

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Rick: Pff, ik lees wat op mijn telefoon.
Pieter: Wat lees je, Rick?
Lisa: Is het iets leuks?
Rick: Nee, niet echt.
Het is nieuws.
Pieter: Goed nieuws of slecht nieuws?
Rick: Het is niet zo goed, denk ik.
Lisa: Vertel.
Wat is er?
Rick: Het gaat over Nederlandse militairen.
Pieter: Oké.
En wat is er met hen?
Rick: Ze zijn in Duitsland voor hun werk.
Lisa: Dat is normaal, toch?
Rick: Ja, dat wel.
Maar er is een ongeluk.
Pieter: Een ongeluk?
Wat voor ongeluk?
Rick: Een botsing.
Met een grote auto.
Lisa: Oh nee.
Zijn er mensen gewond?
Rick: Ja.
Vier militairen zijn gewond.
Pieter: Vier?
Dat is best veel.
Lisa: Dat is heel slecht nieuws.
Rick: Inderdaad.
Ik vind het ook erg.
Pieter: Is hun auto nu kapot?
Rick: Ja, de foto's zijn niet goed.
Rick: De auto is helemaal kapot.
Lisa: En de militairen?
Waar zijn zij nu?
Rick: Ze zijn nu in een ziekenhuis.
Pieter: Een ziekenhuis in Duitsland?
Rick: Ja, een Duits ziekenhuis.
Lisa: Ik hoop dat ze snel beter zijn.
Pieter: Ja, dat hoop ik ook voor ze.
Rick: Het artikel zegt niet veel meer.
Lisa: Het is altijd erg, zulk nieuws.
Pieter: Ja, je schrikt toch even.
Rick: Precies.
Ik leg mijn telefoon weg.
Pieter: Goed idee.
Laten we wat anders doen.
Lisa: Wil iemand wat drinken?
Thee of koffie?
Rick: Ja, graag.
Ik wil wel koffie.
Pieter: Voor mij ook koffie, alsjeblieft.
Lisa: Oké.
Twee koffie, en ik neem thee.
Rick: Heb je ook een koekje?
Lisa: Haha, natuurlijk heb ik koekjes.
Pieter: Een gesprek over nieuws maakt hongerig.
Rick: Zeker.
Zwaar werk, praten.
Lisa: Jullie zijn echt erg.
Pieter: Maar we zijn wel lief, toch?
Lisa: Soms.
Heel soms.
Rick: Hey!
Ik ben altijd lief.
Pieter: Jij bent een leraar.
Dat moet.
Lisa: Hier is de koffie.
En een koekje.
Rick: Dank je, Lisa.
Dit is beter.
Pieter: Veel beter dan dat nieuws.
Lisa: Absoluut.
Waar praten we nu over?
Rick: Over het weer misschien?
Pieter: Nee, niet over het weer.
Saai.
Lisa: Heb je een beter idee, Pieter?
Pieter: Ja.
Wat eten we vanavond?
Rick: Haha, dat is een goede vraag.
Lisa: Ik heb geen idee.
Ik heb niks in huis.
Pieter: We kunnen pizza bestellen.
Rick: Pizza is altijd een goed idee.
Lisa: Ja, dat is makkelijk en lekker.
Pieter: Ik betaal wel.
Geen probleem.
Rick: Dat is aardig van je, Pieter.
Lisa: Super!
Welke pizza nemen we?
Pieter: Ik wil salami.
Rick: Ik wil tonijn.
Dat is mijn favoriet.
Lisa: Dan neem ik een vegetarische pizza.
Pieter: Prima.
Drie verschillende pizza's.
Rick: Perfect.
Probleem opgelost.
Lisa: Zie je?
Veel beter dan nieuws lezen.
Rick: Je hebt helemaal gelijk, Lisa.
Pieter: Het leven is simpel.
Eten, drinken, slapen.
Rick: En een beetje werken.
Pieter: Ja, een heel klein beetje.
Lisa: Jij bent echt lui, Pieter.
Pieter: Ik ben niet lui.
Ik ben efficiënt.
Rick: Haha, dat is een goede.
Lisa: Ik ga de pizza's bestellen.
Rick: Top.
Ik heb nu al honger.
Pieter: Ik ook.
Het is de schuld van het nieuws.
Lisa: Alles is de schuld van het nieuws.
Rick: Oké, genoeg nu.
Het is tijd voor pizza.
Rick: Tot de volgende.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze