

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Op woensdagavond rook het buurthuis in Scheveningen naar koffie en natte jassen.
Buiten tikte regen tegen de ramen.
Ik had net de stoelen rechtgezet, toen Isa binnenkwam met een rode map onder haar arm.
Milan kwam vlak achter haar aan.
Hij droeg een plastic tas met stroopwafels, want volgens hem leert niemand goed Nederlands met een lege maag.
'Rick, heb je het al gehoord?' vroeg Isa.
'Als het over de tram gaat, dan weet ik genoeg,' zei ik.
'Die was weer laat zeker?' Milan lachte.
'Nee, dit is beter.
Samuel Welten heeft een Buma Award gewonnen.
Voor het grootste lied van het jaar.' Isa knikte snel.
'Mijn nicht stuurde het net.
Ze speelt dat lied elke dag.
Zelfs haar kat loopt nu weg als het begint.' De klas begon te lachen.
Dat vond ik een mooi begin van de les.
We zouden eigenlijk oefenen met verleden tijd.
Maar goed nieuws mag soms voorrang krijgen, zelfs in een lokaal met kapotte tl-lampen.
Ik schreef op het bord: Samuel Welten heeft een prijs gewonnen.
Daarna vroeg ik: 'Wat maakt een lied groot?
Is dat alleen geld?
Of gaat het ook om gevoel?' Er werd even nagedacht.
Je hoorde de regen en het zachte brommen van de verwarming.
Isa draaide haar pen tussen haar vingers.
Ze zei: 'Een lied is groot als mensen het vaak horen en mee willen zingen.' Milan stak een stroopwafel omhoog.
'En als je het nog kent na drie koppen koffie.' 'Vooral Haagse koffie,' zei ik.
'Die is soms sterker dan de wind op de boulevard.' We lachten weer, maar daarna werd de klas serieuzer.
Ik vertelde kort dat de Buma Award een Nederlandse prijs is voor makers van liedjes.
Samuel had dus niet alleen veel mensen bereikt.
Hij had ook laten zien dat een idee kan groeien.
Soms begint zoiets klein, met een stem, een paar woorden en veel oefenen.
Isa keek naar haar map.
'Ik schrijf ook teksten,' zei ze zacht.
'Laat eens zien,' zei Milan meteen.
Ze schudde haar hoofd.
'Nog niet.
Ze zijn niet goed genoeg.' Ik ging naast haar tafel staan.
'Wie zegt dat?' 'Ik,' zei ze.
'Dan ben jij streng personeel,' zei ik.
'Misschien moet je jezelf een vrije dag geven.' Isa glimlachte.
Ze haalde een blaadje uit haar map.
Haar hand beefde een beetje, maar ze las toch vier regels voor.
Het ging over de zee, over wachten op lijn 1, en over iemand die weggaat maar toch steeds terugdenkt aan Den Haag.
Het was eenvoudig, maar eerlijk.
In de klas werd het stil.
Milan tikte zacht met zijn lepel op zijn beker.
Niet hard, want de beheerder van het buurthuis houdt niet van herrie.
Het ritme paste bij de woorden van Isa.
Na een paar tellen deed de hele tafel mee.
Iemand tikte met een pen.
Iemand anders klapte zacht in de handen.
Zelfs de verwarming leek mee te doen, al deed die dat waarschijnlijk door ouderdom.
'Zie je wel?' zei Milan.
'Je hebt al een begin.' Isa keek naar haar papier.
'Maar Samuel staat nu op een groot podium.
Ik zit hier met koude koffie.' 'Dat is waar,' zei ik.
'Maar niemand begint met een prijs in zijn hand.
Iedereen begint ergens.
Soms in een studio, soms in een keuken, soms in een buurthuis waar de koekjes altijd te snel op zijn.' We maakten er een opdracht van.
De klas moest zinnen schrijven over een plan voor de toekomst.
De zinnen moesten duidelijk zijn en één voegwoord hebben.
Milan schreef: 'Ik wil beter zingen, omdat mijn buren nu nog klagen.' Isa schreef: 'Ik ga mijn tekst afmaken, omdat ik wil weten hoe het klinkt.' Daarna las ze haar zin hardop voor.
Dit keer keek ze niet naar de vloer.
Ze keek naar ons.
Dat was klein, maar ik zag dat het belangrijk voor haar was.
Aan het einde van de les was de regen bijna gestopt.
De straatstenen waren donker en de lucht rook naar zee.
In de verte hoorde je de bel van een tram.
Milan deelde de laatste stroopwafel in drie stukken.
Dat was niet eerlijk verdeeld, maar hij noemde het kunst.
Isa stopte haar tekst weer in haar map.
'Volgende week neem ik een nieuwe versie mee,' zei ze.
'Goed,' zei ik.
'Dan oefenen we verleden tijd met jouw tekst.' Ze liep naar buiten met een kleine lach.
Ik bleef nog even in het lokaal en keek naar het bord.
Samuel Welten had een grote prijs gewonnen, maar in mijn klas had ook iets moois plaatsgevonden.
Iemand had een eerste stap gezet.
Dat past niet op een rode loper, maar het telt wel.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze