

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Hé allemaal, ik heb een vraag.
EMMA: Zeg het eens, Rick.
SOPHIE: Is het weer over eten?
RICK: Ja, natuurlijk.
Ik heb een nieuwe plek ontdekt.
Het heet Ik🍔ihe, weet je dat?
EMMA: Haha, wat is dat?
SOPHIE: Klinkt als een rare emoji.
RICK: Nee, het is een nieuw restaurant.
Een hamburgerzaak, maar met een grappige naam.
EMMA: Oh, een hamburgerzaak?
Dat klinkt leuk.
RICK: Ja, ze hebben grote burgers.
Echt grote, met veel kaas en saus.
SOPHIE: En de naam is Ik🍔ihe?
Dat is echt grappig.
RICK: Precies, grappig toch?
Ik zag het bord en moest lachen.
EMMA: Waar is dat restaurant?
Is het ver?
RICK: In het centrum, bij de kerk.
Je kent die straat wel, met die oude bomen.
SOPHIE: Ik ken die plek.
Het was vroeger een boekwinkel.
Ja, ik kwam daar vaak om boeken te kopen.
EMMA: Echt?
Dat wist ik niet.
Een boekwinkel, dat is anders.
RICK: Ja, nu maken ze daar burgers.
De boeken zijn weg, maar de sfeer is nog goed.
SOPHIE: Zijn ze duur?
Ik hoop het niet.
RICK: Nee, de prijzen zijn goed.
Een burger kost ongeveer acht euro.
EMMA: Dat is niet duur.
Wat voor burgers hebben ze?
RICK: Een klassieke, een spicy en een veggie.
De klassieke is met rundvlees en kaas.
SOPHIE: Lekker, ik eet graag veggie.
De veggie is met groenten en een plantaardige burger.
EMMA: Ik wil de spicy proberen.
Ik hou van pittig eten.
RICK: We moeten samen gaan.
Dan kunnen we alle drie iets anders bestellen.
SOPHIE: Goed idee, wanneer?
Ik heb morgen vrij.
EMMA: Morgenavond is goed voor mij.
Ik heb geen afspraken.
RICK: Ik kan ook morgen.
Laten we het doen.
SOPHIE: Dan maken we een plan.
We gaan om zes uur?
RICK: We gaan om zes uur?
Dat is vroeg, maar oké.
EMMA: Dat is vroeg, maar oké.
Ik moet eerst werken tot vijf.
SOPHIE: Ik moet eerst werken tot vijf.
Maar zes uur is prima.
RICK: Geen probleem, we wachten op jou.
We kunnen vast een tafel zoeken.
EMMA: Ja, we zijn niet ongeduldig.
We kletsen wel wat.
SOPHIE: Jullie zijn lief.
Dank je.
Dat waardeer ik.
RICK: Zullen we reserveren?
Het kan druk zijn.
EMMA: Goed idee, het is populair.
Ik hoorde dat het vaak vol zit.
SOPHIE: Ja, anders is het vol.
Laten we reserveren.
RICK: Ik bel vanmiddag even.
Ik doe het meteen na de lunch.
EMMA: Mooi, dan is dat klaar.
We hebben een tafel voor drie.
SOPHIE: En wat drinken we daar?
Hebben ze lekkere drankjes?
RICK: Ze hebben fris en bier.
Ook limonade en ijsthee.
EMMA: Ik neem een cola light.
Dat is mijn favoriet.
SOPHIE: Een appelsap voor mij.
Lekker fris.
RICK: En ik een speciaal biertje.
Ze hebben een lokaal biertje.
EMMA: Jij en je bier, Rick.
Altijd hetzelfde.
SOPHIE: Ja, altijd een feestje.
Jij maakt overal een feestje van.
RICK: Nee, dat is niet waar.
Soms neem ik water.
Echt, als ik moet rijden.
EMMA: Alleen als je moet rijden.
Maar morgen kunnen we lopend gaan.
SOPHIE: Goed punt, Emma.
Dan kan Rick een biertje nemen.
RICK: Oké, jullie kennen me.
Jullie weten precies wat ik denk.
EMMA: We maken maar een grapje.
We zijn blij met jou.
SOPHIE: We zijn blij met jou.
Je bent een goede vriend.
RICK: Dank jullie.
Ik ook.
Jullie zijn ook tof.
EMMA: Dus, hebben ze ook friet?
Ik eet graag friet bij een burger.
RICK: Ja, met verschillende sauzen.
Ze hebben mayo, ketchup en nog meer.
SOPHIE: Oorlog, speciaal of ketchup.
Ik neem oorlog, met ui en pinda.
RICK: Precies, voor ieder wat wils.
Iedereen vindt iets lekkers.
EMMA: En een toetje?
Ik heb altijd ruimte voor iets zoets.
SOPHIE: Ze hebben milkshakes.
Dat zag ik op de kaart.
RICK: Ja, vanille, chocola en aardbei.
En ook banaan, geloof ik.
EMMA: Lekker, een aardbeienshake na mijn burger.
Dat is perfect.
SOPHIE: Ik neem chocola.
Chocola is altijd goed.
RICK: En ik een vanille, denk ik.
Of misschien banaan.
EMMA: Dat wordt een gezellige avond.
Lekker eten en praten.
SOPHIE: Zeker, goed gezelschap en lekker eten.
Wat wil je nog meer?
RICK: Ik kijk er al naar uit.
Ik heb nu al honger.
EMMA: We moeten ook foto's maken.
Voor de herinnering.
SOPHIE: Ja, voor onze herinnering.
En voor onze vrienden die niet mee kunnen.
RICK: En misschien voor mijn vlog?
Ik maak soms filmpjes.
EMMA: Nee, Rick, niet weer.
Niet elke keer je telefoon.
SOPHIE: Laat hem, hij is trots.
Maar niet te veel, hoor.
RICK: Oké, ik vraag het niet meer.
Ik snap het.
EMMA: Goed zo.
We willen gewoon gezellig praten.
SOPHIE: Dus, tot morgen?
Ik ben benieuwd.
RICK: Ja, tot morgen om zes uur.
Bij de kerk, of bij de deur.
EMMA: We zien je daar.
Niet te laat, hoor.
SOPHIE: Ik neem mijn eetlust mee.
En mijn goede humeur.
RICK: Dat is belangrijk.
Een lege maag en een lach.
EMMA: En vergeet je portemonnee niet.
Ik vergeet die vaak.
SOPHIE: Dat geldt ook voor jou.
Maar we kunnen ook pinnen.
RICK: Ha, ik trakteer de eerste ronde.
Eén drankje voor iedereen.
EMMA: Wat een verrassing, Rick is gul.
Dat is bijzonder.
SOPHIE: Ja, dat gebeurt niet vaak.
Maar we nemen het aan.
RICK: Hé, ik ben wel aardig.
Ik doe het graag.
EMMA: We maken een grapje.
We waarderen het.
Echt.
SOPHIE: Ja, heel lief van je.
Dank je wel.
RICK: Oké, ik moet nu gaan.
Ik moet nog bellen voor de reservering.
EMMA: Tot morgen, Rick.
Veel plezier met bellen.
SOPHIE: Doe jezelf na.
En vergeet niet te reserveren.
RICK: Bedankt voor het luisteren.
Tot snel.
EMMA: Graag gedaan, hoor.
Tot morgen.
SOPHIE: Tot later.
Ik heb zin in morgen.
RICK: Tot de volgende.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze