Dutch Fluency
Find my level
Login
Play me!

De Weg naar de Rechter

Het is maandagochtend.

De zon schijnt op de grote weg A12.

Mensen lopen langs de kant.

Ze dragen kleurige kleding.

Sommigen hebben een bord in hun handen.

Op de borden staan woorden.

De woorden gaan over de aarde en de toekomst.

Een jonge vrouw heet Sanne.

Ze staat vooraan.

Haar vriendin Noor staat naast haar.

Ze kijken naar de auto's die stoppen.

De weg is dicht.

De mensen zingen een lied.

Het lied is rustig en vrolijk.

Sanne voelt haar hart snel kloppen.

Ze is niet bang, maar wel gespannen.

Ze denkt aan haar kinderen thuis.

Ze wil een goede wereld voor hen.

De politie komt eraan.

Een vrouw in uniform praat met Sanne.

"U moet weggaan," zegt de vrouw.

Sanne schudt haar hoofd.

"We blijven hier," zegt ze zacht.

"We willen dat de leiders naar ons luisteren." De politie pakt de mensen voorzichtig vast.

Ze lopen naar een bus.

Sanne kijkt naar Noor.

Noor lacht en zegt: "We doen dit samen." In de bus is het stil.

Sanne kijkt uit het raam.

De bomen zijn groen.

De lucht is blauw.

Ze denkt aan de rechter.

Die persoon beslist over hun straf.

Later zitten ze in een grote zaal.

De rechter is een man met een bril.

Hij leest een papier.

Hij zegt: "Jullie hebben de weg geblokkeerd.

Dat mag niet." Sanne knikt.

Ze begrijpt het.

De rechter zegt: "Jullie krijgen een taak.

Jullie moeten helpen in een tuin." Sanne vindt dat goed.

Ze houdt van planten en bloemen.

De rechter glimlacht.

"Dat is beter dan een boete," zegt hij.

Sanne en Noor lopen naar buiten.

De zon schijnt nog steeds.

Sanne voelt zich rustig.

Ze heeft iets gedaan voor de wereld.

Niet alles is veranderd, maar ze heeft geprobeerd.

Ze gaat naar huis.

Haar kinderen spelen in de tuin.

Ze rent naar hen toe.

"Mama, waar was je?" vraagt haar zoon.

"Ik was bij de grote weg," zegt ze.

"Ik heb gezongen voor de aarde." De kinderen kijken haar vragend aan.

Sanne lacht.

"Kom, we gaan bloemen planten," zegt ze.

De volgende dag gaat Sanne naar de tuin.

Het is een mooie plek.

Er werken nog meer mensen.

Ze graven en planten.

Sanne praat met een oude man.

Hij heet Kees.

"Ik doe dit al jaren," zegt Kees.

"Het is goed werk." Sanne knikt.

Ze voelt de grond in haar handen.

Het is warm en zacht.

Ze plant een kleine boom.

De boom is nog jong.

Over tien jaar is hij groot.

Sanne is blij.

Ze heeft iets goeds gedaan.

Na een week is haar taak klaar.

De rechter is tevreden.

Sanne mag weer vrij rondlopen.

Ze gaat naar de markt.

Ze koopt appels en brood.

Thuis maakt ze een taart.

De kinderen helpen mee.

De keuken ruikt naar zoet.

Sanne denkt aan de weg en de tuin.

Het was een bijzondere tijd.

Ze weet dat de wereld niet snel verandert.

Maar elke kleine stap helpt.

Ze kijkt naar haar kinderen.

Ze zijn aan het lachen.

Sanne voelt zich sterk.

Ze zal blijven zingen en planten.

Dat is haar manier om te helpen.

De avond komt.

De sterren verschijnen.

Sanne zit buiten met een kop thee.

Ze is moe, maar gelukkig.

Ze heeft vrienden gemaakt.

Ze heeft iets geleerd.

Soms moet je stil staan om vooruit te komen.

Ze glimlacht en gaat naar binnen.

Morgen is er weer een nieuwe dag.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze