Alle podcasts

Grand Hotel Europa: een liefdesverhaal over reizen en herinneren

Stel je voor, je loopt een oud hotelbinnen, de vloeren kraken, de gordijnen zijn zwaar

en er hangt een geur van stof en oude parfum.

Dit is het grand hotel Europa, het is bijna leeg, er zijn geen toeristen meer, alleen een

paar oude mensen zitten in de lounge en jij, de hoofdperson, een schrijver, checkt in om te

werken, maar eigenlijk ben je gevlucht, gevlucht voor een gebroken hart.

Dit verhaal begint met een man die zijn liefde verloren en nu proberen te begrijpen wat er gebeurt

de. Het boek heet grand hotel Europa en het is gescheven door Ilja Leonhard Pfeiffer in 2018.

Het is een dikboek bijna 600 platzijden, maar ik vertel je het in 20 minuten. Het verhaal

gaat over een schrijver die lijkt op de ouduur zelf. Hij rijst door Europa en denkt na over

de geschiedenis van het continent. Maar het belangrijkste is zijn relatie met Clio. Clio is een

slim en een beetje mysterieus. Samen reizen ze door Europa, van vanenetie naar Amsterdam,

van Parijs naar Rome, maar hun liefde is niet makkelijk. Clio heeft een geheim, ze is niet alleen

een gits, ze is ook een onderzoeker, ze bestudeert hoe toerisme de wereld verandert en dat

brengt spanning in hun relatie. De wereld van het boek is het Europa van nu, maar ook het

Europa van vroeger. Het hotel is een plek waar de tijdstil lijkt te staan. De eigenaar, een oude

italianse man, verteld verhalen over beroemde gasten uit het verleden. Er is een portier die

altijd hetzelfde zegt. Er is een lift die niet werkt. Het voelt als of je in een andere tijd bent.

De schrijver woont in een kamer met uitzicht op een binnenplaats. Hij schrijft elke dag, maar zijn

gedachte gaan steeds terug naar Clio. Hij herinnert zich een eerste ommoeting. Ze stond voor een

schilderij in het Rijksmuseum in Amsterdam. Ze vertelden over de schilder en de tijd waarin hij leefde.

De schrijver was meteen verliefd. Hij vond haar stem mooi en haar ogen volge heimen. Ze kijk

naar het schilderij als of ze het zelf had geschilderd. Zegt hij later in het boek. Dat is een zin die ik

mooi vind omdat het laat zien hoe Clio leeft in kunst en geschiedenis. Het verhaal heeft vier of

vijf belangrijke momenten. Het eerste moment is de onmoeting in het museum. De schrijver is daarvoor zijn

werk, maar hij kan zijn ogen niet van Clio afhouden. Ze praat over de zeventiende eeuw, over handel en

schilderkunst. De schrijver denkt, dit is geen gewone gits. Dit is iemand die de tijd kan laten herleven.

Na die dag gaan ze samen koffie drinken. Ze praatten, uren, Clio vertelt over haar werk. Ze reis door

Europa om te zien hoe toeristen zich gedragen. Ze zegt, toeristen komen niet om te zien, ze komen om

te zeggen dat ze het gezien hebben. Dat is een belangrijk idee in het boek. Mensen reizen niet meer om

te ervaren waarom foto's te maken. Ze willen bewijzen dat ze ervaren. Het tweede moment is een reis

naar vernetsie. De schrijver en Clio lopen door de smalastratjes. Het is druk met toeristen. Overal zijn

winkels met maskers en glas. Clio wordt boos. Ze zegt dat vernetsie geen stad meer is, maar een attractie

park. De echte bewoners zijn vertrokken, omdat het de duur werd, alleen toeristen blijven over. Als een

leger dat de stad veroverd. De schrijver begrijpt haar woede, maar hij houdt ook van de drukte. Hij vindt

het romantisch. Dit verschil tussen hen groeit. Clio wilde echte wereld zien. De geschiedenis. De

schrijver wil alleen maar bij haar zijn. Waar dan ook. Ik wilde haar aanraken. Maar ze was al weg

in haar gedachten. Zegt hij later. Dat is een mooie zin die laat zien hoe versen uit elkaar groeien.

Het derde moment is een bezoek aan een oud kasteel in Frankrijk. Clio heeft een ommoeting met een

professor die onderzoek doet naturismen. De professor vertelt over de geschiedenis van reizen. Vroeger

reist de mensen om te leren. Nu reizen ze om te consumeren. Ze kopen soefeneers, ze eten vastvoet, ze gaan

naar dezelfde plekken als iedereen. Clio luistert aan dachtig. De schrijver voelt zich buiten gesloten. Hij

begrijt niet waarom ze zo boos is op toeristen. Hij is zelf ook een toerist, denkt hij. Maar Clio ziet

het anders. Ze zegt jij reist om te schrijven. Dat is anders. Je probeert te begrijpen. De meeste mensen

proberen alleen maar te ontstappen. Dit gesprek maakt de schrijver onrustig. Hij begint de twijfelen aan zijn

eigen reizen. Is hij ook niet gewoon een toerist? Die zijn leven proberen te vullen met mooie plekken. Het

vierde moment is een ruzie in Amsterdam. De schrijver en Clio wonen samen in een klein appartement. Clio

werkt aan een boek over toerisme. Ze is de hele dag thuis, leest en schrijft. De schrijver voelt zich alleen.

Hij wil met haar uitgaan, naar een restaurant, naar een film, maar Clio wil niet. Ze zegt dat ze

geen tijd heeft. De spanning loopt op. Op een avond zegt Clio iets wat de schrijver nooit vergeet. Ze

zegt, jij houdt niet van mij. Je houdt van het idee van mij. Je houdt van de reiziger. Niet van de

vrouw. Dit is een harder waarheid. De schrijver begrijpt dat hij Clio niet echt kent. Hij heeft haar

gezien als een symbol van avontuur. Niet als een mens met eigen problemen. Na deze ruzie vertrekt Clio. Ze

gaat einde. De schrijver is nu in het grand hotel Europa. Hij schrijft zijn verhaal. Hij denkt

na over Clio en over wat er missing. Op een dag krijgt hij een brief. Clio schrijft dat ze in Sicilia is.

Ze onderzoekt oude giekse tempels en hoe toeristen die bezoeken. Ze zegt dat ze een mist, maar dat ze niet

terug kan komen. Ze moet haar werk afmaken. De schrijver besluit naar haar toe te reizen. Hij gaat naar

Sicilia. Daar vindt hij Clio bij een tempel. Ze staat voor de zuilen, zo ze vroeger voor het schilderij.

Ze praten. Clio zegt dat ze van hem houdt, maar dat ze niet samen kunnen zijn. Ze is te veel

bezig met haar missie. Ze wil de wereldredden van het toerisme. Of in ieder geval laten zien hoe het werkt.

De schrijver begrijpt het. Hij omhelst haar en laat haar gaan. Het boek eindigt met de schrijver alleen in het

hotel, maar nu met een gevoel van verreden. Hij heeft zijn verhaal verteld. Hij heeft geleerd dat liefde

niet altijd betekent dat je samen bent. Soms betekent het dat je elkaar loslaat. Het tema van het boek

is toerisme, maar het gaat ook over nostalgie. Het verlangen uit verleden. De schrijver verlangt naar Clio.

Naar de tijd dat ze samen waren. Het hotel verlangt naar zijn glorie dagen. Toen het vol was met

reike gasten. Europa verlangt naar een tijd van culture en schoonheid. Voordat alles commercial werd.

Prijver laat zien dat we allemaal toeristen zijn in ons eigen leven. Bereizen van herinnering naar

herinnering opzoek naar iets dat we nooit helemaal kunnen vasthouden. Clio is de stem van de kritiek.

Zij zegt dat we moeten stoppen met consumeren en echt moeten kijken. De schrijver is de stem van het

verlangen. Hij wil vasthouden, maar leert loslaten. Het boek is een spiegel voor onze tijd.

Bereizen meer dan ooit, maar zijn we gelukkiger? Misschien niet. Misschien zijn we alleen maar

moe van het rennen. Wat blijft hangen naar dit verhaal? Voor mij is het de manier waarop vijver over

reizen schrijft. Hij maakt van een hotel een personage. Hij maakt van een liefdus verhaal, een commentaar

op de wereld. Het is geen makkelijk boek, maar het is wel toegankelijk. De zinnen zijn lang, maar de

gedachten zijn helder. Voor iemand die Nederlands leert is het een even tussendoor. Bedankt voor het luisteren.

Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram, dan stuur ik je een

speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering. Veel plezier verder met het

verhaal. Uitdaging, maar ook een kans om mooie taal te horen. Ik raad je aan om het boek zelf te

lezen, of nog een keer naar deze aflevering te luisteren. Het verhaal groeit als je het vaker hoort. En

vergeet niet. De volgende keer dat je op reis gaat, vraag je zelf af. Ben ik een tourist? Of een reiziger?

Het antwoord is misschien niet zo simpel. Dit was boekisodes van Dutch Fluency. Bedankt voor het luisteren.

Voor de volledige text van deze aflevering gaan naar Dutchfluency.com slash Transcripts. Tot de volgende

keer. Tot de volgende keer. Maar voor dat we echt afscheid nemen, wil ik nog een paar dingen met je

delen over dit boek. Want als het zoveel meer in dan we in de eerste helft hebben besproken. Laten we het

hebben over de personages. De ikfiguur, de schrijver, is niet zo maar een verteller. Hij is een man die zijn

eigen verlies proberen te begrijpen. Hij is in het hotel om te schrijven, maar ook om te ontsnappen.

Zijn relatie met Clio is het hart van het verhaal. Clio is een italianische kunsthistorica. Zij is

gepassioneerd, intelligent en een beetje mysterieus. Samen reizen ze door Europa, van van Venetie en

naar Amsterdam, van Rome naar Parijs. Maar hun liefde is niet simpel, ze botse, ze begrijpen elkaar

niet altijd. Clio is geopsedeerd door de schoonheid van het verleden. De ikfiguur is meer een moderne man,

een schrijver die leeft in het nu, dat verschil zorgt verspanning. En het eindelijk loopt het miss. Clio

verdwijnt. De ikfiguur blijft achter met vragen. Waarom is ze weggegaan? Had hij het kunnen voorkomen? Het hotel

wordt dan een plek van herinnering. Elke kamer, elke gang, elke maaltijd herinner het hem aan haar. Vijver laat

zien hoe liefde en verlies samen hangen met reizen. Je kunt niet terug naar een plek zonder de herinnering aan

iemand. Het hotel is niet alleen een gebouw, het is een landschap van emoties. Maar er is nog een

belangrijke personage. De oude heer. Hij is een vaste gast in het hotel. Hij is beleefd, elegant, maar ook

eenzaam. Hij vertelt verhalen over zijn leven, over de oorlog, over verloren liefdes. De oude heer is een

spiegel voor de ikfiguur. Hij laat zien wat er gebeurt als je blijft hangen in het verleden. De oude heer kan

niet loslaten. Hij leeft in zijn herinneringen. Het hotel is zijn thuis, maar ook zijn gevangenis. De ikfiguur

ziet zichzelf in hem. Wil hij ook zo worden? Een oude man die alleen maar praat over wat voorbij is?

Dat is een angst die door het hele boek loopt. We willen allemaal vast houden, maar het leven

dwingt ons om verder te gaan. Het hotel is een microcosmos van de wereld. Er komen allerlei mensen,

toeristen, zaken mensen, kunstenaars, ze komen en gaan. Het hotel blijft. Het is een plek van voorbij

gaande ommoetingen en dat is ook wat reizenis. Je ontmoet mensen, je deelte moment en dan ga je

weer verder. Soms blijft er iets hangen. Een gesprek, een blik, een lach, maar meestal vergetje het.

Prijver vraagt zich af, wat is de waarde van die vluchtige contacten? Zijn ze op en vlakken of juist

diep? Het antwoord is niet duidelijk. Misschien zijn ze allebei. Laat we ook praten over de stijl

van het boek. Ilja Leonhard Prijver is een meester van de lange zin. Zijn zinnen kunnen een half

aagina duren, maar ze zijn nooit zai, ze dansen, ze slingeren, ze nemen je mee. Voor iemand die

Nederland zleerd is dat een uitdaging. Je moet geduld hebben, je moet de zin ontraafelen, maar als je het

eenmaal begrijpt, voel je de muziek. Prijver gebruikt veel beeldspraak. Hij vergelijk dingen met kunst,

met muziek, met architectuur. Het hotel is een schilderij. De liefde is een opera. Het verleden is een ruwinne.

Die beelden maken het verhaal reiker. Ze dwingen je om anders te kijken. Je ziet niet alleen een hotelkamer,

je ziet een plek waar duizenden verhalen zijn gebeurt. Je ziet niet alleen een vrouw, je ziet een idee

van schoonheid. Het is poëzie in Prosa, maar dat is geen moeilijke poëzie. Het is toegankelijk, als je de

tijd neemt. Een ander tema is de rol van de schrijver. De ikfiguur is een schrijver. Hij probeert het verhaal

van Clio en Europa te vertellen, maar hij worstelt. Hij weet niet of hij de waarheid kan vangen,

want erin eringen zijn onbetrouwbaar. Wat hij zich erinert, is misschien niet wat er echt gebeurt

is. Hij idealiseert Clio. Hij maakt haar groter dan ze was. Dat is het gevaar van schrijven. Je creëert een

versie van de werkelijkheid, maar die versie is niet de werkelijkheid. Vijver speelt met dat idee. Het boek

is een roman, maar het voelt als een memoir. Is het echt gebeurd? Heeft de autor echt in dat hotel gewoond?

We weten het niet. En dat is precies de bedoeling. De grens tussen fixie en realiteit is vaak, net zoals

in het echte leven. We vertellen ons zelf verhalen om dingen te begrijpen, maar die verhalen zijn nooit helemaal

waar. Ze zijn een mix van feiten, emoties en verbilding. Dat is wat grand hotel Europa laat zien. Het is een

boek over het maken van een boek. Het is een spiegel voor de laser. Wat voor verhalen vertel jij over je

reizen? Wat onthoud je? Wat vergeet je? Nu wil ik het hebben over de kritiek op het boek. Sommige

lasers vinden het te lang. Ze vinden dat vijver te veel uitwijdt. Andere lasers vinden het juist prachtig.

Ze houden van de tragen meditatieve stijl. Ik denk dat het een kwestie is van verwachting. Als je een

snel actiefol verhaal wilt, is dit niet het juiste boek. Maar als je open staat voor een literaire

reis, dan is het een feest. Het boekvraagd om aandacht, het vraagd om tijd. In onze snelle wereld is dat

Dijna revolutionair. We zijn gewend aan korte berichten aan snelle antwoorden, grand hotel Europa,

dwingtje om te vertragen. Het is een oefening in geduld en dat is misschien wel de belangrijkste les. We

moeten weer leren om echt te kijken. Niet alleen naar dingen, maar ook naar elkaar. Clio zegt dat de

ik figuur niet echt naar haar kijkt. Hij ziet haar als een idee, niet als een mens. Dat is een

peinelijke waarheid. Hoe vaak doen we dat niet? We kijken naar iemand, maar we zien niet wie hij of zij is.

We projekteren onze eigen verlangens. Het boek is een oproep om autentiek te zijn. Om de ander te

zien zoals hij is, om het moment te waarderen. Tot stod wil ik nog iets zeggen over de rol van het

hotel zelf. Het grand hotel Europa is niet zomaar een decor. Het is een persoonage met een eigen

geschiedenis. Het hotel heeft hoogte punten gekend, maar ook verval. Het is een symbol van Europa. Europa is

oud, rijk aan culture, maar ook voor moeit. Het hotel probeert te overleven in een wereld van ketens en

goedkope reizen. De directeur, de heer heinigen, is een tragische figuur. Hij probeert de glorie van het

verleden te redden, maar het is een verlore strijd. Het hotel is een meta voor, voor de Europese

identiteit. Wat betekent het om Europeaanse te zijn? Is het alleen maar een verzameling van monumenten en

musea? Of is het een manier van leven? Vijver geeft geen antwoord. Hij stelt vragen. En dat is precies

wat goede literatuur doet. Het laat je nadenken, het laat je voelen, het verandertje een beetje. Dus,

als je dit boek leest of beluistert, wees dan niet bang voor de lange zinnen. Laat je mee voeren.

Stel je voordat je zelf in het hotel zit. Je hoort de stemmen van andere gasten, je ruikt het om bijt.

Je voelt de eenzaamheid van de ikfiguur. Het is een ervaring. En zoals alle goede ervaringen,

heeft het tijd nodig. Na het lezen van Grand Hotel Europa, zullen je anders naar reizen kijken.

Je zult anders naar hotels kijken. Je zult anders naar liefde kijken. En dat is het mooiste wat een

boek kan doen. Dit was Boekisode van Dutch Fluency. Bedankt voor het luisteren. Voor de volledige tekst van

deze aflevering gaan naar Dutchfluency.com slash transcripts. Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze