Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het was een zonnige ochtend in een klein dorp.
De zon scheen fel en de lucht was helderblauw.
Tom zat in zijn tuin in een oude groene stoel.
Hij dronk koffie uit een witte mok.
De koffie rook lekker en was nog warm.
Hij keek naar de vogels.
Er waren kleine bruine vogels en een rode vogel.
Ze zongen zachtjes.
Het was heel stil.
Tom luisterde naar de stilte.
Hij hoorde alleen de vogels en de wind.
Maar toen hoorde Tom een raar geluid.
Het geluid was luid en hard.
Het leek wel een helikopter.
Het klonk als een helikopter die laag vliegt.
Tom keek omhoog.
Hij zag niets in de lucht.
Het geluid werd harder en harder.
Tom dacht: 'Is er een helikopter?
Dat is heel bijzonder in ons dorp.
Wij hebben hier bijna nooit helikopters.' Hij herinnerde zich een vakantie in de bergen.
Daar zag hij een helikopter landen.
Dat was spannend.
Maar hier in het dorp was het vreemd.
Hij stond op.
Zijn stoel schoof een beetje.
Hij liep naar de straat.
De zon was warm op zijn gezicht.
Daar zag hij zijn buurman, Piet.
Piet had een groot ding in zijn tuin.
Het was een machine.
Het maakte veel lawaai.
Tom riep: 'Piet!
Wat is dat geluid?
Het klinkt als een helikopter!' Piet lachte hard.
Hij zei: 'Nee, Tom, dit is geen helikopter.
Dit is mijn nieuwe grasmaaier!
Hij is heel sterk en groot.
Hij maait het gras in een paar minuten.
Kijk maar.' Tom keek naar de grasmaaier.
Het was een grote, groene machine.
Hij had een brede rol en een stuur.
De grasmaaier maakte een diep, zoemend geluid.
Het leek wel een vliegtuig.
Tom schudde zijn hoofd.
Hij zei: 'Ik dacht echt dat een helikopter ging landen.
Het geluid was zo luid.
Maar het is alleen een grasmaaier.' Piet zei: 'Ja, hij is een beetje luid.
Maar ik vind het fijn.
Het gras is nu kort en mooi.
Ruik je de geur?
Dat is vers gras.' Tom snoof.
Hij rook de frisse geur van gemaaid gras.
Het rook groen en zoet.
'Het ruikt goed,' zei Tom.
'Maar het geluid is wel verwarrend.' Piet lachte weer.
'Ja, veel mensen denken dat er een helikopter komt.
Maar het is gewoon mijn grasmaaier.' Tom liep terug naar zijn tuin.
Hij ging weer zitten in zijn stoel.
De koffie was nog een beetje warm.
Hij nam een slokje.
De koffie was een beetje bitter.
Tom dacht: 'Het was een dom misverstand.
Een grasmaaier en een helikopter lijken niet op elkaar.
Maar het geluid klopt wel.
Beide maken een hard geluid.' Hij lachte een beetje.
Toen hoorde hij weer een helikoptergeluid.
Het was hoog en zoemend.
Hij keek op.
Maar deze keer zag hij een kleine drone.
De drone was wit en klein.
Hij vloog laag over zijn huis, vlak boven de boom.
De drone maakte een bijna helikopterachtig geluid.
Tom lachte nog harder.
Hij zei tegen zichzelf: 'Vandaag hoor ik veel vliegende dingen.
Eerst een grasmaaier, nu een drone.
Maar geen echte helikopter.' Hij keek naar de drone.
Het vloog verder naar het centrum van het dorp.
De zon scheen nog steeds.
Tom genoot van de ochtend.
Het was stil, maar niet helemaal stil.
De vogels zongen weer.
De geur van gras hing in de lucht.
Tom dacht na.
'Het was een grappige dag zo.
Twee rare geluiden.
Maar allemaal onschuldig.' Hij keek naar het gras van Piet.
Het was kort en netjes.
'Misschien moet ik ook een grasmaaier kopen,' dacht hij.
'Maar niet zo'n luide.' Hij lachte.
De ochtend was voorbij.
Het was een grappige start van de dag.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze