

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het is maandag ochtend.
Emma staat bij de bus halte in Den Haag.
Ze moet naar haar werk.
Het is koud.
De wind wijd.
Emma draagt een dikke jas en een schaal.
Ze kijkt op haar horloze.
Het is 8 uur.
De bus komt om 8 uur en 5 minuten.
Emma wacht.
Ze kijkt naar de lucht.
De lucht is grijs.
Het regent een beetje.
Emma zucht.
Ze denkt waar blijft de bus?
Er staat een oude man naast haar.
Hij heet meneer Jansen.
Hij draagt een pet en een bruine jas.
Hij kijkt ook op zijn horloze.
De bus is laat, zegt meneer Jansen.
Emma knikt.
Ja, dat klopt, zegt ze.
Ik moet om halv negen beginnen.
Meneer Jansen lacht.
Ik moet naar de markt, zegt hij.
Ik kope altijd viss op maandag.
Emma glim lacht.
Ze vindt de oude man aardig.
Er komen meer mensen bij de bus halten.
Een vrouw met een kinderwagen.
Twee studenten met grote tassen.
Een jongen met een fiets.
Iedereen wacht.
De regen wordt harder.
Emma voelt water in haar schoenen.
Zo wordt nat.
Ze kijkt op haar telefoon.
De bus komt niet.
Volgens de app is de bus over twee minuten.
Maar er is geen bus.
Meneer Jansen zucht.
Ik sta hier al 20 minuten.
Zegt hij.
Dat is niet normaal.
Emma wordt boos.
Ze houdt niet van wachten.
Ze wil naar haar werk.
Ze wil koffie drinken.
Ze wil niet in de regen staan.
Dan komt er een andere bus.
Het is bus 23.
Maar Emma moet bus 16 hebben.
De bus stopt.
De deuren gaan open.
De chauffeur kijk naar buiten.
Bus 16 komt niet.
Zegt hij.
Er is een probleem.
De bus is kapot.
De mensen bij de halten kijken verbast.
Wat?
Zegt Emma.
Hoe lang moet ik wachten?
De chauffeur houdt zijn schouders op.
Ik weet het niet.
Zegt hij.
Even tussen door.
Bedankt voor het luisteren.
Reageer onder deze aflevering.
Of stuur me een DM op Instagram.
Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.
Veel plezier verder met het verhaal.
Misschien een halve uur.
Misschien langer.
Emma zucht diep.
Ze kijkt naar de lucht.
De regen valt op haar gezicht.
Ze voelt zich moe.
Ze denkt aan haar werk.
haar baas wordt boos als ze te laat komt.
Ze heeft geen auto.
Ze kan niet fietsen in de regen.
Wat moet ze doen?
Meneer Jansen raakt haar arm aan.
Meisje.
Zegt hij.
Ik ga met de tram.
De tram stopt hierom de hoek.
Ga je mee?
Emma kijkt naar de oude man.
Ze glim lacht.
Ja, graag.
Zegt ze.
Dank u wel.
Ze lopen samen naar de tram halten.
De regen valt.
Maar Emma voelt zich iets beter.
Ze is niet alleen.
Bij de tram halten staat een klein hoekje.
Er zijn veel mensen.
Iedereen wil weg van de regen.
Emma en Meneer Jansen stappen in de tram.
De tram is warm.
Emma zucht van opluchting.
Ze gaat zitten.
Meneer Jansen zit naast haar.
Zie je?
Zegt hij.
Er is altijd een oplossing.
Emma knikt.
U heeft gelijk, zegt ze.
Ik was boos, maar nu voel ik me rustig.
De tram rijdt door de stad.
Emma kijkt naar buiten.
Ze ziet de winkels en de huizen.
Ze ziet mensen met paraplus.
Ze ziet fietsers.
De tram stopt bij haar werk.
Emma staat op.
Dank u wel, Meneer Jansen, zegt ze.
U heeft mijn dag geret.
Meneer Jansen lacht.
Graag gedaan, zegt hij.
Sukses op je werk.
Emma stapt uit.
Ze lopen naar binnen.
Ze is maar tien minuten te laat.
Harbaa zegt niets.
Emma zucht.
Ze hangt haar natte jas op.
Ze maakt koffie.
Ze denkt aan de oude man.
Ze glim lacht.
Soms is een slechte ochtend niet zo slecht.
Tot de volgende.
Open de interactieve speler op Dutchfluency.com slash transcripts.
Tick op een woord als je vast loopt.
Bedankt voor het luisteren naar Dutchfluency.
Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.
Spreek Nederlandse zelfs als je stottert.
Tot de volgende keer.
Aanpassen
Tekst
Modus
Audio
Pauze