Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

De Flesjes en de Prijs

Meneer Bakker woont in een klein huis in Nederland.

Het huis heeft een rode deur en een kleine tuin.

Elke dag loopt hij naar de winkel om boodschappen te doen.

De lucht is vaak grijs, maar vandaag schijnt de zon.

Hij koopt melk, brood en soms een fles water.

Het water is fris en koel.

Na het drinken zet hij de lege flesjes in een doos naast de keukendeur.

Hij vindt het belangrijk om flesjes terug te geven aan de winkel.

Zo krijgt hij een klein beetje geld terug.

Dat geld gebruikt hij voor een kopje koffie.

De koffie ruikt sterk en smaakt warm.

Hij drinkt het elke ochtend in zijn keuken.

Op een dag ziet meneer Bakker een brief op de deurmat.

De deurmat is blauw en een beetje versleten.

De brief is van de supermarkt.

Hij bukt en pakt de brief op.

Hij leest de brief en zijn ogen worden groot.

De winkel heeft een nieuw plan.

Mensen die flesjes inleveren, maken kans op een prijs.

De prijs is een grote mand met eten.

Meneer Bakker denkt: "Dat is leuk!

Ik heb veel flesjes." Hij kijkt naar de doos naast de keukendeur.

De doos is vol.

Hij glimlacht.

De volgende dag gaat meneer Bakker naar de winkel.

Hij heeft een grote tas met lege flesjes.

De tas is zwaar.

Hij loopt langzaam, want de tas trekt aan zijn arm.

Bij de ingang staat een machine.

De machine is wit en groen.

Je stopt je flesjes erin en je krijgt een bon.

Meneer Bakker stopt al zijn flesjes in de machine.

De machine maakt een geluid: zoem, zoem.

Het klinkt als een bij.

Dan geeft de machine een bon.

Op de bon staat een nummer.

Meneer Bakker kijkt naar het nummer en lacht.

Hij heeft nummer 7.

Zeven is zijn geluksnummer, denkt hij.

In de winkel ziet hij een vrouw.

Ze heet mevrouw Jansen.

Ze heeft ook een tas met flesjes.

Haar tas is rood en ook zwaar.

Ze praat met meneer Bakker.

"Ik doe ook mee," zegt ze.

"Ik hoop dat ik win.

Mijn kinderen willen graag de mand met snoep." Meneer Bakker knikt.

"Ik hoop ook dat ik win," zegt hij.

"Maar ik weet niet of ik geluk heb." Mevrouw Jansen lacht.

"Geluk komt soms onverwachts," zegt ze.

Dan loopt ze naar de kassa.

De dagen gaan voorbij.

Meneer Bakker vergeet de loterij.

Hij werkt in zijn tuin en leest boeken.

De tuin ruikt naar natte aarde.

Hij plant nieuwe bloemen, rode en gele.

Op een ochtend hoort hij een hard geluid.

Het is de postbode.

De postbode fietst snel en belt twee keer.

Hij heeft een grote envelop voor meneer Bakker.

De envelop is wit en dik.

Meneer Bakker opent de envelop.

Er zit een brief in en een foto van een mand.

De brief zegt: "Gefeliciteerd!

U heeft gewonnen!" Meneer Bakker leest de brief twee keer.

Zijn handen trillen een beetje.

Meneer Bakker is heel blij.

Hij springt een beetje in de gang.

De gang is smal, maar hij heeft genoeg ruimte.

Hij belt zijn vriendin, mevrouw De Boer.

De telefoon gaat drie keer.

"Hallo?" zegt ze.

"Ik heb gewonnen!" roept hij.

"De mand is voor mij!" Mevrouw De Boer lacht.

"Wat goed!

Wanneer krijg je de mand?" Meneer Bakker zegt: "Morgen.

Ik moet naar de winkel." Hij kijkt naar de klok.

Het is pas tien uur.

De dag duurt lang.

De volgende dag gaat meneer Bakker naar de winkel.

De lucht is blauw en de zon schijnt.

De medewerker geeft hem een grote mand.

De mand is bruin en gevlochten.

De mand zit vol met kaas, brood, fruit en chocolade.

De kaas ruikt sterk.

Het brood is vers en warm.

Het fruit is kleurrijk: appels, sinaasappels en druiven.

Meneer Bakker bedankt de medewerker en loopt naar huis.

Onderweg denkt hij aan zijn flesjes.

Hij heeft ze elke dag teruggebracht.

Nu heeft hij een mooie prijs.

Hij voelt zich gelukkig.

Een vogel zingt in een boom.

Meneer Bakker fluit mee.

Thuis zet meneer Bakker de mand op tafel.

De tafel is van hout en heeft een witte plaat.

Hij maakt een foto en stuurt die naar zijn familie.

Zijn zus reageert snel.

"Wat een mooie mand!" schrijft ze.

"Mag ik een stukje kaas?" Meneer Bakker lacht en zegt: "Natuurlijk!

Kom maar langs." Hij zet de mand op een kast, zodat hij hem elke dag kan zien.

Meneer Bakker leert iets belangrijks.

Kleine dingen, zoals flesjes teruggeven, kunnen grote dingen brengen.

Hij drinkt nu elke dag water uit een fles.

En hij denkt altijd aan de mand.

Het is een mooie herinnering.

Hij glimlacht en kijkt naar de mand.

De mand staat daar, vol met lekker eten.

Hij is dankbaar.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze