Alle podcasts

Een Explosie in de Winkelstraat

Hassan opende zijn kleine supermarkt zoals elke ochtend om half zeven.

Hij draaide de sleutel om en het slot klikte.

Binnen rook het naar vers brood en koffie.

Buiten was de straat nog stil.

Alleen een meeuw liep over de stoep.

Hij zette de kassa aan en controleerde of de beveiligingscamera's werkten.

De laatste week was hij extra voorzichtig.

In de krant had hij gelezen dat er weer een explosief was gevonden in een winkel verderop.

Dat was al de derde in een week.

De politie had twee mensen gearresteerd.

Maar Hassan voelde zich niet veilig.

Hij veegde de vloer en zette de groente buiten in de rekken.

Zijn handen trilden een beetje. ‘Het is niet normaal,’ mompelde hij. ‘Waarom doen ze dit?

Wie haalt het in zijn hoofd om een winkel op te blazen?’ Hij dacht aan zijn eigen zaak.

Tien jaar geleden was hij hier begonnen.

Hij kende elke klant.

Nu was er iets veranderd.

De spanning hing in de lucht.

Om half acht kwam mevrouw Dekker binnen, zijn eerste klant.

Ze was een oude dame met een boodschappenkarretje. ‘Goedemorgen, Hassan.

Alles oké?’ vroeg ze.

Hij glimlachte. ‘Ja hoor, mevrouw Dekker.

Een beetje moe.’ Ze keek hem aan. ‘Ik hoorde over die explosies.

Enge tijden, hè?

Vroeger kon je overal rustig winkelen.

Tegenwoordig weet je het niet meer.’ Hij knikte. ‘U heeft gelijk.

Het lijkt wel of mensen geen respect meer hebben.

Ze gebruiken geweld om hun gelijk te halen.

Maar wat kan ik doen?

Ik wil mijn winkel openhouden.

Mijn klanten hebben mij nodig.’ Mevrouw Dekker pakte een pak melk. ‘Je moet oppassen.

Misschien kun je een extra alarm installeren.

Of een bewaker inhuren.’ Hassan schudde zijn hoofd. ‘Dat kost te veel geld.

De politie heeft ook niet genoeg mensen.

Ze zeggen dat ze patrouilleren, maar ik zie ze zelden.’ Even later kwam een politieagent binnen. ‘Meneer Hassan?

Ik ben agent Jansen.

We doen een controle in de buurt.

Heeft u verdachte dingen gezien de laatste dagen?’ Hassan dacht na. ‘Nee, niet echt.

Alleen wat jongens die ’s avonds rondhangen bij de pinautomaat.

Maar dat is niets nieuws.’ De agent noteerde iets. ‘We hebben twee verdachten opgepakt na de laatste explosie.

Het zijn mannen uit de buurt.

We hopen dat het nu stopt.

Maar blijf alert.

Als u iets ziet, belt u direct 112.’ Hassan bedankte hem.

Toen de agent wegging, voelde hij een klein beetje opluchting.

Misschien was het gevaar geweken.

Maar de hele dag bleef hij onrustig.

Elk geluid dat hij hoorde, deed hem schrikken.

Het gelach van kinderen op straat klonk ineens als een dreiging.

Om zes uur sloot hij de winkel.

Hij deed extra grendels op de deur.

Thuis in zijn kleine appartement boven de zaak staarde hij naar het plafond. ‘Zou het hier ook gebeuren?’ vroeg hij zich af.

Hij kon niet slapen.

Hij dacht aan zijn zoon die studeerde in Utrecht. ‘Is hij veilig?’ Hij pakte zijn telefoon en belde. ‘Lukas?

Alles goed?’ ‘Ja pap, waarom bel je zo laat?’ ‘Ik maak me zorgen.

Die explosies in de stad…’ ‘Ach pap, maak je niet druk.

Het valt wel mee.

De politie heeft ze gepakt.’ De volgende ochtend stond hij weer in de winkel.

De zon scheen door het raam.

Het leek een gewone dag.

Maar toen hij de krant opensloeg, zag hij een foto.

Het was een van de gearresteerde mannen.

Hij herkende hem.

Hij kwam vaak in de winkel.

Een jonge man met een boze blik.

Hij kocht altijd energiedrankjes en chips.

Soms praatte hij over de politiek.

Over ongelijkheid en woede.

Hassan had nooit terug gepraat.

Nu begreep hij het beter.

De woede moest ergens vandaan komen.

Maar waarom kiezen mensen voor zulke gewelddadige middelen?

Hij schonk een kop koffie in en ging achter de toonbank zitten.

Het was rustig.

Alleen een oude meneer die de krant las.

Buiten reed een politieauto langzaam voorbij.

Hassan dacht aan de toekomst. ‘Ik kan niet stoppen.

Dit is mijn leven.

Maar ik moet wel veranderen.

Misschien een buurtbijeenkomst organiseren.

Mensen leren praten over hun problemen, in plaats van bommen te maken.’ Hij glimlachte een beetje.

Het was een klein idee, maar het gaf hem hoop.

De deur ging open.

Mevrouw Dekker kwam weer binnen. ‘Hassan, je ziet er beter uit vandaag.’ ‘Dank u, mevrouw.

Ik heb een plan.’ ‘Vertel!’ En hij begon te praten over zijn idee voor een praatgroep in de wijk.

De oude mevrouw knikte goedkeurend. ‘Eindelijk iemand die wil luisteren,’ zei ze.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze