

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Hé, luister eens.
De kustwacht is weer te bereiken.
SOPHIE: O, via de marifoon bedoel je?
RICK: Ja, precies.
Er was een storing.
DAAN: Een storing?
Dat wist ik niet.
RICK: De radio werkte niet goed.
Nu is het opgelost.
SOPHIE: Mijn oom vaart vaak op zee.
Hij belt altijd.
DAAN: Belt hij de kustwacht?
SOPHIE: Ja, als hij hulp nodig heeft.
Soms belt hij gewoon om te zeggen dat alles goed gaat.
RICK: Dat is slim.
Veiligheid is belangrijk.
DAAN: Mijn oom had een klein bootje.
Hij voer nooit ver.
SOPHIE: Gelukkig maar.
De zee is soms gevaarlijk.
RICK: Daarom is de marifoon zo handig.
DAAN: Hoe werkt dat ding eigenlijk?
RICK: Je praat in een microfoon.
De kustwacht hoort je.
SOPHIE: En als er geen signaal is?
RICK: Dan heb je een probleem.
Maar nu werkt het weer.
DAAN: Fijn.
Ik drink liever koffie op kantoor.
SOPHIE: Jij durft zeker niet op een boot?
DAAN: Jawel hoor.
Maar ik word snel zeeziek.
RICK: Haha, dat is eerlijk.
SOPHIE: Ik heb trek.
Zal ik broodjes halen?
DAAN: Ja, graag.
Met kaas als het kan.
RICK: Doe mij maar een broodje gezond.
SOPHIE: Oké, ik ben zo terug.
DAAN: Rick, hoe weet je dit nieuws eigenlijk?
RICK: Ik hoorde het op de radio vanochtend.
DAAN: O, op de gewone radio?
RICK: Ja, een nieuwsbericht.
Kort maar duidelijk.
SOPHIE: Ik ben terug.
Drie broodjes.
DAAN: Snel!
Dank je wel.
RICK: Eet smakelijk allemaal.
SOPHIE: Jij ook.
En nog vragen over de marifoon?
DAAN: Nee, ik snap het.
Praat in de microfoon.
RICK: Precies.
En de kustwacht luistert altijd.
SOPHIE: Mooi.
Dan kan mijn oom veilig varen.
DAAN: En wij eten rustig verder.
RICK: Wacht, ik heb nog een vraag.
Hoe vaak moet je de marifoon testen?
SOPHIE: Volgens mijn oom elke keer voor je uitvaart.
Dan weet je zeker dat hij werkt.
DAAN: Dat is een goede tip.
Ik zal het onthouden.
RICK: En als je een noodoproep doet, moet je duidelijk praten.
SOPHIE: Ja, en je moet je naam en positie zeggen.
DAAN: Positie?
Bedoel je waar je bent?
RICK: Ja, bijvoorbeeld: ik ben bij de haven van Scheveningen.
SOPHIE: Mijn oom zegt altijd: oefen met de marifoon als het rustig is.
DAAN: Oefenen?
Dat klinkt logisch.
RICK: Zeker.
Dan weet je wat je moet doen in een noodgeval.
SOPHIE: Hij heeft ook een keer een storm meegemaakt.
Toen belde hij de kustwacht.
DAAN: En wat gebeurde er?
SOPHIE: De kustwacht stuurde een reddingsboot.
Alles kwam goed.
RICK: Zie je, de marifoon redt levens.
DAAN: Ik denk dat ik toch maar op kantoor blijf.
SOPHIE: Haha, dat snap ik.
Maar je kunt altijd nog een keer oefenen.
RICK: Ja, je weet maar nooit.
DAAN: Oké, genoeg over de zee.
Hoe smaakt je broodje?
SOPHIE: Heerlijk.
Met kaas en tomaat.
RICK: Mijn broodje gezond is ook lekker.
Met sla en ei.
DAAN: Ik heb gewoon kaas.
Simpel maar goed.
SOPHIE: Rick, jij bent zeker vaker op een boot geweest?
RICK: Een paar keer.
Maar ik ben geen zeeman.
DAAN: Wat doe je dan als je op zee bent?
RICK: Vissen.
En luisteren naar de marifoon.
SOPHIE: Dat is handig.
Mijn oom vist ook.
DAAN: Vangen jullie veel vis?
RICK: Soms.
Meestal kleine vis.
Maar het is leuk.
SOPHIE: Mijn oom vangt soms een grote kabeljauw.
DAAN: Kabeljauw?
Dat is lekker.
RICK: Ja, met boter en citroen.
SOPHIE: Nu krijg ik weer trek.
DAAN: Je hebt net een broodje op.
SOPHIE: Ik weet het.
Maar vis is anders.
RICK: Haha, Sophie houdt van eten.
SOPHIE: Zeker.
En jij?
RICK: Ik ook.
Vooral als het gratis is.
DAAN: Dan moeten we vaker naar de kustwacht luisteren.
Misschien krijgen we een uitnodiging.
SOPHIE: Droom maar lekker verder.
RICK: Oké, genoeg gepraat.
Ik moet gaan.
DAAN: Ja, ik ook.
Bedankt voor de uitleg.
SOPHIE: Graag gedaan.
Tot snel.
RICK: Tot de volgende.
Ga naar dutchfluency punt com voor meer dialogen.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze