

0:00
0:001:30
Pause
Woordenschat
vader
father
kopje
cup
wandelen
to walk
tijdens
during
vreemd
strange
afval
trash
donderdag
Thursday
hetzelfde
the same
begrijpen
to understand
misschien
maybe
Ik ben een man, mijn vader is ook een man. Elke donderdag ga ik naar mijn ouders.
I am a man, my father is also a man. Every Thursday I go to my parents.
Ik blijf daar eten, mijn vader is met pensioen.
Hij houdt van wandelen, dat is zijn hobby.
Mijn vader heeft een tas, hij raapt afval op tijdens het wandelen, hij gooit het afval in een prullenbak.
Dat is goed, op een dag vindt hij een rood kopje. Het kopje is mooi, mijn vader neemt het mee naar huis.