

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het was een zonnige zaterdagmiddag in Den Haag.
Ik liep door de straten, op weg naar de supermarkt.
Ik had geen haast, ik wilde gewoon wat boodschappen doen.
Mijn buurt is rustig, met bomen en kleine huizen.
Ik hoorde vogels fluiten en kinderen spelen in de verte.
Het was een normale dag.
Toen ik dichter bij de supermarkt kwam, zag ik iets vreemds.
Er stond een groepje jongens op het pleintje naast de winkel.
Ze speelden voetbal.
Niets bijzonders, maar ik keek nog eens goed.
Ze hadden een doelpunt gemaakt van twee jassen en een tas.
Het was een klein veldje, niet groter dan een auto.
De bal was oud en versleten, maar ze speelden met veel plezier.
Ik bleef even staan kijken.
Een van de jongens, een klein meisje met rode wangen, schopte de bal hard.
De bal vloog door de lucht en landde precies voor mijn voeten.
Ik pakte de bal op en wilde hem teruggooien.
Maar toen zag ik iets op de bal.
Er stond een naam op: 'Van Nistelrooy'.
Ik moest lachen.
Het was een oude bal, maar met een beroemde naam erop.
Ik gooide de bal terug en zei: "Goeie bal, hoor!" Het meisje lachte en zei: "Dank u wel, meneer!
We hebben hem gevonden in de bosjes." Ik knikte en liep verder.
Maar toen ik bij de supermarkt aankwam, zag ik nog iets.
Er hing een briefje aan de deur.
Het was een briefje van de gemeente.
Er stond op: 'Let op: Voetbal verboden op dit plein.' Ik fronste mijn wenkbrauwen.
Wat raar, dacht ik.
Waarom hangt dit briefje hier?
Ik ging naar binnen en deed mijn boodschappen.
Ik kocht brood, melk en kaas.
Toen ik weer naar buiten liep, zag ik de jongens nog steeds spelen.
Ze hadden het briefje niet gezien.
Of ze negeerden het.
Het meisje schopte de bal weer en hij vloog tegen de muur van de supermarkt.
Er kwam een man naar buiten, een medewerker van de winkel.
Hij zag er boos uit.
"Hé!" riep hij.
"Wat doen jullie hier?
Voetballen is verboden!" De jongens stopten met spelen.
Ze keken naar de man met grote ogen.
Het meisje, dat de bal had geschopt, zei: "Sorry, meneer.
We wisten het niet." De man schudde zijn hoofd.
"Ik moet jullie wegsturen.
Dit is niet toegestaan." Ik stond erbij en keek.
Ik voelde me een beetje verdrietig voor de jongens.
Ze speelden zo leuk, en nu moesten ze stoppen.
Maar toen gebeurde er iets onverwachts.
De man keek naar de bal en zei: "Van Nistelrooy, hè?
Mijn vader kende hem." De jongens keken verbaasd.
"Echt waar?" vroeg het meisje.
De man knikte.
"Ja, mijn vader speelde vroeger met hem.
Maar dat is lang geleden." Hij glimlachte opeens.
"Oké, jullie mogen nog vijf minuten spelen.
Maar daarna stoppen, oké?" De jongens juichten en begonnen weer te spelen.
Ik liep naar huis met mijn boodschappen.
Ik dacht aan wat er was gebeurd.
Het was een kleine verrassing.
De man was boos, maar toen werd hij vriendelijk.
Het maakte me blij.
Soms zijn mensen vriendelijker dan je denkt.
Ik keek naar de lucht.
De zon scheen en de vogels floten.
Het was een mooie dag in Den Haag.
Toen ik thuis was, zette ik koffie en ging ik op de bank zitten.
Ik dacht aan de jongens en de Van Nistelrooy bal.
Het was een grappig verhaal.
Ik moest erom lachen.
Soms zijn de beste momenten de kleine, onverwachte dingen.
Die middag herinnerde me eraan dat het leven vol verrassingen zit.
En dat een oude voetbalbal een glimlach kan toveren op ieders gezicht.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze