkaar de warmen bakker in voor
koffie en appeltuert.
Oehul-Landse gezelligheid, maar grammaticaal gezien?
Oh, grammaticaal is dit echt een goudmijn voor het imperfectum, de verleden tijd.
Vooral om een verwachting uit te drukken die dus niet is uitgekomen.
Zoals in Johan dacht dat het druk zou zijn.
Ja, of hij verwachten veel mensen.
Want voor een a2 student is de verleden tijd vaak alleen maar een manier om een feitje op te
noemen.
Ik vietste naar de markt, maar hier gebruiken ze het voor iets abstracts.
Om iets te beschrijven wat alleen in hun hoofdbestond eigenlijk.
Precies.
En om dit in de klast te oefenen kun je als docent een hele leuke discussie starten.
Vraag je studenten gewoon wat zou jij doen op een eiskoude zaterdag ochtend?
Ga je demonstreren of naar de bakker?
Ha-ha!
Ja, je dwing ze dan om die woorden schat, woorden als regering, actie, appeltuert te gebruiken
om hun eigen keuze te verdedigen.
Echt een super goede oefening.
Goed, we stappen even ab van het weer en we gaan naar onze tweede setting, technologie,
dicht bij huis en heel verweg.
We hebben een verhaal over drones in Delft en één keer over een enorme ruimte-telescope in Arnhem.
Ja, het observeren van de wereld door een lens eigenlijk.
Ja, precies.
Hoe transfermier je zo iets abstract nou in a2 vocabulary?
Laat we kijken naar dat verhaal in Delft.
We zitten in een woonkamer op zaterdag ochtend.
Is hoe de tekst een soort van globale paranoia afzet tegen een hele kleine lokale hobby?
Ja, er is een vriend nieuwsbericht over Cubans drone die naar Florida vliegen, toch?
Ja, heel sensationeel nept nieuws, eigenlijk.
Maar aan de andere kant heb je iemand die gewoon lacht een kleine drone parkt, een vliegende
machine en daarmee gewoon onschuldige foto's van de bomen en de bloemen in de tuin gaat maken.
Dat nuchteren Nederlandse perspectief weer.
Maar grammaticaal gezien draait dit verhaal echt om vragenzinnen niet waar?
Absoluut, het maken van vragenzinnen met vragenwoorden.
Johan snapt er niks van en vuurt allemaal vragen al voor Peter.
Wat ga je er mee doen?
Hoe werkt het? Waar zitten de knoppen?
Oh, dat is eigenlijk de perfecte manier om die teoriën te oefenen.
Zeker weten, omdat het gedreven wordt door natuurlijke nieuwsgierigheid.
Een mooie tip voor in de klas is dan ook laat je studenten vertellen over een
vreemd verhaal dat ze onlangs ergens gelezen of gezien hebben op een telefoon op zo.
En dan laat je de rest van de klas daar vragen overstellen met die vragenwoorden.
Precies, dan zijn ze onbewust bezig met de grammatica, maar focussen ze zich op het verhaal.
Heel slim.
Oké, dan gaan we van die delfse tuin naar de ruimte.
Het museum in Arnhem waar Lisa en Tom aan een enorme telescope werken.
Een grote camera wordt het ook wel genoemd in de tekst.
Ja, een grote camera voor een raket. Dat houdt het lekker tasbaar.
Maar hier wordt het pas echt interessant vind ik, want de grammatica hier gaat over voorwaardelijke zinnen.
Wat als?
Ja, klopt.
Lisa stelt die enorme existentieële vraag wat als we een tweede aarde vinden.
Gaan we daar dan wonen?
En dan Tom, oh, ik moest zo lag om Tom.
Hij kijkt naar zijn eten en zegt eigenlijk, nou, ik blijf liever op aarde, want hier hebben we te minst de stroopwafels.
Ha, ha, ja, z'n weldag toch.
Die enorme ruimte droomen worden gewoon direct afgezet tegen de liefde voor een stroopwafel.
Hollandse nuchterheid en top.
Nou, de tekst zit vol met woorden als telescope, planeet, foutje.
Laat je studenten eens opschrijven, welke drie alle dagse dingen zij zouden meenemen in een raket naar een nieuwe planeet.
Oh, wow, dat is een hele leuke opdracht.
Ja, ze moeten dat voorwaardeelijke wat als gebruiken, en ze verbinden het direct aan hun eigen identiteit, hun eigen cultuur en eten.
Mooi.
Van het ook zevielen op een afstandje met camera's gaan we nu naar het direct ingrijpen.
Deel drie van deze verkening draait echt om veiligheid, regels en actie.
Dit zijn teksten waar de inzet in een stuk hoger ligt ja.
Ja, we hebben een veilige zaterdag op de amateurvoetbalclub in Harlem en een best wel bloedstollende tekst over een heete dag in Valencia Spanje.
Laten we beginnen in Harlem.
Zaterdag ochtend, koudelucht, warmerkantine, tosties.
Typisch de zaterdagse voetbalkultuur.
Maar de ondertone is helemaal niet zo gezellig, toch?
Want Vader Johan maakt zich zorgen om zijn zoon in de kleedkamer door een nieuws bericht over een schijtvrechter of trainer.
Klopt, er is angst over telefoons en privacy in de kleedkamer.
En grammatical wordt dit prachtige koppeld aan het geven van redenen.
Oh, met omdat en wand, exact, dat is een klassiek struikoblog voor veel NT-2 studenten.
De woordvolgerde verandert bij omdat, maar bij wand niet.
Ja, dat is altijd even puzzelen.
In de tekst zie je heel mooi, Johan maakt zich zorgen omdat hij wil dat Tim veilig is.
Die complexe, emotionele zorg gebruikt omdat.
En wat is de zin met wand dan?
Johan loopt naar de kantine, wand, hij heeft het koud, een hele simple, fysieke behoefte.
Ah, dat is echt heel slim opgebouwd.
En gelukkig vertelt de manager dat er een streng telefoon voorbod is, dus de veiligheid is gegrandeerd.
Hoe trek je deze setting dat voetbal naar de student toe?
Nou, vragen ze gewoon in de klas welke sporten er in hun thuisland heel populair zijn in het weekend.
Wordt er dan ook soms met auto's gereden, koffie gedroenke langste lijn?
Je betrekt hun eigen cultuur er weer bij, maar dan, oké, dan moet we naar die tekst in Valencia.
Dit is echt een escalatie, hè?
Een ongelofelijk spannende tekst.
Ja, een extreem heete zomerdag.
De Nederlandse Tourist, Lucas, zoekt Schaduw in een smalestraat.
En dan vindt hij een huilende baby in een afgesloten bloedheten rode auto.
Geen oders in de buurt.
Ja.
Hij aanzeld niet, pakte een zware steen en slaat dat voorraam in.
Maar, ik vraag me dan wel af als advocaat van de duivel, hè, is zo'n dramatisch verhaal.
Niet veel te zwaar voor een a2-less.
Dit roept een heel belangrijke vraag op je.
Veel docenten zijn een beetje huiverig voor dit soort spanning, maar vanuit taalverwerving is het antwoord eigenlijk nee.
Echt niet?
Nee, het is juist fantastisch.
Spandingsorgternamelijk voordat de woordenschad veel beter bekleivt.
Worden als gevaarlijk of apotheek.
De emotie, dat limbische systeem in je brijn, dat draait eigenlijk het leerproces op zo'n moment.
Je vergeet de woordenschad niet meer, omdat de situatie zo heftig was.
Precies.
En het grammatica punts sleiter perfect op aan, de gebiedende wijs.
De imperatief.
Voor advies en waarschuwingen.
Pas op, of laat nooit een kind alleen achter.
En hoe verwerkt je dat dan in een less, zonder dat het allemaal veel te donken of paniek erer wordt?
Maak het praktisch.
Zet je studenten in groepjes en laat ze bespreken wat zij zouden doen in een noodgeval op straat.
Wat ze zouden roepen, wie ze zouden bellen.
Ja, met hele korte, dwingende zinnen in die gebiedende wijs.
Het geeft ze taal om handelend op te treden en dat geeft weer een soort gevoel van controle.
Oké, nou, die intensen hitte en actie is het denk ik tuut voor een heel anders soort crisis.
Deel vier over de gaals van het verhuizen.
Ha ha, ja, de ultieme relatie test toch, verhuizen.
Zeker.
We zijn in een appartement op drie hoog in de haag.
Lisa gaat verhuizen en het is een enorme banden.
En dan komt die humoren.
Ze ziet al die felne zakken het schoomakmedel alles door elkaar.
En het wordt crisis wordt dan een eens heel lokaal en persoonlijk ingezet.
Geen politieke crisis, maar een verhuiskrisis.
Ja, de gaal is in de kamer.
Wat is hier het grammatica-punt?
Het afstemmen van bijvoeglijke naam worden.
De beruchten buigings ei.
Oh nee, dat is altijd zo lastig.
Zeker.
Maar omdat die wonkamer vol licht met spullen, werkt het hier als een soort visueelig kapstok.
We lezen over een leelijke truil, het grote raam, bruine dozen.
Dus die regels over wanneer er wel of geen ei achteren bijvoeglijk naam wordt komt, worden steeds heel tastbaar gemaakt met die rommel.
Helemaal.
En als docent kun je hier een ontzettend leuke oefening mee doen.
Vertel.
En daar direct een bijvoeglijk naam wordt voorzetten.
Ze pakken als het waren de doos in de klas in.
Ah, dus ze zeggen, ik stop de rode zonderbril en het kleine boek in de doos.
Ja, dan herhalen ze die kleding en meubel worden en ze oefenen de buigings ei.
En het voet gewoon als een spelletje over verhuizen.
En oh, vergeet niet de culturele context hier.
Je vrienden betalen met pizza.
De bezorger die aan het eindpizza brengt, ja.
De ultieme Nederlandse doet zelf verhuiskultuur.
Je wordt betaald in bier en pizza.
Ja, heel herkendbaar toch?
Absoluut.
Nou, daarmee komen we eigenlijk aan het einde van onze analyse.
Als je kijkt naar wat we allemaal hebben besproken.
We gingen van de regenachtige kaasmarken in Maastricht.
En die eiskoude demonstratie in groningen.
Ja, tot de hitte in Spanje en die grote ruimte dromen in Arnhem.
En dan weer terug naar de voetbalclub in Harlem en een haag zich vlet vol bruine dozen.
Het toont wel echt aan hoe alle dagse a2-niveau teksten helemaal bom vol zitten
met bruikbare grammatica en culturen.
Dat is precies wat ik in het begin bedoelde, ja.
Het is niet droog, het is niet kinderuchtig, mids je het goed aanvliegt.
Je houdt de complexiteit uit de grammatica door het te verankeren in iets wat ze gewoon kennen.
En op jou, de docent die nu luistert, met iets extra creatiefs achter te laten,
hebben we niet nog een leuke wat meer provoceren de uitdaging voor ze bedacht.
Zeker weten.
En dit is echt een superleukenoptracht voor je volgende les.
Wat gebeurt er als ze de elementen uit deze verschillende verhalen met elkaar gaan kruizen?
Oh, een soort mash-up.
Ja, laat je studenten eens een kort verhaal schrijven waarin Tom en Lisa,
je weet wel die je dromers uit dat ruimte museum in Arnhem,
dat die dat werkelijk naar die nieuwe plan neet gaan verhuizen.
Oké, dus ze stappen in die raket, maar dan...
Maar dan moeten ze de woordenschad van die haagse verhuiskriezes gebruiken.
Dus ze staan daar met hun zware vellen zakken en hun bruine dozen in dat ruimte schip?
Ja, neem ze die ledige trui mee, komt de bezorger met pizza nog even langs op de tweede aarde.
En natuurlijk zijn de stroopbavels wel netjes ingepakt.
Dat is echt priljant, dat dwingt de studenten om die volkabeler compleet uit hun normale context te trekken.
En er gewoon mee te spelen. En daar leer ik als echt van.
Absoluut dat verlagde drempel om fouten te maken enorm,
omdat het zo grappige situatie is.
Dat is echt een fantastische afsluiter.
Goed, we hopen dat je hier enorm veel inspiratie uit hebt gehaald.
En vergeet niet dat deze hele verkening natuurlijk perfect samenwerkt
met de slide decks en mine maps uit je lespakketten.
Precies gebruik het lekker allemaal door elkaar heen.
Ontzettend bedankt dat je de tijd hebt genomen om de meeganisme achter deze zeven verhalen
samen met ons te doorgronden.
Heel veel succes en vooral heel veel pazier in je volgende en t2 les.
Tot de volgende keer.
Tot de volgende verkening.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze