Find my level
Login
Play me!
Alle podcasts

De zachte balletjes in de winkel

Mijn naam is Rick.

Ik woon in Den Haag.

Gisteren ging ik naar de speelgoedwinkel.

Ik wilde een cadeau kopen voor mijn nichtje.

Zij is vijf jaar oud.

Ze houdt van knuffelen en spelen.

In de winkel zag ik iets vreemds.

Er stond een grote doos op de grond.

De doos was wit met een roze sticker.

In de doos zaten kleine ronde balletjes.

Ze waren roze en geel.

Ze leken op kleine kussentjes.

Ze roken een beetje naar kauwgom.

Een mevrouw met een blauw schort liep langs.

Ze pakte de doos op.

'Wat is dat?' vroeg ik.

'Dit zijn zachte balletjes,' zei ze.

'Maar we moeten ze terugsturen.' 'Waarom?' vroeg ik.

'Omdat er iets in zit dat niet goed is,' zei ze.

'Het is niet goed voor kinderen.' Ik keek naar de balletjes.

Ze zagen er leuk uit.

Ze glommen een beetje in het licht.

Maar ik begreep het.

Soms is iets niet goed, ook al ziet het er mooi uit.

De mevrouw legde de doos op een karretje.

Ze reed weg.

Het karretje maakte een zacht geluid.

Ik liep verder door de winkel.

Ik zag poppen en auto's.

Ik zag blokken om mee te bouwen.

Alles was kleurrijk.

Er waren rode auto's en blauwe poppen.

Maar ik dacht aan de zachte balletjes.

Waarom waren ze niet goed?

Ik vroeg het aan een andere verkoper.

Hij had een groen schort.

'Meneer,' zei ik.

'Waarom gaan die balletjes weg?' De verkoper keek naar me.

'Ze hebben een stofje,' zei hij.

'Dat stofje is niet goed voor mensen.

Daarom stoppen we met de verkoop.' 'Ah,' zei ik.

'Dus de winkel doet iets goeds.' 'Ja,' zei hij.

'We willen dat alles veilig is.' Ik knikte.

Het was een goed idee.

Ik liep naar de kassa.

Ik kocht een grote knuffelbeer.

Die was wel veilig.

De beer was bruin en zacht.

Hij had een klein rood strikje om zijn nek.

Mijn nichtje zou blij zijn.

Toen ik naar huis liep, dacht ik na.

De zon scheen.

Ik hoorde vogels.

Soms zie je iets leuks.

Maar het is niet altijd goed.

Winkels moeten opletten.

Ze moeten testen of iets veilig is.

Dat is belangrijk.

Thuis zette ik de beer op de bank.

De bank was grijs.

De beer viel bijna om, maar ik zette hem recht.

Ik belde mijn zus.

'Ik heb een cadeau voor Lisa,' zei ik.

'Wat is het?' vroeg ze.

'Een grote beer,' zei ik.

'Leuk!' zei ze.

'Lisa wordt blij.' Ik glimlachte.

De dag was goed.

Ik had iets geleerd.

Niet alles wat mooi is, is ook goed.

Maar de winkel deed zijn werk.

Ze zorgden voor de mensen.

Dat vond ik fijn.

Morgen ga ik naar Lisa.

Ze krijgt de beer.

En ik vertel haar over de zachte balletjes.

Maar ik zeg niet dat ze niet goed zijn.

Ik zeg alleen dat ze weg zijn.

Dat is genoeg voor een kind.

Ik denk aan de mevrouw met het blauwe schort.

Ze deed haar werk goed.

En ik denk aan de verkoper met het groene schort.

Hij legde het uit.

De winkel was veilig.

Dat maakte me blij.

Morgen zie ik Lisa's lach.

De beer wordt haar vriend.

En de balletjes?

Die zijn weg.

Maar het verhaal blijft.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze