Alle podcasts

Noor en de Rode Beker

Ik ben Rick.

Vandaag ben ik in Gouda.

Het regent zacht.

De straat is nat.

Ik loop naar een huis.

Het huis is geel.

Voor het huis staat een bus.

In het huis is Noor.

Noor is acht.

Haar broer heet Sem.

Sem is zes.

Sem zit in een rolstoel.

Sem heeft hulp.

Elke dag komt Mila.

Mila helpt Sem.

Mila lacht veel.

Noor lacht ook.

De kat heet Pip.

Pip is grijs.

Pip zit op de tafel.

Oma Ria zegt: "Pip, nee." Pip kijkt naar kaas.

De kaas is geel.

Sem heeft brood.

Noor heeft thee.

Ik heb melk.

De thee ruikt zoet.

De melk is koud.

Het brood is warm.

Noor heeft een rode beker.

De beker is groot.

De beker staat scheef.

Noor ziet de beker.

Zij zegt: "Oei, beker." De beker staat weer recht.

Iedereen lacht.

Pip kijkt naar de beker.

Pip kijkt naar de kaas.

Noor leest een brief.

De brief is wit.

De brief komt van de stad.

Noor zegt: "Luister." Sem kijkt naar Noor.

Oma Ria kijkt naar Noor.

Pip kijkt naar kaas.

Noor leest langzaam.

"Volgend jaar komt Mila ook.

Er komt niet minder hulp." Sem zegt: "Mila komt ook?" Noor zegt: "Ja, ook." Oma Ria zegt: "Het is fijn." Ik denk: dit is een goede dag.

Mila komt binnen.

Zij heeft een blauwe jas.

De jas is nat.

Mila zegt: "Hoi Sem." Sem zegt: "Hoi Mila." Mila ziet de brief.

Mila leest de brief.

Mila zegt: "Ik kom ook volgend jaar." Sem lacht met brood in zijn hand.

Een stuk kaas valt.

De kaas valt op zijn neus.

Sem kijkt naar zijn neus.

Hij zegt: "Mijn neus eet kaas." Noor lacht hard.

Oma Ria lacht ook.

Ik lach ook.

Pip komt snel.

Pip pakt de kaas.

Pip loopt naar de stoel.

Sem zegt: "Pip heeft hulp van kaas." Mila lacht en zegt: "Kaas helpt Pip." De regen tikt op het raam.

Ik hoor tik tik.

Noor drinkt thee.

Sem drinkt melk.

Oma Ria eet brood.

Mila helpt Sem met zijn beker.

De rode beker is nu recht.

Noor zegt: "Goed zo, beker." De beker zegt niets.

Sem zegt: "De beker slaapt." Iedereen lacht weer.

Na het eten spelen wij.

Noor leest een boek.

Het boek is klein.

Sem tekent een auto.

De auto is rood.

Mila geeft blauwe verf.

Ik kijk naar de verf.

Pip kijkt ook.

Pip loopt langs de verf.

Nu heeft Pip een rode poot.

Pip loopt over papier.

Het papier heeft rode stippen.

Noor zegt: "Pip tekent ook." Sem zegt: "Pip is een kat met werk." Mila zegt: "Pip werkt snel." Oma Ria geeft appel.

De appel is groen.

Sem eet appel.

Noor eet appel.

Ik drink melk.

De regen stopt.

De straat is nog nat.

De bus staat voor het huis.

Mila helpt Sem bij de deur.

Sem kijkt naar Mila.

Hij zegt: "Morgen kom jij." Mila zegt: "Ja, morgen kom ik." Noor zegt: "En volgend jaar ook." Sem is blij.

Noor is blij.

Oma Ria is blij.

Ik ben blij.

De dag is goed.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze