Alle podcasts

Een app voor kinderen

Rick: Proost, vrienden.

Fijn weekend.

Sophie: Proost!

Eindelijk weekend.

Geen werk.

Ik ben heel moe.

Het was een drukke week.

Daan: Ja, proost.

Een koud biertje is lekker nu.

Ik heb echt dorst.

Wat lees je, Rick?

Rick: Ik lees een artikel.

Het is interessant.

Het staat in de krant.

Sophie: Je hebt altijd je telefoon.

Altijd aan het lezen.

Kijk je ook naar ons?

Daan: Haha, ja.

Rick en zijn telefoon.

Dat is echt waar.

Zijn telefoon is zijn beste vriend.

Rick: Luister.

Er is een nieuwe app.

Een heel handige app.

Sophie: Een app?

Voor wat?

Een app voor spelletjes?

Ik speel graag spelletjes.

Rick: Nee, geen spelletjes.

Een app voor kinderen.

En voor ouders.

Een app voor de familie.

Daan: O, voor kinderen met een smartphone?

Rick: Ja, precies.

Voor verantwoord gebruik.

Sophie: Is dat een groot probleem dan?

Rick: Ja, best wel.

Veel kinderen hebben een telefoon.

Ze kijken de hele dag naar het scherm.

Daan: Mijn neefje heeft een telefoon.

Hij is negen.

Hij speelt veel spelletjes.

Hij stopt nooit.

Sophie: Negen jaar?

Dat is best jong.

Mijn nichtje is tien.

Zij heeft ook een telefoon.

Zij maakt veel foto's.

Rick: Ja.

Deze app helpt de ouders.

Ouders vinden de telefoon soms lastig.

Sophie: Hoe helpt de app dan?

Rick: De app maakt regels.

Heel simpel.

Duidelijke regels voor het kind.

Daan: Wat voor regels?

Heb je een voorbeeld?

Rick: Bijvoorbeeld: geen telefoon tijdens het eten.

De telefoon ligt niet op tafel.

Sophie: Dat is een heel goede regel.

Eten is voor de familie.

Daan: Zeker.

Dat is een goede regel voor ons ook.

Rick: Haha, ja.

Jij hebt je telefoon ook nu.

Kijk maar in je hand.

Daan: Oeps.

Ja, dat is waar.

Ik kijk even naar een berichtje.

Mijn moeder stuurt een bericht.

Sophie: Wij zijn geen kinderen, Daan.

Wij zijn volwassen.

Daan: Gelukkig niet.

Wat doet de app nog meer?

Rick: De app geeft complimenten aan het kind.

Sophie: Een compliment?

Van een app?

Hoe werkt dat?

Rick: Ja.

De app zegt: 'Goed gedaan'.

Of: 'Je bent klaar voor vandaag'.

Daan: Dat is grappig.

'Goed zo, kind.

Nu mag je buiten spelen'.

Sophie: Maar hebben ouders echt een app nodig?

Rick: Soms wel.

Opvoeden is soms moeilijk.

En de telefoon is erg leuk voor kinderen.

Daan: Ik heb geen kinderen.

Ik heb een hond.

Mijn hond is heel makkelijk.

Sophie: Heeft jouw hond een telefoon, Daan?

Daan: Nee, gelukkig niet.

Hij is heel braaf.

Hij wil alleen slapen en wandelen.

Geen video's kijken.

Rick: De app is niet alleen voor het kind.

De app is ook voor de ouders.

Sophie: Ook voor de ouders dus?

Rick: Ja.

De ouders leren ook.

Het is een hulpmiddel.

Daan: Dus de telefoon is niet altijd slecht?

Rick: Nee, zeker niet.

De balans is belangrijk.

Een beetje telefoon, een beetje buiten spelen.

Sophie: Balans is altijd goed.

In alles.

Rick: Precies.

De app helpt met die balans.

Daan: Ik vind het een goed idee.

Misschien ook iets voor mijn neefje.

Sophie: Ik ook.

Het klinkt best handig.

Rick: Het is een modern probleem.

Dit is een moderne oplossing.

Daan: Ja, dat is een goede samenvatting.

Sophie: Zeg, leraar Rick.

Jij weet alles.

Rick: Haha, nee.

Ik lees gewoon veel.

Op mijn telefoon, ja.

Daan: En je praat graag.

Zeker na een biertje.

Rick: Dat is ook waar.

Zullen we nog wat bestellen?

Mijn glas is leeg.

Sophie: Ja, goed idee.

Ik heb dorst.

Daan: Ik ook.

Twee bier en een wijn?

Rick: Perfect.

Zonder de telefoon nu.

De telefoons gaan in de tas.

Daan: Afgesproken.

Telefoons weg.

Wij praten met elkaar.

Sophie: Goede regel.

Ook voor ons.

Geen schermen meer vanavond.

Rick: Proost.

Op een goed weekend.

Daan: Proost!

Sophie: Proost!

Rick: Tot de volgende.

Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze