Alle podcasts

Warme Thee na een Hard Bericht

Vanmorgen fiets ik door Den Haag naar de bibliotheek.

De regen tikt zacht op mijn jas.

Bij de hoek ruikt het naar natte stenen.

Ook ruik ik warme koeken van bakker Fien.

Mijn fiets piept, alsof hij ook les wil.

Ik zeg tegen mijn fiets: vandaag niet, vriend.

Fien lacht achter het raam en zwaait naar mij.

Binnen staat de radio zacht aan.

Ik koop twee koeken voor mijn groep.

Dan hoor ik een kort bericht op de radio.

In Canada zoekt de politie twee mensen na harde knallen.

Bij een gebouw van de Verenigde Staten gaat iets mis.

Een Canadese agent leeft niet meer.

Hij was daar voor zijn baan.

Veel mensen zijn stil.

Ik slik en zet de radio zachter.

Fien kijkt naar de toonbank.

Zij zegt: zoiets komt hard binnen, Rick.

Ik knik en betaal de koeken.

Buiten is de lucht grijs en laag.

De tram belt bij de halte.

Dat gewone geluid helpt een beetje.

In de bibliotheek zitten Mira en Samir al klaar.

Mira draagt een blauwe sjaal.

Samir heeft een schrift en een rode pen.

Hij schrijft altijd groot.

Soms kan ik zijn woorden bijna vanaf Scheveningen lezen.

Ik zet thee op tafel.

De kopjes zijn warm in mijn handen.

De thee ruikt naar munt en citroen.

Mira kijkt naar mij en vraagt: gaat het goed?

Ik zeg: ik hoorde net een hard bericht.

In Canada is een agent niet meer bij zijn familie.

Hij hielp bij een zaak bij een Amerikaans gebouw.

Nu zoekt de politie nog twee mensen.

Samir legt zijn pen neer.

Hij zegt: ik vind zulke woorden lastig in het Nederlands.

Wat kan ik dan zeggen?

Ik schrijf drie zinnen op een klein bord.

Ik denk aan jou.

Ik hoop dat je hulp krijgt.

Ik ben even stil met jou.

Mira leest de zinnen langzaam.

Zij zegt: dat is zacht en simpel.

Ik zeg: ja, soms zijn simpele woorden goed.

Grote woorden maken het hoofd vol.

Samir knikt en neemt een koek.

Hij zegt: mijn hoofd is al vol met werkwoorden.

Dan past er geen groot woord meer bij.

We lachen zacht.

De lach is klein, maar warm.

Daarna oefenen we met zinnen over gevoel.

Ik ben boos, omdat dit niet eerlijk is.

Ik ben stil, want ik weet weinig.

Ik hoop dat mensen elkaar helpen.

Mira schrijft alles netjes in haar schrift.

Samir schrijft scheef, maar met plezier.

Zijn rode pen maakt kleine krassen.

Buiten tikt de regen tegen het raam.

Een kind loopt langs met gele laarzen.

Het kind springt in een plas.

Mira lacht en zegt: die plas wint vandaag.

Ik zeg: ja, Den Haag speelt altijd mee.

Dan komt tante Nel binnen.

Zij werkt in de bibliotheek.

Zij brengt extra suiker en kleine lepels.

Zij hoort onze zinnen en blijft even staan.

Tante Nel zegt: mijn neef is agent.

Zijn baan is soms niet veilig.

Ik denk vaak aan hem.

De groep is stil.

Ik geef haar een kop thee.

Zij gaat zitten bij ons tafeltje.

Samen drinken we rustig.

Niemand hoeft snel iets te zeggen.

Na een minuut zegt Samir: zullen we een briefje maken?

Niet om te sturen, maar om te oefenen.

Ik zeg: goed idee.

We schrijven: Beste familie, wij denken aan jullie.

Wij hopen dat mensen dicht bij jullie zijn.

Mira tekent een klein hartje naast de zin.

Samir tekent een paraplu.

Ik vraag: waarom een paraplu?

Hij zegt: tegen regen in het hart.

Dat klinkt mooi en een beetje gek.

Tante Nel glimlacht.

Zij zegt: gek kan ook lief zijn.

Aan het eind van de les is het lichter buiten.

De wolken zijn nog grijs, maar minder donker.

Ik fiets later naar huis met koude handen.

Toch voelt mijn hart iets warmer.

Ik denk aan de agent in Canada.

Ik denk ook aan zijn familie.

Ik kan het grote probleem niet klein maken.

Maar ik kan wel rustig praten.

Ik kan thee schenken.

Ik kan simpele woorden kiezen.

En soms is dat een begin.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze