

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Stel je voor: je bent negen jaar oud, en je woont in Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Je broer is net gestorven, je moeder verdwijnt, en je wordt gebracht naar een vreemd gezin.
Maar die avond, op de begrafenis van je broer, vind je iets dat je leven verandert.
Een klein boekje, in de sneeuw.
Dit is precies wat er gebeurt met Liesel Meminger.
En haar verhaal wordt verteld door de Dood zelf.
Welkom bij Boekisodes.
Vandaag ga ik je vertellen over De Boekendief van Markus Zusak, een boek uit tweeduizendvijf.
Een boek dat inmiddels een klassieker is geworden.
En geloof me, als je van verhalen houdt, dan moet je dit verhaal kennen.
We gaan het hebben over een meisje dat boeken steelt.
Maar dat is niet het hele verhaal.
Het gaat ook over liefde, angst, vriendschap en de vraag: wat doet oorlog met mensen?
Ik ga het allemaal vertellen, op een rustige manier, in goed Nederlands.
Dus doe je oren open, ontspan, en laat je meenemen naar Himmelstraat, waar het leven in oorlogstijd misschien heel gewoon lijkt.
Maar niets is wat het lijkt.
Het verhaal speelt zich af in een klein stadje in Duitsland.
Het jaar is negentienhonderdnegenendertig, en de oorlog is net begonnen.
Liesel is een meisje van negen jaar oud.
Haar vader, een communist, is verdwenen.
Haar moeder kan niet meer voor haar zorgen.
Samen met haar kleine broertje Werner wordt ze naar een pleeggezin gebracht.
Onderweg sterft haar broertje in de trein.
Op zijn begrafenis, daar in de kou, vindt Liesel de eerste boek.
Het is een boek over een grafdelver.
Ze weet niet eens wat erin staat, want ze kan niet lezen.
Maar het boek geeft haar iets: een herinnering aan haar broer, een gevoel van veiligheid.
Als ze aankomt op de Himmelstraat, ontmoet ze haar nieuwe ouders: Hans en Rosa Hubermann.
Hans is een vriendelijke man die op zijn accordeon speelt.
Rosa is hard en heeft een scherpe tong.
Toch wordt Liesel stap voor stap hun kind.
Op school kan Liesel eerst niet lezen.
Ze wordt gepest, want ze is bijna tien en kan nog geen letter.
Hans helpt haar elke avond.
Hij tekent letters op de muur of op papier, en samen lezen ze het boek van de grafdelver.
Liesel leert snel.
En dan ontdekt ze iets belangrijks: woorden kunnen troosten.
Hans heeft ook een geheim: een oude, houten verfpot.
Hij schildert, maar hij heeft ook een schuld uit het verleden.
Hij heeft vroeger een joodse man geholpen, en die man heette Max.
Nu, midden in de oorlog, duikt Max ineens op.
Hij is op de vlucht voor de nazi's.
Hans en Rosa verbergen hem in hun kelder.
Liesel en Max worden vrienden.
Max is zwak en bang, maar hij vertelt verhalen.
Hij schrijft zelfs een klein boek voor Liesel, zelf gemaakt.
Dit gebeurt allemaal in een huis waar de radio hard staat, want de buren mogen niks merken.
Liesel leert dat geheimen soms nodig zijn om te overleven.
Het eerste grote moment in het verhaal is de verbranding van boeken.
De nazi's verbieden veel boeken.
Op een dag is er een groot vuur op het plein.
Boeken van joodse auteurs, van communisten, van mensen die niet mogen schrijven, worden in de vlammen gegooid.
De hele stad staat erbij te kijken.
Liesel is er ook.
Ze ziet hoe prachtige boeken verbranden, en ze kan het niet verdragen.
Ze sluipt naar het vuur en steelt een boek uit de as.
Niemand ziet haar.
Daarna noemt ze zichzelf een dievegge van boeken.
Later steelt ze meer boeken.
Bij de vrouw van de burgemeester staat een hele bibliotheek.
Liesel gaat elke week langs om kleren af te geven, en uiteindelijk steelt ze een boek uit die kamer.
De burgemeestersvrouw ziet het, maar ze zegt niks.
Liesel heeft eigenlijk al een paar keer geprobeerd om niet te stelen.
Maar de boeken zijn als vrienden voor haar geworden.
Ze kan niet zonder.
Dan komt er een tweede groot moment: Max wordt ontdekt.
Een vijand van de familie ziet hem per ongeluk, of misschien vermoedt hij iets.
Hij geeft geen politie, maar hij zegt dat hij een beloning kan krijgen.
Hans maakt een fout.
Hij geeft de man wat eten, maar hij doet het niet op de juiste manier.
De nazi's komen nooit naar het huis.
Max moet weg.
Hij reist in het donker, verborgen in de kou.
Liesel huilt, maar ze weet dat Max sterk is.
Hij heeft haar verteld dat zijn lichaam zwak is, maar zijn geest niet.
Max overleeft en komt later in een ander kamp terecht.
Maar Liesel heeft hoop.
Ze schrijft zelf verhalen.
Ze schrijft over haar leven, over de dingen die ze heeft meegemaakt.
En in deze tijd worden de bombardementen erger.
Op een nacht, terwijl Liesel in de kelder zit met haar schrijfsels, valt er een bom op de Himmelstraat.
Als de bom is gevallen, is alles stil.
Liesel overleeft, omdat ze in de kelder was.
Maar haar vader Hans, haar moeder Rosa, haar vriend Rudy en alle buren zijn dood.
De hele straat is weg.
Liesel zit in het puin met een boek in haar handen.
Het is een boek dat ze zelf heeft geschreven.
De Dood komt langs.
Hij vertelt dat hij Liesel heeft gezien, en dat hij haar vaker is tegengekomen.
Hij zegt: Ik word achtervolgd door mensen.
Hij neemt de zielen mee van degenen die gestorven zijn.
Liesel wordt daarna opgehaald door een buurvrouw.
Ze verhuist naar een andere stad.
Na de oorlog, jaren later, komt ze Max weer tegen.
Ze zijn allebei oud geworden.
De Dood vertelt ons dat hij Liesel uiteindelijk zelf meeneemt, als ze oud is.
Maar dan is haar leven al lang geleden.
Ze is een schrijfster geweest, een moeder, een oma.
En haar boek, het boek dat ze in de kelder schreef, werd gevonden en bewaard.
Dat boek is het boek dat jij nu hoort samenvatten.
In De Boekendief draait het om twee grote thema's: de oorlog en boeken.
Maar eigenlijk gaat het over iets diepers: wat doet de mens als alles kapotgaat?
De oorlog maakt mensen wreed.
Buren geven elkaar aan, kinderen worden indoctrineerd, en de dood heerst overal.
Toch laat het boek ook zien dat er liefde en vriendschap bestaan, zelfs midden in het geweld.
Hans en Rosa verbergen een joodse man.
Zij riskeren hun leven.
Liesel steelt boeken, niet om rijk te worden, maar om de woorden te redden.
Want woorden geven hoop.
Ze geven troost.
In de donkerste tijd van de geschiedenis, vond een klein meisje dat lezen en schrijven haar kracht gaf.
Dat is een boodschap die nog steeds belangrijk is.
Boeken kunnen ons leren voelen, denken en overleven.
In oorlogen zijn het vaak de dingen die je niet kunt zien, zoals liefde en woorden, die het langst blijven bestaan.
Als Liesel aan het einde alles verliest, blijft haar verhaal toch leven.
Het boek dat ze schreef, over haar leven, over de mensen die ze liefhad, wordt gevonden.
Dat laat zien dat woorden ons kunnen overleven.
Misschien is dat wel de reden dat dit boek zo beroemd is geworden.
Markus Zusak laat de Dood vertellen, en dat klinkt misschien zwaar.
Maar de Dood in dit verhaal is niet alleen maar koud.
Hij is verdrietig.
Hij ziet zoveel mensen sterven.
En altijd blijft Liesel hem bij.
Hij zegt letterlijk: Ik heb woorden gehaat en ik heb ze liefgehad, en ik hoop dat ik ze recht heb gedaan.
Dat gevoel, dat we allemaal woorden hebben om onze herinneringen vast te houden, dat maakt dit boek bijzonder.
Waarom zou jij dit boek willen lezen, of luisteren?
Omdat het meer is dan een verhaal over oorlog.
Het is een verhaal over een meisje dat groeit, dat leert, dat liefheeft en dat verliest.
Jij zult samen met Liesel lachen om de grappen van Rudy, huilen om de dood van Hans, en je hele hart vasthouden als de bom valt.
En je zult merken dat boeken ook voor jou een vriend kunnen zijn, vooral als de wereld om je heen onzeker is.
Dit is een verhaal dat je bijblijft.
Na deze aflevering zul je nooit meer hetzelfde kijken naar een boekenkast.
En dan sluit ik af.
Dit was Boekisodes, met de Nederlandse samenvatting van De Boekendief.
Als je de tekst wilt lezen, of meer oefenvragen wilt, ga dan naar dutchfluency.com slash transcripts.
Daar vind je alles.
Bedankt voor het luisteren.
En vergeet niet: in elke geschiedenis zit een verhaal.
En in elke verhaal zit een kans om iets nieuws te leren.
Ik zie je morgen weer.
Maar wacht, ik wil nog iets kwijt.
Want nu ik dit verteld heb, besef ik dat ik een belangrijk stukje vergeten ben.
Er is nog iemand in het verhaal die ik niet genoeg aandacht heb gegeven.
Ik heb het over Max Vandenburg, de Joodse man die zich verstopt in de kelder van de familie Hubermann.
Max is misschien wel het hart van het boek.
Hij is de man die aan Liesel laat zien dat woorden echt kracht hebben.
Hij schrijft voor haar een boek op de geschilderde pagina's van Mein Kampf, het boek van de nazi's.
Dat is zo'n mooi en klein detail.
Max neemt een boek van de vijand en maakt er iets liefs van.
Hij verandert woorden van haat in woorden van vriendschap.
Liesel leert van hem dat je niet altijd de woorden hoeft te gebruiken die de wereld je geeft.
Je kunt ook je eigen woorden maken.
Je kunt zelf kiezen wat je schrijft en wat je zegt.
En dat is ook voor jou belangrijk als je Nederlands leert.
Jij bent ook een verzamelaar van woorden.
Elk uur dat je luistert naar deze aflevering, voeg je nieuwe woorden toe aan je eigen boek.
Sommige woorden zijn makkelijk, andere zijn moeilijk.
Maar alle woorden helpen je om je verhaal te vertellen.
Net als Liesel heb jij misschien soms het gevoel dat woorden je in de steek laten.
Je zoekt naar een zin en je weet niet hoe het moet.
Maar laat dat je niet stoppen.
Liesel schreef haar eerste woorden op een muur in de kelder.
Ze maakte fouten.
Ze schreef later haar hele leven.
En juist die fouten maakten haar verhaal sterker.
Er is nog iets dat ik wil zeggen over Rudy Steiner.
Rudy, de jongen met de citroengele haren.
Liesel's beste vriend.
Hij wil de grote atleet Jesse Owens zijn.
Hij is gek op Liesel, maar hij zegt het nooit echt goed.
Hij doet aardige dingen, zoals haar een stoffen pop geven of haar redden uit het water.
Rudy is degene die Liesel laat lachen, zelfs als de wereld donker is.
Hun vriendschap is zo puur en zo menselijk.
En weet je, Rudy heeft één grote wens.
Hij wil een kus van Liesel.
En Liesel geeft die kus nooit, of het moment is nooit goed.
Aan het einde van het boek komt er een moment waarop Liesel eindelijk de kans heeft om hem te kussen.
Maar het is te laat.
De bom is gevallen.
Rudy ligt stil in de straat.
Liesel buigt zich naar hem toe en kust zijn lippen.
Ze zegt dat ze hem eindelijk had moeten kussen.
Dat moment breekt je hart.
En het laat zien hoe belangrijk het is om nu te zeggen wat je voelt.
Wacht niet te lang.
Zeg tegen je vrienden dat ze belangrijk zijn.
Lach samen.
Geef een compliment.
Want je weet nooit wanneer het te laat is.
Ik wil het ook hebben over de dood.
De Dood is de verteller van dit verhaal.
Dat is misschien wel het meest bijzondere aan dit boek.
De Dood is geen slecht persoon, hij is geen monster.
Hij is een wezen dat moe is.
Hij heeft zoveel werk te doen in de oorlog.
Hij verzamelt zielen, hij kijkt naar mensen.
En hij vertelt ons het verhaal van Liesel.
Waarom zou de Dood juist haar verhaal vertellen?
Misschien omdat Liesel hem altijd opvalt.
Ze overleeft de bombardementen, ze verliest zoveel mensen, maar ze blijft leven.
En als ze uiteindelijk oud is en sterft, dan komt de Dood haar halen.
En dan geeft hij haar haar eigen boek terug.
Het boek dat zij zelf geschreven heeft.
"Het Boekendief" is eigenlijk een cadeau van de Dood aan Liesel.
Hij bewaart haar verhaal en geeft het haar terug.
Dat is zo mooi.
Het betekent dat je verhaal verder leeft, zelfs als jij er niet meer bent.
Dat is ook waarom wij dit verhaal nog steeds lezen.
Niet omdat het over de oorlog gaat, maar omdat het over het leven gaat.
Over mensen die proberen om lief te hebben in een tijd van haat.
Nu wil ik graag iets doen met jou, de luisteraar.
We gaan even oefenen met Nederlands, maar op een leuke manier.
Ik wil dat je terugdenkt aan woorden uit het boek.
Weet je nog wat "boekendief" betekent?
Het is iemand die boeken steelt.
Liesel stal boeken.
Maar ze stal niet om ze te verkopen of om ze weg te gooien.
Ze stal omdat ze woorden nodig had.
Ze wilde leren lezen.
Ze wilde de wereld begrijpen.
En daarom is boeken stelen in dit verhaal niet iets slechts.
Het is iets dappers.
Kun jij een zin maken met het woord "stelen"?
Probeer het maar.
Je kunt zeggen: "Ik heb een koekje gestolen van de keukentafel." Of: "Hij stal een boek uit de bibliotheek." Zo kun je oefenen met de verleden tijd.
"Stelen" is een sterke werkwoord.
Ik steel, ik stal, ik heb gestolen.
Oefen die vormen, want ze komen vaak voor.
Een ander woord dat steeds terugkomt is "liefde".
In het boek zijn er verschillende soorten liefde.
De liefde tussen Liesel en haar pleegouders.
Hans leer haar lezen en hij speelt accordeon voor haar.
Rosa, haar pleegmoeder, is streng maar ze houdt ook van Liesel.
Dan is er de liefde van vriendschap, van Rudy.
En de liefde voor woorden en boeken.
Dat is een mooi woordengedicht.
Je kunt liefde niet zien, maar je voelt het in de daden van mensen.
Hans geeft Liesel een nachtzoen.
Rosa geeft haar een warm brood als ze honger heeft.
Rudy geeft haar een sneeuwpop midden in de zomer.
Liefde is actie.
Probeer dat woord "gevoel" eens te beschrijven in het Nederlands.
Zeg tegen jezelf: "Ik voel mij blij als ik een goed boek lees." Of: "Ik voel mij verdrietig als Liesel huilt." Gevoelens zijn ook woorden.
Je kunt ze leren.
Ik heb nog een tip voor je als je dit boek in het Nederlands wilt lezen.
Begin niet meteen met het hele boek.
Kies eerst een paar hoofdstukken.
Lees langzaam.
Zoek de woorden die je niet kent.
Schrijf ze op in een boekje.
Maak er jouw eigen woordenboek van.
Net zoals Liesel haar woorden schreef op de muur van de kelder.
Schrijf jij de woorden op die voor jou belangrijk zijn.
En lees ze dan nog een keer.
Je zult zien dat je ze leert.
Dat is de kracht van herhaling.
En luister naar de uitspraak.
Je hoort mij nu praten.
Je hoort de klinkers en de medeklinkers.
Doe mij na.
Zeg de zin: "Ik hou van woorden." Zeg het luid.
"Ik hou van woorden." En dan: "Ik hou van het verhaal van Liesel." Goed.
Zo leer je niet alleen woorden, maar ook de zinsmelodie van het Nederlands.
Dit boek is ook een goede reis in de geschiedenis.
Het speelt zich af in Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Misschien weet je al veel over die tijd.
Maar dit boek laat je zien hoe het was voor gewone mensen.
Voor kinderen.
Voor een kind zoals Liesel.
Ze woont in een klein dorp, in een klein huis.
Ze heeft niet veel.
Ze eet soep van water en brood.
Maar ze heeft ook dromen.
Ze droomt van de dag dat haar moeder terugkomt.
Ze droomt van een leven zonder oorlog.
En ze heeft een boek bij zich.
Soms is het genoeg om een boek vast te houden.
Dat is ook iets voor jou.
Als je moeilijke tijden hebt, lees dan een boek.
Lees in het Nederlands.
Het is een vriend die altijd bij je is.
Je kunt het openen waar je wilt.
Je kunt het dichtklappen wanneer je wilt.
Een boek wacht altijd op je.
Nu kom ik bij een belangrijk punt.
Het is misschien wel het meest belangrijke punt van deze aflevering.
Het boek en het lezen zijn niet alleen voor ontspanning.
Het is ook een manier om inzicht te krijgen in de wereld.
Liesel leert lezen, en daardoor begint ze te begrijpen wat er om haar heen gebeurt.
Ze begrijpt waarom mensen bang zijn, waarom ze stelen, waarom ze doden.
Ze begrijpt de macht van woorden.
De nazi's gebruikten woorden om mensen te laten haten.
Liesel gebruikt woorden om te troosten.
Ze leest haar buurvrouw voor als die bang is tijdens een luchtaanval.
Ze leest voor in de schuilkelder.
Haar woorden geven hoop.
Dat is wat woorden kunnen doen.
Ze kunnen kwetsen, maar ze kunnen ook helen.
Kies jij welke woorden je gebruikt.
Dat is niet alleen in het boek, dat is ook in het echte leven.
Jij kunt een verhaal vertellen dat iemand sterker maakt.
Jij kunt een compliment geven dat iemands dag redt.
Dat is heel krachtig.
Misschien heb je na het luisteren naar deze aflevering zin gekregen om zelf iets te schrijven.
Dat kan.
Je hoeft geen boek te schrijven.
Je kunt een kort verhaal schrijven over jouw dag.
Schrijf drie zinnen.
Bijvoorbeeld: "Vandaag heb ik een wandeling gemaakt.
Ik zag een hond met een rode bal.
Ik dacht aan Liesel en Rudy." Zo simpel.
Door te schrijven oefen je met de taal en je legt je eigen herinneringen vast.
Net als Liesel haar herinneringen vastlegde in haar boek.
Haar boek heette "De Boekendief", of misschien "De schaduw van woorden".
Uiteindelijk werd haar boek dus teruggegeven door de Dood.
Jij kunt ook je eigen boek laten groeien.
Het boek van jouw leven.
Elk moment dat je Nederlands oefent, is een pagina die je schrijft.
We zijn bijna aan het einde van deze extra aflevering.
Ik wil je nog één ding meegeven.
Je hoeft niet perfect te zijn.
Liesel was ook niet perfect.
Haar hand schreef met onhandige letters.
Haar zinnen waren kort en soms raar.
Maar haar verhaal was waar.
En dat is genoeg.
Jij mag ook fouten maken.
Fouten zijn niet eng.
Ze zijn een teken dat je probeert.
Dus probeer, blijf proberen.
Lees boeken, kijk naar films in het Nederlands, praat met andere mensen die Nederlands leren.
En als je alleen bent, praat dan tegen jezelf.
Zeg wat je ziet.
Zeg wat je doet.
Dat is een makkelijke oefening die je elke dag kunt doen.
Voordat ik echt ga afsluiten, wil ik nog even teruggaan naar de opening van deze aflevering.
Ik zei dat dit boek een verhaal is over een meisje dat boeken steelt.
Maar nu weet je dat het veel meer is.
Het is een verhaal over vriendschap, over familie, over verlies, over taal.
Het is een verhaal dat je uitnodigt om na te denken.
Wat betekenen woorden voor jou?
Wat wil jij onthouden?
Wat wil jij doorgeven?
Liesel heeft haar verhaal doorgegeven aan de Dood, en de Dood heeft het doorgegeven aan ons.
Wij geven het nu door aan jou.
En jij kunt het verder vertellen.
Je kunt in het Nederlands tegen iemand zeggen: "Ik heb een boek gehoord over een meisje dat boeken stal." En dan kunnen jullie samen praten over dit mooie verhaal.
Dat is hoe verhalen leven.
Zij bewegen van mens tot mens.
Oké, nu is het echt klaar.
Dit was het vervolg op de samenvatting van De Boekendief.
Ik hoop echt dat je iets gehad hebt aan deze woorden.
Zie de taal als een boek dat je opent en waarin je nieuwe pagina's kunt toevoegen.
Elke dag een beetje.
En als je meer oefenmateriaal wilt, ga dan naar dutchfluency.com.
Daar vind je de transcripties, oefenvragen en nog veel meer.
Je kunt ons ook vinden op social media.
Volg ons en leer nog meer Nederlands.
Bedankt voor de aandacht.
En onthoud: jij bent ook een boekendief.
Je steelt woorden van mij, je steelt zinnen uit boeken, en je maakt ze van jou.
Dat is niet slecht.
Dat is prachtig.
Dus ga verder met stelen.
Ga verder met lezen.
Ga verder met leren.
En ik zie je morgen weer, voor een nieuwe aflevering.
Doei.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze