

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het is zaterdagochtend. De zon schijnt.
Ik ga naar de supermarkt.
Ik heb een lijstje, melk, brood, kaas, tomaten en appels.
Ik pak een winkelwagentje. Maar het wagentje is raar.
Het piept, één wiel is kapot.
Ik duw het wagentje. Het gaat niet goed.
Het wiel draait niet. Het wagentje trekt naar links. Dan weer naar rechts.
Ik word een beetje boos, ik zucht diep.
Waarom is het altijd hetzelfde?
Vorige week had ik ook een kapot wagentje.
Toen pipte het ook.
Ik denk aan vorige week.
Toen was het ook zaterdag.
Toen was het ook druk.
Toen had ik ook een kapot wagentje.
Ik word nog bozer. Ik probeer een ander wagentje.
Ik loop terug naar de rij. Ik pak een tweede wagentje.
Ik duw het. Het piept ook!
Weer een kapot wiel, ik zucht.
Ik kijk naar de rij. Alle wagentjes zien er oud uit.
Sommige hebben een roestig wiel. Andere hebben een scheef wiel.
Ik pak een derde wagentje. Ik duw het.
Het piept niet, het wiel is goed, eindelijk.
Ik loop de supermarkt in.
De geur van vers brood komt naar me toe.
Ik ruik ook koffie en zeep.
Ik hoor muziek, zachtjes.
De muziek is vrolijk, ik zie veel kleuren, rode tomaten, groene appels, gele kaas.
Ik pak melk, ik pak brood, ik pak kaas, ik pak tomaten, ik pak appels.
Mijn wagentje is bijna vol.
Dan zie ik een mevrouw. Ze kijkt naar mijn wagentje.
Ze zegt: 'Wat een mooi wagentje.
Waar heb je dat gevonden?
Ik zeg: 'Bij de ingang. Maar veel wagentjes zijn kapot.'
Ze zegt, ja, dat is altijd zo.
Ik heb er ook een nodig.
Ik zeg, succes, ze lacht, ze loopt naar de rij.
Ik zie haar zoeken. Ze pakt een wagentje. Het piept. Ze zucht.
Ik voel me niet alleen. Ik loop naar de kassa. Ik zet mijn spullen op de band.
De cassière scant alles. Ze zegt: 'Goedemiddag.' Ik zeg: 'Goedemiddag.'
Even tussendoor, bedankt voor het luisteren.
Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram, dan stuur ik je een speciale
kortingscode voor de interactieve versie van deze aflevering.
Veel plezier verder met het verhaal.
Ze scant de melk. Ze scant het brood. Ze scant de kaas. Ze scant de tomaten. Ze scant
de appels. Ik betaal. Ik loop naar buiten. De zon schijnt nog steeds. Ik voel me een beetje
moe, maar ik ben blij. Ik heb alles. Dan kijk ik naar mijn wagentje.
Het wiel is weer kapot! Het piept. Ik zucht. Ik duw het wagentje naar de auto. Het gaat moeilijk,
maar ik lach.
Het is een kleine ergernis, morgen is er weer een dag.
In de auto denk ik: waarom zijn al die wagentjes kapot?
Wie maakt ze kapot?
Misschien kinderen? Of mensen die te veel gewicht in het wagentje doen?
Ik weet het niet, maar ik weet één ding.
Volgend weekend pak ik meteen het eerste wagentje dat niet piept.
En als ze allemaal piepen, dan neem ik een mandje.
Een mandje is beter. Een mandje piept nooit.
Ik rijd naar huis.
De radio speelt een vrolijk liedje.
Ik zing mee.
Thuis zet ik de boodschappen op tafel.
Mijn vrouw zegt, heb je alles?
Ik zeg, ja alles.
Ze kijkt naar mijn gezicht.
Wat is er, vraagt ze.
'Niets,' zeg ik.
Alleen een kapot wagenetje.
Ze lacht.
'Ach, die wagentjes,' zegt ze.
Ze zijn altijd kapot, ik lach ook.
Het is niet belangrijk, maar toch het is een beetje irritant.
Die avond eet ik een boterham met kaas.
De kaas is lekker, de tomaten zijn vers.
Ik denk aan de supermarkt.
Aan het kapotte wagentje. Aan de mevrouw die ook een wagentje zocht.
Ik glimlach.
Morgen ga ik weer.
En dan pak ik een goed wagentje. Of een mandje.
Geen probleem, ik denk nog even na.
Het is maar een wagentje. Een klein ding. Maar het maakt me boos.
Dat is raar.
Volgende keer lach ik erom.
Ik kijk uit naar de zaterdag, de zon, de winkel, de mensen.
Alles is goed tot de volgende.
Open de interactieve speler op Dutchfluency.com slash transcripts.
Tik op een woord als je vastloopt.
Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.
Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.
Spreek Nederlands, zelfs als je stottert. Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze