

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het is maandagochtend.
Karim rijdt zijn taxi door de straten van Haarlem.
Het is koud buiten.
Hij ziet de grijze lucht en denkt aan zijn werk.
De lucht is grijs en laag.
Het ruikt naar regen.
Karim zucht.
Hij hoort de motor zachtjes brommen.
De straten zijn nog stil.
Een enkele fietser rijdt voorbij.
Karim werkt al vijf jaar als taxirijder.
Hij rijdt elke dag veel mensen door de stad.
Wat?
Maar hij is niet blij.
Elke rit kost hem veel geld.
Hij moet een groot deel van zijn geld geven aan Uber.
Dat vindt hij niet eerlijk.
Nee, dat woord mag niet.
Hij vindt het niet goed.
Vijf jaar lang heeft hij dit gedaan.
Vijf jaar lang hetzelfde gevoel.
Hij kijkt naar de teller in de auto.
In de auto.
Het geld dat hij verdient, gaat bijna allemaal naar Uber.
Dat is niet goed.
Na zijn eerste rit stopt Karim bij een klein café.
Zijn vriend Youssef zit daar al.
Youssef rijdt ook taxi.
Hij drinkt koffie en kijkt naar zijn telefoon.
De koffie ruikt sterk.
Karim ruikt ook brood.
Het café is warm.
Buiten is het koud.
'Hé Karim,' zegt Youssef.
Kijk hier eens naar.
Karim gaat zitten.
Hij pakt zijn kopje koffie.
Het ruikt lekker.
De koffie is heet.
Hij voelt de warmte in zijn handen.
Wat is dat?
vraagt Karim.
'Ik lees over taxirijders in Amsterdam,' zegt Youssef.
Zij maken een eigen app. Dan geven ze minder geld weg.
Karim denkt na.
Hij kijkt naar buiten.
Een fiets rijdt voorbij.
Een kind loopt naar school.
De fietsbel klinkt helder.
Het kind draagt een rode jas.
Karim ziet de kleur goed in het grijs.
'Een eigen app,' zegt Karim langzaam.
Dat kost veel geld toch?
'Ja,' zegt Youssef.
Maar samen met veel rijders is het minder.
We delen de kosten.
Karim drinkt zijn koffie.
Hij denkt aan alle ritten van de afgelopen week.
Hij denkt aan het geld dat hij kwijt is.
Elke week weer.
Hij denkt aan de vorige maand.
Toen moest hij zijn auto laten repareren.
Dat kostte veel geld.
En toch moest hij Uber betalen.
Dat was een moeilijke tijd.
Hij dacht toen: ik stop met taxi rijden.
Maar hij stopte niet.
Hij rijdt nog steeds.
Ik ken veel rijders in Haarlem.
Even tussendoor.
Bedankt voor het luisteren.
Reageer onder deze aflevering.
Of stuur me een DM op Instagram.
Dan stuur ik je een speciale kortingskode
voor de interactieve versie van deze aflevering.
Veel plezier verder met het verhaal.
'In Haarlem,' zegt Karim.
We kunnen met hen praten.
'Goed idee,' zegt Youssef.
Mijn neef werkt met apps.
Hij kan ons helpen.
De twee mannen drinken hun koffie op.
Ze maken een plan.
Ze schrijven namen op een papier.
Tien rijders.
15 rijders.
Misschien meer.
Het papier raakt vol.
Youssef schrijft netjes.
Karim kijkt toe.
De volgende dag bellen Karim en Youssef alle rijders.
Sommigen zeggen ja.
Anderen zeggen nee, want ze zijn bang.
Maar na twee dagen zeggen 12 rijders ja.
12 mensen.
Dat is een begin.
De neef van Youssef heet Samir.
Samir is jong en slim.
Hij werkt graag met telefoons en apps.
Samir luistert naar het plan van Karim en Youssef.
Hij knikt.
Hij stelt vragen.
Hij schrijft dingen op.
Ik kan dit maken.
Zegt Samir.
Maar het kost tijd.
En jullie moeten mij betalen.
Dat is goed, zegt Karim.
We betalen samen.
Na drie maanden is de app klaar.
De app heet HaarlemRit.
Klanten kunnen een taxi vragen via de app.
De rijders krijgen meer geld per rit.
Ze geven nu minder geld weg.
De app is blauw en wit.
Hij ziet er mooi uit.
Karim is trots.
Op de eerste dag van de nieuwe app
rijdt Karim vroeg in de ochtend.
Hij krijgt zijn eerste rit via HaarlemRit.
Een vrouw wil naar het ziekenhuis.
Karim rijdt haar snel en veilig.
De auto ruikt naar schone lucht.
Karim heeft de auto gewassen.
Hij wil dat alles goed is.
In de auto zegt de vrouw.
Dit is een nieuwe app, toch?
Ik vind hem fijn.
Karim lacht.
Ja, zegt hij.
Wij hebben hem zelf gemaakt.
De vrouw kijkt hem aan.
Echt waar?
Dat is knap.
Karim rijdt verder door de straten van Haarlem.
De zon komt op.
De stad wordt wakker.
Hij hoort vogels.
Hij ziet de lichten van de winkels.
Karim voelt zich goed, want nu werkt hij voor zichzelf.
Hij denkt aan de afgelopen maanden.
Het was veel werk, soms was het moeilijk.
Maar nu is het klaar.
Hij is blij.
Hij werkt voor zichzelf.
Dat is het belangrijkste.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze