
De Verkeerde Afslag bij Wijlre

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Thomas, volgens mij had je bij die splitsing links gemoeten.
Nu zitten we op een weg die steeds smaller wordt.
Ja, ja, maar de navigatie zei rechtdoor.
Ik vertrouw die stem toch meer dan jouw gevoel voor richting, eerlijk gezegd.
Mijn gevoel voor richting heeft ons anders nooit in de problemen gebracht.
Kijk nou, er staat geen enkel bord meer.
Waar zijn we eigenlijk?
Geen idee.
Ik heb even op de kaart gekeken, maar dit weggetje staat er niet eens op.
Dat belooft wat.
Geweldig.
We rijden al een half uur door de heuvels en ik heb nog geen dorp gezien.
Alleen maar weilanden en schapen.
Rustig maar.
We komen vast zo in een dorpje terecht.
Limburg is niet zo groot.
Je kunt hier niet echt verdwalen.
Dat zei je in de Ardennen ook.
En toen hebben we drie uur rondgereden voor we de grens weer vonden.
Oké, dat was één keer en we hebben toen wel die leuke brasserie gevonden, weet je nog.
Dat was omdat ik een local heb gevraagd.
Jij wilde per se zelf de weg vinden.
Typisch.
Nou, vooruit.
Bij het volgende huis stop ik en vraag ik het.
Beloofd.
Let op, daar is een bordje.
Ik kan het niet lezen.
Het is helemaal verweerd.
Laat eens kijken.
Wijlre.
Maar daar kwamen we net vandaan.
Hoe kan dat nou?
We zijn in een rondje gereden.
Ik zei het toch.
God, Thomas.
Hoe krijg je het voor elkaar?
Kalm.
Er moet hier ergens een afslag naar de grote weg zijn.
Ik rijd gewoon terug.
Nee, wacht.
Kijk naar die tankmeter.
Die staat al bijna op een kwart.
Hoe ver kun je nog?
Een kwart dat is genoeg voor een kilometer of tachtig.
Maak je niet druk.
Tachtig kilometer?
We zitten in the middle of nowhere, Thomas.
Het dichtstbijzijnde tankstation kan wel eens verder zijn dan dat.
Er is vast wel een dorp in de buurt.
We zijn net langs een kerk gereden.
Zag je dat niet?
Dat was geen kerk.
Dat was een boerderij met een groot dak.
Je ziet ook overal kerken als je wilt tanken.
Oké, oké.
Ik geef het toe.
Ik had beter moeten opletten.
Maar laten we nou niet in paniek raken.
We vinden wel iets.
Ik raak niet in paniek.
Ik ben alleen een beetje geïrriteerd.
Er is een verschil.
Prima, laten we bij dat huis daar stoppen.
Er brandt licht, dus er is iemand thuis.
Eindelijk een verstandig idee.
Zet maar neer bij die inrit.
Zie je wel, daar komt een man naar buiten.
Ik vraag het even.
Vraag ook waar we kunnen tanken.
En of er een camping in de buurt is.
Want ik wil hier niet in het donker rondrijden.
Doe ik. Blijf jij maar even zitten, dan regel ik dit.
Alsof ik een keuze heb. Ga nou maar.
Even later, bij het huis van een oudere man, meneer Hendriks.
Goeie middag.
Jullie zien er verdwaald uit. Komen jullie van ver?
Goeie middag, Meneer.
Ja, we zijn een beetje de weg kwijt.
We wilden naar Valkenburg, maar we zijn ergens verkeerd gereden.
Valkenburg?
Dan zijn jullie behoorlijk uit de richting.
Dit is de omgeving van Wijlre.
Maar dan aan de andere kant van de heuvel.
Dus we zijn echt in een cirkel gereden.
Dat dacht ik al.
Ach, dat gebeurt hier wel vaker.
Toeristen verdwalen vaak in deze weggetjes.
Ze staan slecht aangegeven.
Weet u misschien waar het dichtstbijzijnde tankstation is?
Onze tank is bijna leeg.
Het dichtstbijzijnde tankstation is in Gulpen, ongeveer tien kilometer verderop.
Maar jullie moeten wel de goede afslag nemen.
Anders rijden jullie weer verkeerd.
Kunt u ons uitleggen?
We zijn al zo vaak verkeerd gereden vandaag.
Natuurlijk.
Rij hier links af.
Volg de weg tot je bij een T-splitsing komt.
Daar ga je rechts.
En dan zie je vanzelf de borden naar Gulpen.
Linksaf, dan rechts bij de T-splitsing en dan borden volgen.
Dat moet lukken.
Precies.
En als je in Gulpen bent, kun je ook even wat eten.
Er is een goede bakkerij op het plein.
Dat klinkt goed.
Bedankt, meneer.
U heeft ons echt geholpen.
Graag gedaan.
Rij voorzichtig, hè.
Het is hier smal.
En er komen nogal eens tractors langs.
Dat zullen we doen.
Nogmaals bedankt!
Tot ziens.
En een fijne dag verder.
Terug in de auto.
Zie je wel.
Het was makkelijk.
Gewoon even vragen.
Ja, ik had het ook zelf kunnen vinden.
Maar goed.
Nu weten we waar we heen moeten.
Ik hoop het.
Ik wil eigenlijk nog voor het donker in Valkenburg zijn.
Even tussendoor.
Bedankt voor het luisteren.
Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram.
Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.
Veel plezier verder met het verhaal.
Ik heb een tafel gereserveerd bij dat restaurant.
Hoe laat is de reservering?
Half acht.
En het is nu kwart voor vijf.
Dus we hebben nog tijd als we niet weer verdwalen.
We verdwalen niet meer.
Ik rijd nu precies zoals die man het zei. Linksaf, dan rechts.
Let op.
Daar is de T-splitsing.
Rechts dus.
Ik zie het.
En kijk, daar staat een bord: "Gulpen".
8 kilometer.
Zie je wel.
Het komt goed.
Eindelijk.
Ik begin honger te krijgen.
Hoop dat die bakkerij nog open is.
Anders eten we gewoon in Valkenburg.
Maak je niet druk.
Ik ben gewoon voorzichtig.
We hebben al genoeg avonturen gehad vandaag.
Avonturen horen bij op reis.
Anders kun je net zo goed thuis blijven.
Nou, ik vind een rustige reis ook prima.
Maar goed, jij je zin.
Laten we tanken en doorrijden.
Komt voor elkaar.
En daarna trakteer ik je op een kop koffie bij die bakkerij.
Dat is dan het minste wat je kunt doen.
Bij het tankstation in Gulpen.
Ik tank even.
Wil jij vast naar binnen gaan en kijken of er iets lekkers is?
Goed idee.
Ik haal wel wat voor ons beide.
Wat wil je?
Doe maar een saucijzenbroodje en een koffie.
En misschien een stukje vlaai voor later.
Vlaai?
Die typisch Limburgs.
Je begint het hier nog naar je zin te krijgen.
Wat dacht je?
Ik pas me aan.
Limburg heeft goede dingen.
Mooie heuvels.
Lekker vlaai.
En slechte wegen.
Slechte bewegwijzering.
En mannen die niet willen vragen.
Hey, ik heb het gevraagd uiteindelijk.
Dat telt ook.
Uiteindelijk.
Ja.
Na een uur rondrijden.
Maar goed.
Ik zou er niet meer over beginnen.
Dank je.
Ik ga naar binnen, tot zo.
Tot zo.
En schiet een beetje op.
We hebben nog een afspraak.
Even later in de auto op weg naar Valkenburg.
Die vlaai ziet er goed uit.
Ik denk dat ik er nu al een stukje van neem.
Nee, wacht.
Er bewaren dat voor vanavond.
Anders verpest je je eetlust.
Ik heb honger, Thomas.
Een stukje vlaai gaat mijn eetlust niet verpesten.
Oké, oké.
Neem er een.
Maar dan niet klagen als je geen trek meer hebt in het restaurant.
Dat zou wel meevallen.
Ik ben een vrouw van grote eetlust.
Dat is waar.
Ik heb je in Amsterdam een hele pizza zien wegwerken.
Dat was een kleine pizza.
En ik had de hele dag gesport.
Als jij het zegt, hoe dan ook.
We zijn bijna in Valkenburg.
Nog 10 minuten.
Mooi.
Ik ben benieuwd naar het hotel.
Hoop dat het een beetje centraal ligt.
Volgens de website zit het in het centrum.
Vlak bij de ingang van de grot.
Grot, gaan we die ook bezoeken?
Misschien morgen.
Vandaag rustig aan.
We hebben al genoeg meegemaakt.
Dat is waar.
Ik wil gewoon even aankomen, douchen en eten.
Precies.
En dan morgen de grot en de burcht.
Valkenburg heeft genoeg te bieden.
Klinkt goed.
Ik verheug me erop.
Zie je wel.
Het komt allemaal goed.
Ik zei het toch.
Ja ja, jij je zin.
Maar volgende keer rijd ik.
Prima.
Dan kun jij even de weg wijzen.
Ik verdwaal nooit.
Ik vraag gewoon de weg.
Dat is waar.
Jij bent de verstandige van ons twee.
Eindelijk erkenning.
Bij het hotel in Valkenburg.
Dit is mooi.
Precies wat ik me ervan voorgesteld had.
Ja, niet slecht.
En de kamers zien er goed uit.
Kijk, uitzicht op de heuvels.
Prachtig.
Ik ga me even opfrissen.
Daarna eten.
Is goed.
Ik zoek alvast een restaurant in de buurt.
Of zou je dat aan de receptie vragen.
Vraag maar aan de receptie.
Die weten altijd de beste plekken.
Doe ik.
Ga jij maar douchen.
Ik regel het.
Kijk.
Dat is nou de Thomas die ik ken.
Behulpzaam.
Dat is altijd zo geweest.
Alleen niet als ik verdwaald ben.
Dat is dan weer eerlijk.
Tot zo.
Tot zo.
Even later in het restaurant.
Dit is echt lekker.
Die stoofvlees is perfect.
Ja, goeie keuze.
Maar de forel is ook niet slecht.
Zie je wel.
Limburg heeft goede dingen.
Je moet alleen de weg weten.
Letterlijk en figuurlijk.
Maar goed, morgen gaan we het beter doen.
Morgen.
Wat staat er op het programma?
De grotten, de burcht.
En 's middags naar Maastricht.
Dat schijnt een leuk festival te zijn.
Maastricht?
Dat is toch een eind rijden.
Een halfuur of zo.
Prima te doen.
En we hebben de auto.
Oké, maar daar rij ik.
Jij hebt vandaag je kans gehad.
Best, ik geef het stuur met plezier uit handen.
Mooi.
Dan kan ik tenminste genieten van het uitzicht.
En ik kan eindelijk eens ontspannen.
Misschien moet ik vaker verdwalen.
Nee, dat hoeft niet.
Eén keer per reis is genoeg.
Afgesproken.
Op naar morgen.
Op naar morgen.
En naar Maastricht.
Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.
Op Dutchfluency.com vind je de transcriptie en oefeningen.
Spreek Nederlands.
Zelfs als je stottert.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze