Dutch Fluency
Find my level
Login
Play me!

De strijd van een boer

RICK: Jongens, ik las een interessant verhaal.

SOPHIE: Vertel eens, Rick.

Ik hou wel van een goed verhaal.

DAAN: Is het weer over voetbal?

Jij vertelt altijd over voetbal.

RICK: Nee, over een boer in Palestina.

Een echte boer, met land en bomen.

SOPHIE: Een boer?

Waarom is dat interessant?

Ik ken geen beroemde boeren.

DAAN: Ik ken een boer, maar die is niet beroemd.

Hij woont naast mijn oom.

RICK: Deze boer heet Daoud Nassar.

Zijn naam staat in het artikel.

SOPHIE: Nooit van gehoord.

Is hij jong of oud?

DAAN: Wat doet hij dan?

Werkt hij de hele dag op het land?

RICK: Hij vecht voor zijn grond, al jaren.

Het is geen gewone boerderij.

SOPHIE: Waarom moet hij vechten?

Heeft hij ruzie met een andere boer?

DAAN: Is er ruzie met de buren?

Dat hebben wij ook wel eens.

RICK: Het is politiek, vrienden.

Het gaat om land en macht.

SOPHIE: Politiek en boeren, dat is lastig.

Mijn vader zegt dat altijd.

DAAN: Vertel meer, ik ben nieuwsgierig.

Hoe ziet zijn boerderij eruit?

RICK: Zijn boerderij ligt bij Bethlehem.

Ken je die stad?

SOPHIE: Dat is een bekende stad.

Daar gaan mensen naartoe voor kerst.

DAAN: Ja, voor kerstverhalen.

Mijn moeder leest daar altijd over.

RICK: Maar voor Daoud is het thuis.

Hij woont daar met zijn familie.

SOPHIE: Heeft hij problemen met de overheid?

Dat klinkt eng.

RICK: Ja, en met mensen die grond willen.

Ze willen zijn land hebben.

DAAN: Zoals bij ons met bouwprojecten?

Soms willen ze hier ook bouwen.

SOPHIE: Maar hier is het niet zo heftig.

Hier is het rustig.

RICK: Precies, daar is het levensgevaarlijk.

Mensen raken gewond.

DAAN: Hoe lang duurt dat al?

Is het een nieuw probleem?

RICK: Al tientallen jaren, zegt het artikel.

Het begon lang geleden.

SOPHIE: Dat is lang.

Hij is zeker oud.

Misschien wel zestig jaar.

DAAN: Maar hij geeft niet op, toch?

Dat zou ik ook niet doen.

RICK: Nee, hij is heel sterk.

Hij blijft positief, elke dag.

SOPHIE: Wat voor dieren heeft hij?

Heeft hij kippen of geiten?

DAAN: Ja, koeien of schapen?

Ik vind schapen leuk.

RICK: Vooral olijfbomen, denk ik.

Veel olijfbomen op zijn land.

SOPHIE: Olijven zijn belangrijk daar.

Mijn tante maakt daar olijfolie van.

DAAN: En hij verkoopt olijfolie?

Dat is lekker bij brood.

RICK: Dat weet ik niet zeker.

Maar het zou goed zijn voor zijn familie.

SOPHIE: Maar waarom vecht hij precies?

Wat is het doel?

DAAN: Voor zijn erf, of voor zijn huis?

Of voor zijn bomen?

RICK: Voor alles: het land, de bomen, de toekomst.

Voor zijn kinderen.

SOPHIE: Dat is nobel.

Niet veel mensen doen dat.

DAAN: Ik zou ook vechten voor mijn huis.

En voor mijn tuin.

RICK: Jij hebt geluk, Daan.

Jij hebt geen problemen met je huis.

SOPHIE: Niet iedereen heeft dat geluk.

We moeten dat onthouden.

DAAN: Heeft hij familie?

Is hij getrouwd of heeft hij kinderen?

RICK: Ja, zijn kinderen helpen mee.

Ze werken op de boerderij.

SOPHIE: Dat is fijn, samen sterk.

Familie is belangrijk.

DAAN: Maar het is ook gevaarlijk voor hen.

Dat vind ik zorgelijk.

RICK: Dat is waar, maar ze zijn dapper.

Ze blijven bij hun vader.

SOPHIE: Ik hoop dat hij wint.

Dat zou eerlijk zijn.

DAAN: Winnen is misschien niet het juiste woord.

Het gaat om blijven.

RICK: Ja, het gaat om overleven.

Elke dag weer.

SOPHIE: En om vrede, hoop ik.

Vrede is beter dan ruzie.

DAAN: Vrede en olijfbomen, dat past.

Olijven zijn een symbool van vrede.

RICK: Zijn verhaal inspireert mij.

Ik denk aan mijn eigen leven.

SOPHIE: Wat kunnen wij doen?

We kunnen niet zomaar helpen.

DAAN: We kunnen het delen met anderen.

Vertel het aan vrienden.

RICK: Goed idee, Daan.

Zo leren meer mensen het kennen.

SOPHIE: En we kunnen bewust kopen.

Koop producten die eerlijk zijn.

DAAN: Ja, eerlijke producten steunen.

Zoals biologische olijfolie.

RICK: Precies, dat maakt verschil.

Elke kleine stap helpt.

SOPHIE: Heeft het artikel meer details?

Ik wil meer weten.

DAAN: Zoals cijfers of data?

Hoeveel land heeft hij?

RICK: Er staat dat de boerderij al sinds 1924 bestaat.

Dat is lang.

SOPHIE: Dat is bijna honderd jaar.

Mijn oma is ook bijna honderd.

DAAN: En nog steeds strijden, dat is zwaar.

Ik zou moe worden.

RICK: Maar hij blijft positief.

Hij gelooft in een goede toekomst.

SOPHIE: Dat bewonder ik.

Ik word soms moe van kleine problemen.

DAAN: Ik ook.

Koffie is nu koud.

Dat is een groot probleem.

RICK: Ha, typisch Daan.

Altijd bezig met eten en drinken.

SOPHIE: Ja, jij let altijd op je koffie.

Zelfs nu.

DAAN: Dat is belangrijk, hoor.

Koffie moet warm zijn.

RICK: Laten we nog wat bijpraten.

Over andere dingen ook.

SOPHIE: Maar met warme koffie.

Ik maak een nieuwe pot.

DAAN: En met hoop voor Daoud.

Dat is het belangrijkste.

RICK: Absoluut.

Tot de volgende.

Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze