
de penultieme adem · Slow Dutch morning

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Een ochtend aflevering.
Niet luisteren tijdens auto-rijden.
Welkom.
Het is 11-11 in de ochtend.
De tijd dat de dag nog fris is als een kraakende kaaswinkel die net de luiken opent. 11-11, twee rechte lijnen, twee momenten die stilvallen, een anchor voor de dag.
Vindt een plek waar je kunt zitten of liggen.
Een stoel bij het raam, een bank in de woonkamer, de koffie staat naast je, dampend.
Sluit je ogen, niet hard, zachtjes.
Als of je een schemerlamp uit doet, adem in, langzaam, hoor de fietsbel buiten, adem uit.
Laat je schouders zakken.
Adem in, voel de lucht in je buik.
Adem uit, een zucht, zacht als een kracht die rimpelt in de wind.
Adem in, deze derde adem, is de penultieme, de voorlaatste, niet de laatste.
Een adem die je vast houdt, even.
Als een herinnering aan wat nog komt, adem uit.
Vandaag is het thema, de penultieme adem, de adem, voor de laatste.
In Nederland heb je vaak twee kansen.
Eerst de proef, dan de echte.
Zoals bij de kassa in de supermarkt.
Je pakt je portemonnee, je zoekt, je vindt.
De penultieme adem is die voorbereiding.
Het moment vlak voor je de dag instapt.
Je staat bij de klinkers van de straat.
Polder ligt stil.
Je ademt in en je weet, dit is de voorlaatste.
De volgende is voor de actie, maar deze, deze is voor jou.
Een beetje tijd, een beetje ruimte.
Als of je bij het stoplicht staat en het groen nog even duurt, je kunt nog één keer kijken naar de lucht.
De penultieme adem is een geschenk.
Het is de stilte voor de beweging.
Ik mag deze penultieme adem voelen.
Ik mag deze penultieme adem voelen.
Ik mag deze penultieme adem voelen.
Deze adem is van mij, deze adem is van mij, deze adem is van mij.
Ik ben iemand die elke dag een moment neemt.
Ik ben iemand die elke dag een moment neemt.
Ik ben iemand die elke dag een moment neemt.
Mijn Nederlands klinkt elke week duidelijker.
Mijn Nederlands klinkt elke week duidelijker.
Mijn Nederlands klinkt elke week duidelijker.
Ik mag zoeken naar woorden.
ik mag zoeken naar woorden. ik mag zoeken naar woorden.
Ik ben iemand die oefent met elke adem.
Ik ben iemand die oefent met elke adem.
Ik ben iemand die oefent met elke adem.
Stel je voor.
Het is later vanochtend.
Je loopt door de stad.
De zon schijnt op de bakstenen.
Waarom?
Je komt bij een kaaswinkel.
De deur gaat open.
De geur van oude kaas en hout komt naar buiten.
Je staat stil.
Je hand rust op de deurklink.
Dit is de penultieme adem.
Je ademt in.
Je hoort de stem van de kaasboer.
Wat mag het zijn?
Je ademt uit.
Je weet wat je wilt zeggen.
Een stuk oude kaas alsjeblieft.
Je zegt het.
De woorden komen.
Je voelt je rustig.
De penultieme adem gaf je de tijd.
De penultieme adem gaf je de ruimte.
Je pakt de kaas aan.
Je glimlacht.
De dag is begonnen.
Stel je nu voor.
Het is middag.
Je zit op een bankje bij de gracht.
Het water kabbelt.
Een fietser rijdt langs.
De bel klingelt.
Je hebt een kopje koffie in je hand.
Warm.
Je kijkt naar de wolken.
Je voelt de penultieme adem weer.
Niet als een grote gebeurtenis.
Maar als een kleine pauze.
Je ademt in.
Je hoort een kind roepen in de verte.
Je ademt uit.
De koffie is bijna op.
Je staat op.
Je loopt verder.
De pen ultima adem is er nog.
Hij wacht.
Hij is altijd de voorlaatste.
Nooit de laatste.
Er is altijd een volgende.
Een volgende adem.
Een volgende kans.
Een volgende zin.
Elf.
Opstel
Het anchor staat.
De pen ultima adem is nu een vriend.
Je kunt hem oproepen.
Voor je een gesprek begint.
Voor je de deur uitgaat.
Voor je iets nieuws probeert.
Adem in.
Dit is de pen ultima.
Adem uit.
De volgende is voor de wereld.
Beweeg nu je voeten.
Wiebel met je tenen
Voel de vloer onder je.
Beweeg je handen.
Vrijf je vingers over elkaar.
Voel de warmte.
Open je ogen.
Langzaam.
Het licht is er.
De dag is er.
Je bent er.
Klaar voor wat komen gaat.
Met de penultima adem in je zak.
De pen ultima adem is nu een vriend.
Je kunt hem oproepen.
Voor je een gesprek begint.
Voor je de deur uitgaat.
Voor je iets nieuws probeert.
Adem in.
Dit is de pen ultima.
Adem uit.
De volgende is voor de wereld.
Stel je nu voor.
Het is avond.
De schemering valt.
Je staat op de stoep.
De lantaarnpaal knippert aan
Warm oranje licht valt op de natte keien
Het heeft geregend.
De stap naar de voordeur. De sleutel in het slot.
De sleutel in het slot.
Het metaal draait.
De deur gaat open.
Binnen is het stil.
Een schemerlamp brand.
Je zet je tas neer.
Je trekt je schoenen uit.
Je voeten op de vloer.
De pen ultima adem is nu een herinnering.
Maar hij wacht.
Voor morgen.
Voor de volgende ochtend.
Voor het volgende elf.
Elf.
Ik mag deze pen ultima adem vast houden.
Ik mag deze pen ultima adem vast houden.
Ik mag deze pen ultima adem vast houden.
Deze pen ultima adem is een rustpunt.
Deze pen ultima adem is een rustpunt.
Deze pen ultima adem is een rustpunt.
Ik ben iemand die de stilte voor de actie kent.
Ik ben iemand die de stilte voor de actie kent.
Ik ben iemand die de stilte voor de actie kent. Ik ben iemand die de stilte voor de actie kent. Ik ben iemand die de stilte kent. Ik mag wachten op het juiste woord, ik mag wachten op het juiste woord, ik ben iemand die elke dag een stap zet, ik ben iemand die elke dag een stap zet, het anker staat elf, elf, twee rechte lijnen, twee momenten die stilvallen, de penultieme adem is verbonden met dit anker, wanneer je de tijd ziet, voel je de adem, wanneer je de adem voelt, weet je dat er een volgende is, een volgende kans, een volgende zin, een volgende stap, het anker is er voor jou, het anker is er voor jou, het anker is er voor jou, beweeg nu je voeten, wiebel met je tenen, voel de vloer onder je, beweeg je handen, wrijf je vingers over elkaar, voel de warmte, open je ogen, langzaam, het licht is er, de dag is er, je bent er, klaar voor wat komen gaat, met de penultieme adem in je zak, dit was hypnodutch, spreek Nederlands, zelfs als je stottert.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze