Alle podcasts

De Zorgen van een Fabriek

Zijn stem klonk anders dan normaal, een beetje zenuwachtig.

Ik hoorde dat hij snel ademde.

Toen ik aankwam, stond Tom bij de ingang.

Hij droeg een veiligheidshelm en een oranje jas.

De helm was wit en de jas fel oranje.

Het oranje viel op tegen de grijze gebouwen.

'Kom,' zei hij.

We gaan een kop koffie drinken in de kantine.

Ja, de kantine was groot en warm.

De muren waren lichtgeel en de vloer was grijs.

Er zaten een paar mensen aan tafels.

Ze praatten zachtjes met elkaar.

Het geluid van hun stemmen was laag, bijna een fluistering.

Tom bestelde twee koffies en ging tegenover me zitten.

De koffie was heet en rook sterk.

De geur vulde de ruimte.

'Het gaat niet goed,' zei hij.

Hij keek naar zijn kopje.

Zijn vingers tikten zachtjes op de tafel.

Tik, tik, tik.

De prijzen van gas en stroom zijn heel hoog geworden.

Veel hoger dan vorig jaar.

En bedrijven uit andere landen betalen veel minder voor hun gas.

Dat maakt het voor ons moeilijk.

Hij herhaalde:

Moeilijk, ja.

Ik nam een slok van mijn koffie.

De koffie was bitter.

Wat betekent dat voor jullie?

vroeg ik.

Tom zuchtte.

We moeten kijken of we nog wel kunnen blijven draaien.

Misschien moeten we minder uren gaan werken.

Of sommige delen van de fabriek stoppen.

Toen ze door bedankt voor het luisteren.

Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram.

Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.

Veel plezier verder met het verhaal.

Puh.

Dat is niet fijn voor de mensen hier.

Iedereen maakt zich zorgen.

Hij wreef over zijn voorhoofd.

Zijn hand was bleek.

Ik keek om me heen.

De kantine was stil.

Normaal hoorde je veel gelach en gepraat.

Nu was het anders.

Een vrouw aan de andere kant van de zaal staarde naar haar telefoon.

Ze zag er moe uit.

Haar ogen waren rood.

Ze bewoog niet.

We hebben nieuwe machines nodig.

zei Tom.

Maar die zijn duur.

En we weten niet of het de moeite waard is.

De baas zegt dat we moeten veranderen.

Maar dat kost geld dat we niet hebben.

Hij schudde zijn hoofd.

Buiten hoorde ik een hard geluid.

Een vrachtwagen reed langs.

Het geluid was luid en laag.

Het trilde door de vloer.

Tom keek naar het raam.

Vroeger was het hier altijd druk.

zei hij.

Nu zie je minder vrachtwagens.

Mensen zijn bang voor wat er gaat komen.

Hij herhaalde:

Bang voor wat er gaat komen.

Wat denk je zelf?

vroeg ik.

Tom dacht even na.

Hij keek naar zijn handen.

Ik hoop dat het goed komt.

Maar ik weet het niet.

Mijn vrouw en ik hebben een huis.

We hebben rekeningen te betalen.

Als ik mijn baan verlies, wordt het moeilijk.

Maar ik ben niet de enige.

Veel mensen hier hebben dezelfde zorgen.

Hij zweeg even.

We dronken onze koffie op.

De kopjes waren leeg.

Tom stond op.

Ik moet weer aan het werk.

'Ik moet weer aan het werk,' zei hij.

Bedankt dat je gekomen bent.

Ik liep terug naar mijn auto.

De wind was nog steeds koud.

De lucht rook naar regen.

Ik dacht aan Tom en zijn collega's.

Het was een moeilijke tijd voor hen.

Maar ik wist dat ze sterk waren.

Ze zouden samen een manier vinden om verder te gaan.

Ik dacht aan de stille kantine en de moeie vrouw.

Het voelde alsof de zorgen van Tom ook een beetje van mij waren.

Tot de volgende keer.

Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.

Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.

Spreek Nederlands, zelfs als je stottert.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze