

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Hoi allemaal!
Wat een dag, zeg.
EMMA: Ja, he?
Ik ben helemaal kapot van het werk.
De hele dag achter de computer gezeten.
SOPHIE: Kom op, het is bijna weekend.
Plannen?
Ik heb echt even iets leuks nodig.
RICK: Ik wil iets doen.
Iets gezelligs.
Even niet aan werk denken.
EMMA: Zoals?
Een terrasje pakken?
Het is al een tijdje geleden dat we dat deden.
SOPHIE: Ja, lekker.
Maar het weer is nogal wisselvallig.
Gisteren regende het de hele middag.
RICK: Dat maakt niet uit.
We kunnen ook binnen afspreken.
Dan maakt het weer niet uit.
EMMA: Goed idee.
Bij wie dan?
Mijn huis is een rommel, dus niet bij mij.
SOPHIE: Ik stel voor: bij mij.
Ik heb net nieuwe spelletjes gekocht.
Een paar leuke dingen.
RICK: Spelletjes?
Leuk!
Welke dan?
Ik ben benieuwd.
SOPHIE: Een paar klassiekers, zoals Mens-erger-je-niet, en een nieuw kaartspel.
Het heet 'Verhalenverteller'.
EMMA: Klinkt goed.
Wat voor eten dan?
Ik heb nu al honger.
RICK: We kunnen iets bestellen.
Of pizza maken.
Dat is vaak net zo snel.
SOPHIE: Pizza maken is leuker.
Iedereen doet mee.
Dan kunnen we zelf kiezen wat erop gaat.
EMMA: Ja, maar ik ben geen keukenprinses, hoor.
Vorige keer brandde mijn broodje.
RICK: Maakt niet uit.
Het gaat om het samenzijn.
En we kunnen lachen om mislukte pizza's.
SOPHIE: Precies.
En we kunnen wat drankjes inslaan.
Fris, bier, of een wijntje.
EMMA: Bij de Albert Heijn om de hoek?
Die heeft altijd goede aanbiedingen.
RICK: Ja, perfect.
Die is tot tien uur open.
Dus we kunnen nog even gaan.
SOPHIE: Zaterdagavond dan?
Rond zeven uur?
Dan hebben we genoeg tijd.
EMMA: Dat komt goed uit.
Ik ben om zes uur vrij.
Dan kan ik me even omkleden.
RICK: Top.
Ik neem wat chips en nootjes mee.
Niet te veel, maar genoeg.
SOPHIE: En ik zorg voor de pizza-ingrediënten.
Tomatensaus, kaas, en wat groenten.
EMMA: Zal ik een toetje meenemen?
Iets met chocola?
Een brownie of zo?
RICK: Altijd goed.
Jij weet wat lekker is.
Je hebt altijd goede ideeën.
SOPHIE: Haha, Emma heeft altijd chocola in huis.
Zelfs als ze zegt dat ze geen snoep koopt.
EMMA: Natuurlijk, dat is mijn geheim.
Een mens moet wat hebben.
RICK: Oké, afgesproken.
Zaterdag zeven uur.
Ik zet het in mijn agenda.
SOPHIE: Ik stuur je het adres nog even.
Het is makkelijk te vinden, naast het park.
EMMA: En we maken er een gezellige avond van.
Met spelletjes en pizza.
RICK: Zeker weten.
Even bijkletsen en lachen.
Dat hebben we nodig.
SOPHIE: Ik heb trouwens nog een grappig verhaal.
Iets wat ik gisteren zag.
EMMA: O, vertel!
Ik ben benieuwd.
Is het iets grappigs?
RICK: Ja, laat maar horen.
Wij zijn ook benieuwd.
We kunnen wel wat humor gebruiken.
SOPHIE: Gisteren zag ik een man met een paraplu... maar het was zonnig.
EMMA: En?
Dat is toch niet zo raar?
Misschien had hij hem voor de schaduw.
SOPHIE: Nee, maar hij liep achteruit.
Zo vreemd.
Hij keek naar de grond.
RICK: Haha, misschien had hij een goede reden.
Misschien zocht hij iets.
EMMA: Of hij was gewoon een beetje gek.
Dat kan ook.
SOPHIE: Ja, dat zou kunnen.
Het was wel vermakelijk.
Iedereen keek hem na.
RICK: En je hebt niet gevraagd of hij hulp nodig had?
Misschien was hij verdwaald.
SOPHIE: Nee, ik durfde niet.
Hij zag er streng uit.
Niet iemand om aan te spreken.
EMMA: Streng en achteruitlopend.
Dat is een combinatie.
Klinkt als een geheim agent.
RICK: Klinkt als een filmpersonage.
Misschien was hij een acteur.
SOPHIE: Ja, uit een Nederlandse komedie.
Of een detective.
EMMA: Nou, we hebben in ieder geval stof voor een gesprek.
We kunnen het erover hebben.
RICK: Zeker.
En anders verzinnen we wel iets.
We zijn goed in praten.
SOPHIE: We kunnen ook over het nieuws praten.
Maar dat is vaak niet vrolijk.
EMMA: Nee, dat is te serieus.
Even ontspannen.
Geen werk, geen problemen.
RICK: Ja, even alle stress vergeten.
Gewoon een avondje weg.
SOPHIE: Goed plan.
Gewoon lachen en genieten.
Dat is het belangrijkste.
EMMA: En pizza eten, natuurlijk.
Dat hoort erbij.
RICK: Natuurlijk.
Dat hoort erbij.
Zonder pizza is het geen feest.
SOPHIE: Zeg, nemen we ook wat lekkers mee voor bij de koffie?
Of thee?
EMMA: Ik kan wel een taart bakken.
Misschien.
Als ik tijd heb.
RICK: O, dan ben ik erbij.
Jouw taarten zijn top.
Die van vorige keer was heerlijk.
SOPHIE: Ja, die van appeltaart is beroemd.
Iedereen wil dat recept.
EMMA: Dank je.
Ik zal mijn best doen.
Maar geen garanties.
RICK: Ik heb zin in dit weekend.
Even eruit en gezellig doen.
SOPHIE: Ik ook.
Even eruit en gezellig doen.
We hebben het verdiend.
EMMA: Laten we het zo afspreken.
Tot zaterdag!
Ik neem de taart mee.
RICK: Tot zaterdag!
Ik kijk ernaar uit.
Zeg het tegen de anderen.
SOPHIE: Ja, tot dan.
Groetjes!
Ik stuur nog een berichtje.
EMMA: Groetjes en tot later!
Ik ga alvast water bij de planten doen.
RICK: Tot de volgende.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze