

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: He, eindelijk zitten we hier.
EMMA: Ja, ik heb er echt naar uitgekeken.
Het was zo'n lange week.
LARS: Het was ook nodig na die lange week.
Ik was echt moe.
RICK: Zeg dat wel.
Wat een gedoe op werk.
Weer van die domme meetings.
EMMA: Vertel.
Wat is er gebeurd?
Was het weer zo'n vervelende meeting?
RICK: Ach, weer van die domme meetings.
De baas praatte maar door en door.
LARS: Herkenbaar.
Ik heb er ook genoeg van.
Meetings duren altijd te lang.
RICK: Maar nu zitten we hier, dus even ontspannen.
Dat is fijn.
EMMA: Proost, mannen.
LARS: Proost.
RICK: Op het weekend.
EMMA: Heb je nog plannen voor morgen?
Ik ben benieuwd.
LARS: Ik ga naar de markt, even wat halen.
Groente en fruit.
RICK: Oh, welke markt?
De Albert Cuyp?
LARS: De Albert Cuyp, ik moet groente kopen.
Tomaten en paprika.
EMMA: Lekker.
Ik ga misschien naar het strand.
Als het weer goed is.
RICK: Als het weer goed blijft, ja.
De zon schijnt nu.
LARS: De zon schijnt nu, dus wie weet.
Het kan nog veranderen.
RICK: Ik heb een nieuwe barbecue gekocht.
Hij is groot en mooi.
EMMA: Echt?
Wanneer ga je hem gebruiken?
Dit weekend?
RICK: Volgend weekend, als het droog blijft.
Dan nodig ik jullie uit.
LARS: Klinkt goed.
Nodig je ons uit?
Wij komen graag.
RICK: Natuurlijk, jullie zijn de eerste.
Ik denk aan jullie.
EMMA: Dan neem ik salade mee.
Met komkommer en tomaat.
LARS: En ik bier.
Veel bier.
Dat is belangrijk.
RICK: Haha, perfect.
Dan wordt het gezellig.
Ik heb er zin in.
EMMA: Heb je ook vegetarische dingen?
Voor mij?
RICK: Ja, ik heb wat burgers en groentespiesjes.
Ook voor jou.
LARS: Mooi, dan is er voor iedereen wat.
Iedereen blij.
RICK: Precies.
Ik wil niet dat iemand honger heeft.
Dat is niet leuk.
EMMA: Je bent een goede gastheer.
Echt waar.
RICK: Dank je.
Ik doe mijn best.
Oefening baart kunst.
LARS: Zeg, ken je die nieuwe app voor recepten?
Ik hoorde erover.
RICK: Nee, welke bedoel je?
Vertel eens.
LARS: Zo heet 'KookMaatje' of zoiets.
Het is handig.
EMMA: Oh, die heb ik geprobeerd.
Werkt goed.
Makkelijk te gebruiken.
RICK: Is het handig voor beginners?
Ik ben niet zo goed in koken.
EMMA: Ja, er staan makkelijke stappen in.
Duidelijke instructies.
LARS: Ik heb er gisteren pasta mee gemaakt.
Met tomatensaus.
RICK: En hoe was het?
Lekker?
LARS: Best lekker, maar te veel zout.
Ik was te enthousiast.
EMMA: Haha, dat is typisch Lars.
Altijd te veel zout.
RICK: Volgende keer minder zout, gozer.
Dan wordt het beter.
LARS: Ja, ik leer het wel.
Van fouten word je wijs.
EMMA: Wil je nog een biertje?
Ik heb er nog een.
RICK: Graag, ik haal ze wel.
Ik sta toch.
LARS: Nee, laat mij maar.
Het is mijn beurt.
RICK: Oké, dan is het jouw ronde.
Dank je.
LARS: Geen probleem.
Ik ben zo terug.
Even naar de bar.
EMMA: Leuke vent, die Lars.
Altijd behulpzaam.
RICK: Ja, altijd behulpzaam.
En grappig ook.
EMMA: En grappig ook, soms.
Vooral met dat zout.
RICK: Zeker.
Hij maakt alles leuker.
Dat is fijn.
LARS: Hier, nog een biertje.
Voor jullie allebei.
RICK: Dank je.
Proost.
EMMA: Proost.
LARS: Proost, op ons.
Op goede vrienden.
RICK: En op nog veel meer van deze avonden.
Dat hoop ik.
EMMA: Absoluut.
Dit is gezellig.
LARS: Zullen we nog een spelletje doen?
Iets leuks?
RICK: Wat voor spel?
Kaarten?
LARS: Weet ik niet, iets simpels.
Geen moeilijke regels.
EMMA: Ik heb kaarten bij me.
Altijd handig.
RICK: Oh, toevallig.
Wat wil je spelen?
Pesten?
EMMA: Een potje pesten?
Dat is een goed idee.
LARS: Ja, daar ben ik voor.
Ik ben er klaar voor.
RICK: Oké, maar ik waarschuw jullie.
Ik ben niet goed.
EMMA: Waarvoor?
Ben je zo slecht?
RICK: Ik ben heel slecht.
Echt waar, ik verlies altijd.
LARS: Haha, dan wordt het spannend.
Wie wint er?
EMMA: Laten we beginnen.
Ik deel de kaarten.
RICK: Even mijn biertje opdrinken.
Ik heb dorst.
LARS: Schiet op, ouwe.
We willen spelen.
RICK: Rustig aan, het is vakantie.
Geen haast.
EMMA: Het is geen vakantie, het is zaterdag.
Maar oké.
RICK: Voor mij voelt het als vakantie.
Even vrij zijn.
LARS: Dat is de juiste instelling.
Geniet van het moment.
RICK: Zullen we een toast doen?
Voor het spel?
EMMA: Waarop?
Op de overwinning?
RICK: Op het leven.
Simpel en goed.
LARS: Simpel maar goed.
Ik doe mee.
RICK: Proost.
EMMA: Proost.
LARS: Proost, vrienden.
Op nog veel plezier.
RICK: Ik ben blij dat we dit doen.
Het is lang geleden.
EMMA: Ik ook.
Het is lang geleden.
We moeten vaker afspreken.
LARS: We moeten vaker afspreken.
Elke week?
RICK: Ja, dat is een goed idee.
Elke zaterdag?
EMMA: Volgende week weer?
Zelfde tijd?
RICK: Als het kan, graag.
Ik heb tijd.
LARS: Ik ben erbij.
Zeker weten.
RICK: Mooi, dan plannen we het.
Ik noteer het.
EMMA: Tot dan.
En vergeet de barbecue niet.
RICK: Nee, ik vergeet het niet.
Jullie komen.
LARS: Nee, ik heb er zin in.
Het wordt leuk.
RICK: Oké, ik ga zo naar huis.
Het is laat genoeg.
EMMA: Al?
Het is nog vroeg.
Blijf nog even.
RICK: Ik moet morgen vroeg op.
Ik ga hardlopen.
LARS: Waarom?
Op zondag?
RICK: Ik ga hardlopen in het park.
Het is gezond.
EMMA: Sportief.
Ik doe dat ook soms.
LARS: Ik blijf nog even.
Nog een biertje.
RICK: Oké, ik zie jullie snel.
Tot volgende week.
EMMA: Doei, Rick.
Slaap lekker.
LARS: Tot de volgende keer.
En bedankt voor de biertjes.
RICK: Graag gedaan.
Tot snel.
Tot de volgende.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze