Dutch Fluency
Find my level
Login
Play me!

De bus is geen dier

Het was een koude, grijze ochtend in een klein dorpje vlakbij Den Haag.

Mijn naam is Sanne, en ik sta bij de bushalte.

Ik wacht op bus nummer 12.

Mijn handen zijn koud, want ik ben mijn handschoenen vergeten.

Ik voel de koude wind in mijn gezicht.

De lucht is donker en het regent een beetje.

Ik hoor de regen op het dak van de bushalte tikken.

Het is een zacht geluid.

Ik hoop dat de bus snel komt, want mijn jas is niet dik genoeg.

Mijn voeten zijn ook koud, maar ik beweeg ze een beetje om warm te blijven.

Na een paar minuten zie ik de bus.

Hij is groot en geel.

De koplampen schijnen in de regen.

Het is een mooi gezicht.

Ik stap in en zeg 'goedemorgen' tegen de chauffeur.

Hij is een man met een bril en een grijze trui.

De trui ziet er warm uit.

Hij kijkt naar me en knikt.

Ik ga zitten bij het raam.

Het raam is een beetje nat van de regen.

Er zijn niet veel mensen in de bus.

Een oudere vrouw leest een boek.

Ze heeft een bril op en draait langzaam de pagina's.

Een jongen luistert naar muziek met zijn koptelefoon.

Hij wiegt een beetje met zijn hoofd.

De bus ruikt naar schoonmaakmiddel en een beetje naar koffie.

We rijden door de straten.

De regen maakt geluid op het dak van de bus.

Na een tijdje stopt de bus.

De deur gaat open, maar er komt niemand in.

De chauffeur wacht.

Hij zegt niets.

Ik kijk naar buiten.

Ik zie geen iemand bij de bushalte.

Het is stil.

De bus blijft stil.

De chauffeur roept: 'Kom maar!

Jij bent veilig hier!' Zijn stem is luid en vriendelijk.

Ik kijk naar de andere passagiers.

De vrouw kijkt op van haar boek.

Ze fronst een beetje.

De jongen haalt zijn koptelefoon af en kijkt naar de deur.

De chauffeur roept weer: 'Kom, kom!

De bus is geen dier!

Hij eet je niet op!' Zijn stem echoët een beetje in de bus.

Er komt nog steeds niemand.

De chauffeur zucht en rijdt verder.

De bus maakt een zacht geluid als hij optrekt.

Na een paar minuten stopt de bus weer.

Het is dezelfde situatie.

De deur open, geen passagier.

De chauffeur wacht.

Dan zegt hij: 'Hallo, meneer!

Stap in!

De bus is geen gevaarlijk dier!' Ik begin te lachen.

De oude vrouw lacht ook.

De jongen lacht hard.

De chauffeur hoort ons lachen.

Hij kijkt achterom en lacht ook.

Zijn ogen lachen mee.

Hij zegt: 'Sorry, hoor.

Mijn werk is saai.

Ik probeer het leuk te maken.

Deze bus is geen dier.

Maar sommige mensen zijn bang.

Ze denken dat de bus hen kan bijten.' De vrouw schudt haar hoofd, maar ze glimlacht.

De jongen zegt: 'Mooi verhaal, meneer!' en zet zijn koptelefoon weer op.

We lachen allemaal.

De bus rijdt door.

De chauffeur zegt nog twee keer hetzelfde tegen niemand.

Het is grappig en een beetje raar.

Ik voel me blij.

De reis is vrolijk.

De regen stopt een beetje.

Als ik uitstap, zeg ik: 'Bedankt, meneer!

U maakt de bus leuk!' Hij knipoogt en zegt: 'Graag gedaan.

Vergeet niet: de bus is geen dier.' Ik loop naar mijn werk.

De lucht wordt lichter.

Ik denk aan de chauffeur.

Hij is een bijzonder mens.

Soms is het leven saai.

Maar je kunt het leuk maken met kleine dingen.

Een grapje, een glimlach, een gekke zin.

De bus is geen dier.

Maar de chauffeur wel een grappig mens.

Ik glimlach als ik verder loop.

De dag begint goed.

Tot de volgende.

Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze