
Waarom krijgt links de schuld van alles, als rechts de...

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Ik woon in Nederland.
Nederland is een land.
In Nederland zijn er twee groepen.
Er is een groep aan de rechterkant.
Er is een groep aan de linkerkant.
De groep aan de rechterkant is vaak de baas.
Ze maken de regels.
Maar er is een probleem.
Mensen zijn boos.
Ze zijn boos op de groep aan de linkerkant.
Ze zeggen, jullie doen alles verkeerd.
Maar de groep aan de linkerkant is niet de baas.
De groep aan de rechterkant is de baas.
Ze maken de regels.
Ik begrijp het niet.
Ze praten over een probleem.
Het probleem is migratie.
Mensen komen van andere landen naar Nederland.
De groep aan de rechterkant zegt, dit is een probleem.
Ze zeggen, de groep aan de linkerkant maakt dit probleem erger.
Maar de groep aan de rechterkant maakt de regels.
Ze kunnen het probleem oplossen.
Maar ze doen het niet.
Ze praten ook over huizen.
Huizen zijn duur in Nederland.
Mensen kunnen geen huis kopen.
De groep aan de rechterkant zegt, dit is een probleem.
Ze zeggen, de groep aan de linkerkant maakt dit probleem erger.
Maar de groep aan de rechterkant maakt de regels.
Ze kunnen het probleem oplossen.
Maar ze doen het niet.
Ik begrijp het niet.
Waarom zijn mensen boos op de groep aan de linkerkant?
De groep aan de rechterkant is de baas.
Ze maken de regels.
Ze kunnen de probleem oplossen.
Maar ze doen het niet.
Ik denk na.
Ik denk na over Nederland.
Ik denk na over de groep aan de rechterkant.
Ik denk na over de groep aan de linkerkant.
Ik begrijp het niet.
MMMM.
Maar ik blijf denken.
Ik blijf leren.
Ik blijf vragen stellen.
Dat is goed.
Dat is belangrijk.
Dat is Nederland.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze