

Audio1x
Speed
Pause
PracticeRead
Mode
Woordenschat
Aan haar tas hangt een kleine blauwe beer.
Op de tafel ligt een krant naast een wit briefje.
Daan leest een bericht over geld op papier.
Boven de tekst staat: 'Box 3'.
Ik ga naast hem zitten en kijk naar het briefje.
Daarop staan een naam, een bedrag en een datum.
Is dat een prijs voor een fiets?
Vraag ik.
Nee, dit briefje is voor Noor, zegt Daan.
Ik wil haar later duizend euro geven.
Noor schuift het papier met haar vinger naar mij.
Mijn naam staat erop, maar mijn tas blijft leeg.
Ze houdt haar tas open en kijkt erin.
Er zit alleen een banaan in, zegt ze.
Die is geel, net als mijn nieuwe fiets.
Daan lacht, maar Noor kijkt weer naar het raam.
Het geld staat nog op mijn bank, zegt hij.
Je krijgt het later, niet vandaag.
Noor kijkt van het papier naar haar vader.
Dus ik heb geld, maar ook geen geld.
Je hebt mijn briefje, zegt hij met een glimlach.
Kan ik met dat briefje een fiets kopen, vraagt ze?
Daan schudt zijn hoofd en pakt de krant weer.
In Den Haag praten mensen ook over zulke briefjes.
Hij wijst naar een foto bij...
Even tussen door.
Bedankt voor het luisteren.
Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram.
Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.
Veel plezier verder met het verhaal.
Het bericht.
Ze denken niet allemaal hetzelfde over de regels.
Ik kijk naar de krant en dan naar Noor.
Een briefje en echt geld zijn niet hetzelfde, zeg ik.
Met papier kun je veel doen, maar niet alles.
Noor vouwt haar briefje voorzichtig in de vorm van een boot.
Dan heb ik nu geld en een boot.
We lachen en buiten begint het zacht te regenen.
De druppels tikken tegen het grote raam van de winkel.
Een jongen komt binnen met een natte jas.
Zijn fiets maakt een hard geluid bij elke bocht.
Daan loopt met hem naar de deur.
Noor en ik blijven bij de tafel zitten.
Ze zet haar kleine boot naast de krant.
Mijn boot kan niet tegen regen, zegt ze.
Misschien blijft hij liever hier bij de koffie.
Ik vraag waarom ze graag een andere fiets wil.
Mijn oude fiets is klein, zegt Noor.
En ik fiets elke dag naar mijn werk.
Ze werkt in een winkel met boeken en kaarten.
Haar werk begint vroeg, ook als het regent.
Ik heb zelf al geld, zegt ze.
Ze laat op haar telefoon zien hoeveel ze heeft.
Voor de gele fiets heeft ze nog niet genoeg.
Daarom kiest ze vandaag alleen een nieuwe fietsbel.
Daan komt terug en legt twee bellen op tafel.
De eerste klinkt zacht.
De tweede klinkt heel hard.
Noor kiest de zachte bel voor haar oude fiets.
Ik neem de andere, want mijn muis mag naar huis.
Daan doet de bellen in twee kleine zakjes.
Noor maakt haar boot weer plat en bewaart het briefje.
Vandaag een bel, later een fiets, zegt ze vrolijk.
Buiten voel ik frisse regen op mijn gezicht.
Ik fiets naar huis en mijn nieuwe bel klinkt helder.
Tot de volgende keer.
Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.
Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.
Spreek Nederlands, zelfs als je stottert.
Tot de volgende keer.
Settings
Text
Mode
Audio
Pause