

Audio1x
Speed
Pause
PracticeRead
Mode
Woordenschat
Stel je voor. Je bent in een oorlog. Je vecht voor je leven, dag naar dag.
En dan vind je op eens een huis. Een huis dat er nog precies zo uitziet als voor de oorlog.
Geen kapotramen, geen gaten in de muur, geen soldaten, gewoon een huis.
Dat is precies wat er gebeurt in het behoude huis, een boek van WF Hermans uit 1951.
Het is een kort boek, maar het laat je niet los.
Vandaag neem ik je mee naar een oorlog die je nooit precies kunt plaatsen.
Geen datum, geen land, geen namen van steden.
Alleen een man, een huis en een veiant die overal kan zijn.
Ik ben Rick van Dutch Fluency en dit is Boekie Soats.
Vandaag het behoude huis.
Het verhaal begint in een oorlogsgebied. We weten niet precies waar.
Het is ergens in Europa tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De hoofdperson is een Nederlandse man.
Hij vecht aan de kant van het verzet tegen de Duitsers, maar hij is niet in Nederland.
Hij is ver van huis, in een land dat door de oorlog is verwoest.
Hij is een partizan, een verzetstrijder.
Samen met andere mannen vechtheid tegen de bezetter.
Ze leven in bossen, in schaalplaatsen.
Alltijd bang om ontdekten worden.
De man is moe, hij heeft honger.
Hij heeft geen naam in het boek.
Hij is gewoon de ik person.
Dat is belangrijk.
Hij is iedereen en niemand tegelijk.
Je leert hem kennen als iemand die wil overleven, maar hij worstelt ook met wat hij heeft meegemaakt.
Hij is niet heldhaftig, hij is gewoon een mens in een verschrikkelijke situatie.
Hij denkt aan thuis, maar hij weet niet of hij daar ooit komt.
Hij kijkt naar de mannen om zich heen.
Sommige zijn jong, andere oud.
Ze zeggen weinig, ze wachten op het volgende bevel.
De man doet wat hem gezegd wordt.
Hij probeert niet op te vallen, hij wil gewoon de nachtdoor komen.
Soms hoort hij iets in de verte, dan houdt iedereen zijn aadem in.
Zo begint het verhaal.
Geen datum, geen plaats.
Alleen een man in een oorlog.
De andere personages zijn vaak.
Er zijn andere verzetstrijders, maar je leert ze niet goed kennen.
Ze zijn er, ze vechten, ze sterven.
De veiant is ook vaak.
Soms zie je duitsen soldaten, maar vaak zijn ze alleen geluiden.
Schoten in de verte, voetstappen in de nacht.
Dat maakt het verhaal beklemmend.
Je weet nooit wie je kunt vertrouwen.
En dan is er het huis.
Het huis is bijna een personage.
Het is het enige wat nog heel is in een wereld die kapot is.
Waarom is dat huis niet beschadigd?
Dat is de grote vraag.
En het antwoord is niet envoudig.
De mannen praten er niet over.
Ze hebben het te druk met over leven.
Maar de man denkt er wel aan.
Hij stelt zich voor hoe het zou zijn om binnen te zijn.
Warm, veilig, met een dakboven zijn hoofd.
Geen schoten, geen angst.
Dat beeld blijft in zijn hoofd.
Het huis wordt een idee.
Een plek die misschien niet bestaat, maar hij hoopt dat het echt is.
En dat hij het ooit zal vinden.
Tot die dag vecht hij door met de andere mannen.
In het donker, in de kou, in de oorlog.
Op een dag is de man alleen.
Hij is gescheiden van zijn groep.
Hij loopt door een verlaten landschap.
Overal om zich heen ziet hij verwoest in.
Er zijn kapotte huizen, er zijn verbranden bomen, er zijn lijken van dieren.
De lucht is stil, er is geen mens te zien.
Dan ziet hij iets in de verte.
Een huis, een groot wit huis.
Het ziet er normaal uit.
Geen schade, geen tekenen van oorlog.
De man kan het niet geloven.
Hij loopt naar het huis toe.
De deur is niet op slot.
Hij gaat naar binnen.
binnen is het rustig.
Er staat meubels, er hangen gordijnen, er is een keuken met pannen.
Het lijkt wel of er net iemand is weggegaan.
De man voelt zich vreemd.
Hij is in oorlog, maar dit huis is vredig.
Hij besluit te blijven. Hij heeft geen keuze. Hij is moe en hongerig. Hij wast zich bij de kraan.
Het water is koud, maar schoon.
Hij zoekt in de keuken, hij vind brood en een pot met groente.
Hij eet langzaam, hij luisterd naar de stilte.
Dan loopt hij naar de slaapkamer.
Er staat een groot bed met witte lakens.
Hij gaat liggen.
Het matras is zacht, hij sluit zijn ogen.
Voor het eerst in maanden voelt hij zich veilig.
Hij valt in slaap.
Buiten wordt het donker.
Het huis blijft stil.
De man slaapt door.
Hij droomt niet.
Hij is even niet in de oorlog.
Maar dan komt de eigenaar terug.
Een man en een vrouw.
Ze openen de deur.
Ze zien de hoofdpersoon.
Ze zijn verrast.
De vrouw doet een stap achteruit.
De man blijft staan.
De hoofdpersoon zegt dat hij een verzetsstrijder is.
De eigenaren lijken Duitsers te zijn.
Of in ieder geval mensen die met de duitsers samenwerken.
Ze zijn bang.
De hoofdpersoon zegt dat hij het huis nodig heeft.
Hij doet alsof hij een officier is van het verzet.
Hij liegt.
Hij zegt dat hij het huis vordert in naam van de bevrijding.
De eigenaren durven niets te doen.
Ze blijven in hun eigen huis.
Maar ze zijn nu gasten.
De man neemt de rol van baas op zich.
Hij eet hun eten.
Hij slaapt in hun bed.
Hij geeft hen opdrachten.
Langzaam wordt hij wreed.
Hij geniet van zijn macht.
Hij slaat de man.
Hij vernedert de vrouw.
Hij wordt precies zoals de vijand die hij haat.
Het huis blijft heel.
De muren zijn nog wit.
De ramen zijn nog oneindig.
Maar de mensen erin raken beschadigd.
De eigenaren zeggen niets.
Ze kijken naar de grond.
De man lacht.
Hij voelt zich sterk.
Hij vergeet wie hij was.
Hij is nu de baas.
En dat is genoeg.
De volgende dag zit de man in de keuken.
Hij hoort geluiden buiten.
Voetstappen op het grind.
Hij staat stil en luistert.
Dan hoort hij stemmen.
Het zijn Duitse stemmen.
De eigenaren zitten aan de tafel.
Hun handen trillen.
De vrouw kijkt naar de deur.
De man zegt niets.
Hij staat op en loopt naar de gang.
Er wordt hard op de deur geklopt.
Drie keer.
De mannen binnen houden hun adem in.
De hoofdpersoon blijft rustig.
Hij doet de deur open.
Buiten staan twee soldaten in uniform.
Ze kijken hem aan.
Hij groet hen in het Duits.
Hij zegt dat hij officier is.
De soldaten knikken.
Ze vragen iets.
Hij antwoord kort.
Zijn stem klinkt kalm.
De soldaten geloven hem.
Ze draaien zich om en lopen weg.
De deur gaat.
Even tussen door.
Bedankt voor het luisteren.
Reageer onder deze aflevering.
Of stuur me een DM op Instagram.
Dan stuur ik je een speciale kortingskode
voor de interactieve versie van deze aflevering.
Veel plezier verder met het verhaal.
Dicht.
De eigenaren zitten nog steeds aan de tafel.
Ze zeggen niets.
De man kijkt hen aan.
Hij lacht.
Hij vindt het grappig.
De eigenaren kijken naar hem alsof ze hem niet meer kennen.
Ze denken nu dat hij echt een duitser is.
De man loopt door het huis.
Hij voelt zich sterk.
Hij heeft het huis.
Hij heeft de mensen.
Hij heeft de leugen.
Hij is een verzetsstrijder die zich voordoet als Duitser.
Hij woont in een huis dat van duitsers is.
Alles is verwarrend.
De oorlog maakt mensen tot acteurs.
Je weet niet meer wie goed is en wie slecht is.
De man geniet van zijn rol.
Hij geeft de eigenaren opdrachten.
Hij eet hun eten.
Hij slaapt in hun bed.
Hij voelt zich machtig.
Maar dan komt er een keerpunt.
De volgende dag hoort de man weer geluiden.
Deze keer zijn het meer voetstappen.
De echte Duitse soldaten komen terug.
Ze zijn met meer dan eerst.
Ze hebben gehoord dat er een verzetsstrijder in het huis is.
Ze omsingelen het huis.
De man hoort hen praten.
Hij hoort het woord partizaan.
Hij probeert weer te liegen.
Hij doet de deur open.
Hij groet hen in het Duits.
Maar de soldaten geloven hem niet.
Een van hen pakt hem bij zijn arm.
De man probeert zich los te maken.
Het lukt niet.
De soldaten slepen hem naar buiten.
De eigenaren kijken toe.
Ze zeggen niets.
Ze doen geen stap.
De man schreeuwt naar hen.
Ze kijken weg.
De soldaten slaan hem.
Ze schoppen hem.
Ze schelden hem uit.
Hij is nu geen baas meer.
Hij is een gevangene.
De rollen zijn omgedraaid.
De man die zich sterk voelde is nu zwak.
De man die macht had is nu machteloos.
De oorlog straft iedereen.
Ook degenen die denken dat ze de regels kunnen breken.
Ze duwen hem in een vrachtwagen.
Hij zit tussen andere gevangenen.
Hij weet niet waar hij naar toe gaat.
Misschien naar een kamp.
Misschien naar de dood.
De vrachtwagen rijdt weg.
Het huis blijft achter.
Nog steeds heel.
Nog steeds beschadigd.
De vrachtwagen rijdt door het landschap.
De man zit tussen andere gevangenen.
De man zit op een harde bank.
De vrachtwagen schudt op de kapotte weg.
De man kijkt naar buiten door een klein raam.
Buiten ziet hij kapotte huizen.
Hij ziet verbrande bomen.
Dan ziet hij het huis.
Het huis gaat langzaam voorbij.
Het is nog steeds wit.
Het is nog steeds heel.
De man kijkt naar het huis.
Hij zegt niet tegen de andere gevangenen.
Hij denkt aan het huis.
Hij denkt aan de kamer waar hij sliep.
Hij denkt aan het bed.
Hij denkt aan de keuken.
Hij denkt aan de mensen die daar woonden.
Hij heeft daar nooit echt gewoond.
Hij was er maar tijdelijk.
Net zoals hij tijdelijk in de oorlog was.
Alles is tijdelijk, denkt de man.
Zijn leven is tijdelijk.
Zijn macht is tijdelijk.
Zijn haat is tijdelijk.
Het huis blijft.
De oorlog gaat voorbij.
Maar de mensen die erin hebben gewoond zijn veranderd.
De man is niet meer dezelfde.
Hij heeft dingen gedaan die hij nooit had gedacht.
Hij heeft mensen pijn gedaan.
Hij heeft gelogen.
Hij heeft zichzelf verloren.
En nu is het te laat.
De vrachtwagen stopt.
De deuren gaan open.
De man stapt uit.
Hij ziet een groot gebouw.
Het lijkt op een gevangenis.
Hij gaat naar binnen.
Het verhaal eindigt.
We weten niet wat er met hem gebeurt.
Dat is het punt.
In een oorlog weet je nooit wat er gebeurt.
Je leeft van moment tot moment.
En soms overleef je, soms niet.
Wat betekent dit boek?
Het laat zien dat oorlog mensen verandert.
De hoofdpersoon is geen held.
Hij is een overlever.
Hij doet wat nodig is om te blijven leven.
Maar hij verliest zijn moraal.
Hij wordt wreed.
Hij wordt een ander mens.
Het huis is een symbool.
Het is het enige wat niet veranderd.
De oorlog gaat door, maar het huis blijft staan.
Dat is vreemd.
Het is alsof het huis niet meedoet aan de oorlog.
Alsof het neutraal is.
Maar de mensen in het huis zijn niet neutraal.
Zij zijn deel van de oorlog.
Zij lijden.
Zij doen pijn.
Het boek zegt: je kunt niet ontsnappen aan de oorlog.
Zelfs als je een heel huis vind, blijft de oorlog in je hoofd.
Je neemt het mee.
De man neemt de oorlog mee naar binnen.
En uiteindelijk wordt hij er door verslagen.
De man is Nederlander.
Maar hij doet alsof hij Duits is.
Hij is verzetsstrijder, maar hij gedraagt zich als een bezetter.
Hij is slachtoffer, maar hij wordt dader.
Wie is hij echt?
Dat weet hij zelf niet meer.
De oorlog maakt alles onduidelijk.
Je kunt niet meer zeggen, ik ben goed, zij zijn slecht.
Iedereen doet slechte dingen.
Iedereen probeert te overleven.
Dat is de tragiek van het boek.
Er is geen held.
Er is alleen een man die probeert te leven in een wereld die geen leven toestaat.
Het boek eindigt zonder hoop.
De man wordt meegenomen.
We weten niet of hij vrij komt, maar het huis blijft.
Dat is het enige wat over blijft.
Een leeghuis.
Onaangeraakt door de oorlog.
Het is een beeld dat je bij blijft.
Je ziet het voor je.
Een wit huis in een kapot landschap.
En je vraagt je af, waarom is dat huis niet beschadigd?
Misschien omdat het geen verhaal heeft.
Mensen hebben verhalen.
Mensen hebben pijn.
Mensen hebben schuld.
Het huis niet.
Het huis is gewoon een huis.
En dat is precies wat de hoofdpersoon wil zijn.
Gewoon een man.
Maar dat kan niet.
De oorlog maakt van iedereen een verhaal.
Vaak een verhaal zonder einde.
Ik vind dit boek bijzonder omdat het zo kort is, maar zoveel zegt.
Hermans schrijft zonder emotie.
Hij beschrijft de verschrikkingen heel rustig.
Wat maakt het nog erger?
Je voelt de kilte.
Je voelt de leegte.
Het is geen boek dat je vrolijk maakt.
Maar het is wel een boek dat je laat nadenken.
Over oorlog, over macht, over wie je bent als alles om je heen kapot gaat.
Als je nederlands leert is dit een goede uitdaging.
De zinnen zijn niet te lang, de woorden zijn niet te moeilijk, maar de betekenis is diep.
Je kunt het lezen als een spannend verhaal.
Je kunt het ook lezen als een waarschuwing.
Oorlog is niet alleen ver weg.
Oorlog zit in mensen.
En soms heb je een huis nodig om dat te zien.
Ik hoop dat je genoten hebt van deze boekisode.
Als je meer wilt leren, kun je naar Dutchfluency.com slash transcripts gaan.
Daar vind je de tekst van deze aflevering.
Je kunt op woorden klikken en dan zie je de vertaling.
Zo leer je sneller en beter.
Blijf lezen, blijf luisteren en tot de volgende keer.
Settings
Text
Mode
Audio
Pause