
Voetballer wil/kan geen contributie betalen - wat te doen?

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Er is een man, de man houdt van voetbal.
Hmm, hij speelt voetbal bij een club.
De club vraagt geld.
Dat geld heet contribuutie.
Maar de man betaalt niet.
De man heeft geen geld.
De man heeft misschien schulden.
Hij praat niet over zijn problemen.
Hij praat niet over zijn geld.
Hij praat niet over de contribuutie.
Er is ook een andere man.
Deze man is de penningmeester.
De penningmeester zorgt voor het geld van de club.
Hij vraagt waarom betaal je niet.
Maar de voetballer praat niet.
Hij zegt niets.
Er is nog een man.
Deze man is de aanvoerder.
De aanvoerder zegt ik betaal voor jou.
Maar de voetballer zegt nee dat wil ik niet.
De penningmeester denkt na.
Wat moet hij doen?
Moet de voetballer weg?
Nee, de voetballer is goed.
De club wil de voetballer houden.
De penningmeester heeft een plan.
De voetballer kan helpen.
Hij kan werkt doen voor de club.
Hij kan helpen in de cantine.
De penningmeester zegt tegen de voetballer.
Jij helpt in de cantine.
Dan betaal je geen contribuutie.
De voetballer denkt na.
Hij zegt, ja, dat is goed.
Ik help in de cantine.
De penningmeester is blij.
De voetballer is blij.
De club is blij.
In de cantine werkt de voetballer hard.
Hij helpt veel.
Hij maakt de cantine schoon.
Hij verkopen eten en drinken.
De voetballer heeft geen geld.
Maar hij heeft een club.
Hij heeft voetball.
Hij is blij.
En de club is ook blij.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze