Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Laat mij het eerst proberen

Noé trok zijn jas aan terwijl zijn moeder een stuk brood in een zakje stopte.

Vanuit de keuken rook hij warme koffie.

Hij was vijftien en had die ochtend vooral zorgen over zijn wiskundetoets.

Buiten hun woning in een Franse stad reden de bussen weer.

De avond ervoor waren er protesten geweest, waardoor verschillende wegen tijdelijk waren gesloten.

Ga rechtstreeks naar school, zei zijn moeder, Claire.

Alsof ik voor mijn plezier ergens anders wiskunde ga doen, antwoordde hij.

Ze lachte en gaf hem zijn brood.

Bij de deur controleerde hij zijn tas.

Boek, schrift, telefoon, alles zat erin.

Het leek een gewone ochtend te worden.

En juist daarom zou hij zich die kleine handelingen later zo goed herinneren.

Op weg naar school ontmoette hij Lucie, die bij hem in de klas zat.

Ze vertelde dat haar vader uren had vastgezeten in het verkeer.

Volgens hem had iedereen recht om te protesteren, zolang hij maar op tijd thuis kon eten.

Noé lachte.

Op het plein waren enkele winkels nog dicht.

Een schoonmaker duwde langzaam een kar langs de stoep.

Vlak bij een bankje zag Noé een klein metalen voorwerp liggen.

Hij dacht dat iemand het verloren had.

Zonder lang na te denken pakte hij het op.

Wat is dat? vroeg Lucie.

Hij wilde antwoorden, maar er volgde een felle lichtstraal en een harde knal.

Zijn oren deden pijn.

Lucie schreeuwde zijn naam.

Daarna herinnerde hij zich alleen losse momenten.

Iemand die naast hem knielde, een jas over zijn schouders en een stem die zei dat er snel medische hulp zou komen.

Toen Noé wakker werd in het ziekenhuis, zat zijn moeder naast zijn bed.

Haar ogen waren rood.

Ze hield zijn linkerhand vast.

Zijn rechterarm lag onder een witte deken.

Een arts kwam rustig uitleggen wat er was gebeurd.

Het voorwerp was door de politie gebruikt tijdens de protesten.

Het kon fel licht en een harde knal veroorzaken.

Noé's rechterhand was zo ernstig beschadigd dat de artsen die niet hadden kunnen redden.

Hij keek naar de deken.

Dus die komt niet meer terug.

De arts schudde haar hoofd.

Claire schoof haar stoel dichterbij.

Ze wilde iets zeggen, maar wist niet wat.

Noé draaide zijn gezicht naar het raam.

Buiten zat een vogel op een hek.

Het dier sprong weg alsof er niets veranderd was.

De eerste dagen wilde Noé weinig bezoek.

Even tussendoor bedankt voor het luisteren.

Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram.

Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.

Veel plezier verder met het verhaal.

Mensen zeiden vaak dat hij sterk moest zijn.

Hij begreep dat ze hem wilden helpen, maar soms werd hij boos van die woorden.

Moet ik nu ook nog goed zijn in sterk zijn?

Vroeg hij zijn moeder? Nee, zei ze.

Vandaag mag je gewoon boos zijn. Morgen trouwens ook.

Dat antwoord hielp meer dan alle verhalen over mensen die ondanks hun problemen bijzondere dingen hadden bereikt.

Thuis bleken gewone taken ineens moeilijk.

Een boterham smeren, een trui aantrekken, zijn tas sluiten.

Claire sprong telkens op om te helpen.

Op een middag trok Noé zijn tas naar zich toe.

Laat mij het eerst proberen.

Ze bleef staan.

Hij worstelde met de sluiting en zuchtte.

Uiteindelijk lukte het.

Dat duurde lang, zei hij.

Ja, antwoordde ze.

Maar je brood loopt niet weg.

Voor het eerst die week moest hij lachen.

Toen hij terugging naar school, had zijn leraar David een gesprek met de klas voorbereid.

Noé mocht zelf bepalen wat hij wilde vertellen.

Hij zei alleen dat vragen stellen beter was dan blijven kijken.

Daarna vroeg iemand of hij nog kon gamen.

Waarschijnlijk beter dan jij, antwoordde Noé.

Er werd gelachen.

Toch voelde de dag zwaar.

Tijdens de lunch probeerde Lucie zijn fles open te maken voordat hij erom had gevraagd.

Je hoeft niet alles over te nemen, zei hij scherp.

Ze legde de fles neer.

Sorry, ik weet soms niet wat handig is.

Ik ook niet, zei hij na een tijdje.

Samen spraken ze af dat ze eerst zou vragen of hij hulp wilde.

Intussen werd onderzocht hoe het voorwerp op het plein terecht was gekomen.

Claire wilde antwoorden.

Wie had erop moeten letten dat het daar niet bleef liggen?

Noé wilde dat ook weten.

Hoewel hij niet iedere avond over het onderzoek wilde praten.

Soms wilde hij alleen horen wat er op school was gebeurd.

Voor een schrijfopdracht koos hij later het onderwerp hulp.

Hij schreef dat hulp prettig kan zijn, maar dat iemand daardoor ook minder ruimte kan krijgen.

Als jullie alles voor mij doen, ontdek ik nooit wat ik zelf kan, stond in zijn tekst.

David vroeg of hij die zin mocht voorlezen.

Noé knikte.

Na school liep hij met Lucie naar huis.

Zijn tas zat nog steeds lastig, en morgen zou er vast weer iets misgaan.

Maar vandaag had hij zelf zijn lunch klaargemaakt.

Dat was genoeg voor vandaag.

Tot de volgende keer.

Bedankt voor het luisteren naar Dutch fluency.

Op Dutchfluency.com vind je de transcriptie en oefeningen.

Spreek Nederlands, zelfs als je stottert. Tot de volgende keer.

0:00
Settings

Text

Mode

Audio

Pause