Try the apps free
Login
Play me!
Alle podcasts

Rook in de Buurt van Wijchen

Bas woont in een klein huis aan de rand van Wijchen.

Hij is een rustige man van veertig jaar.

Hij werkt drie dagen per week in een bakkerij.

Op zijn vrije dagen zit hij graag in de tuin met een kop koffie.

Op een dinsdagmiddag zit Bas buiten.

Het is een gewone dag.

De lucht is blauw en de vogels zingen.

Bas drinkt zijn koffie en leest een boek.

Hij is heel ontspannen.

Maar dan ruikt hij iets.

Het is een vreemde lucht.

Het ruikt naar rook.

Bas kijkt op van zijn boek.

Hij ziet een grijze wolk boven de bomen.

De wolk wordt groter en groter.

Bas staat snel op.

"Dat is geen barbecue," denkt hij.

"Dat is een echte brand." Zijn buurvrouw Lena komt ook naar buiten.

Lena is een vrouw van vijfenzestig jaar.

Ze heeft een rode jas aan en een bezorgd gezicht.

"Bas, zie jij dat ook?" vraagt ze.

Ze wijst naar de rook.

"Ja," zegt Bas.

"Ik zie het.

Er is brand in het bos." "Ik bel de brandweer," zegt Lena.

Ze pakt haar telefoon en belt snel.

Bas loopt naar het hek van zijn tuin.

Hij kijkt naar het bos.

De rook is nu donkerder.

Hij ruikt de rook heel sterk.

Het is een nare lucht.

Zijn ogen worden een beetje rood van de rook.

Na een paar minuten hoort Bas een hard geluid.

Het is de brandweerauto.

De auto rijdt snel door de straat.

Bas zwaait naar de brandweermannen.

Ze rijden naar het bos.

Lena komt naast Bas staan.

"Ik hoop dat het niet groot is," zegt ze.

"Ik ook," zegt Bas.

"Het bos is zo mooi hier." Ze wachten samen bij het hek.

Na twintig minuten is de rook minder.

De brandweer heeft het vuur gedoofd.

Het vuur was niet groot, maar het was wel gevaarlijk.

Later komt een politieauto de straat in.

Twee agenten stappen uit.

Ze lopen naar het bos.

Bas en Lena kijken nieuwsgierig.

"Waarom is de politie er ook?" vraagt Lena.

"Misschien weten ze niet hoe het vuur is begonnen," zegt Bas.

De agenten praten met de brandweermannen.

Ze schrijven dingen op in een klein boekje.

Ze kijken goed naar de grond in het bos.

Ze zoeken naar aanwijzingen.

Een agent komt naar Bas en Lena toe.

"Heeft u iets gezien of gehoord?" vraagt hij.

"Nee," zegt Bas.

"Ik zat in de tuin en ik rook de rook.

Dat was alles." "Dank u wel," zegt de agent.

"We denken dat iemand het vuur misschien zelf heeft gemaakt.

We weten het nog niet zeker." Bas en Lena kijken elkaar aan.

"Dat is niet goed," zegt Lena zacht.

"Nee," zegt Bas.

"Het bos is voor iedereen.

Je moet er goed voor zorgen." De agenten blijven nog een uur in het bos.

Bas maakt een nieuwe kop koffie voor zichzelf en voor Lena.

Ze zitten samen in de tuin.

Ze praten over het bos en over de buurt.

"Gelukkig was de brandweer snel," zegt Lena.

"Ja," zegt Bas.

"En gelukkig heb jij snel gebeld." Lena lacht een beetje.

"Dat is toch normaal," zegt ze.

"We helpen elkaar hier in de buurt." Bas knikt.

Hij drinkt zijn koffie en kijkt naar de bomen.

De lucht ruikt nu weer fris.

Het bos is stil.

Alles is weer rustig in Wijchen.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze