Alle podcasts

Multatuli en Max Havelaar

Vandaag gaan we het hebben over een boek.

Niet zomaar een boek.

Een boek dat een heel land wakker schudde.

Een boek dat ministers liet trillen, koningen liet zwijgen en duizenden lezers met schaamte liet zitten.

We hebben het over Max Havelaar, geschreven door een man die zichzelf Multatuli noemde.

In het Latijn betekent dat, ik heb veel gedragen.

En geloof me, hij had veel gedragen.

Maar voordat we naar het boek gaan, moeten we de man kennen.

Zijn echte naam was Eduard Douwes Dekker, geboren in Amsterdam in 1820.

Zijn vader was een zeekapitein, zijn moeder een vrome vrouw uit Friesland.

Eduard was slim, eigenwijs en altijd in conflict met de regels.

Hij ging niet naar de universiteit.

In plaats daarvan vertrok hij op zijn achttiende naar Nederlands-Indië, het huidige Indonesië.

Daar werkte hij voor de koloniale regering.

Hij klom op, hij trouwde, hij kreeg kinderen en hij zag dingen die hij nooit meer kon vergeten.

Wat zag hij dan?

Hij zag honger.

Hij zag boeren die werden gedwongen om koffie en suiker te verbouwen voor de Nederlandse markt.

Hij zag dat de lokale hoofden, de regenten, hun eigen mensen uitknepen.

En hij zag dat de Nederlandse bestuurders dat lieten gebeuren.

Want zolang er winst kwam naar Amsterdam, was het stil in Den Haag.

Dit systeem heette het cultuurstelsel.

Het werkte als een machine.

Een machine die geld maakte van mensenlevens.

In 1856 werd Douwes Dekker assistent-resident in Lebak op het eiland Java.

Het was een arme streek.

De boeren werden uitgebuit door de lokale regent.

Douwes Dekker besloot om in te grijpen.

Hij klaagde de regent aan.

Hij schreef brieven naar zijn baas.

Hij eiste actie.

En weet je wat er gebeurde?

Niets.

Erger nog, zijn eigen baas, de gouverneur-generaal, gaf hem geen gelijk.

Douwes Dekker werd overgeplaatst.

Hij voelde zich verraden.

Hij nam ontslag.

En hij vertrok.

Met lege handen en een woedend hart terug naar Europa.

Wat doet een man met zo veel woede?

Hij gaat schrijven.

En zo komen we bij die avond in Brussel.

Stel je voor, het is september 1859.

Een grijze, koude avond in Brussel.

In een goedkoop hotel aan de Galerie Saint-Hubert zit Eduard Douwes Dekker op de rand van een smal bed.

Het behang is verbleekt.

De gordijnen ruiken naar tabak en vocht.

Op een wankele tafel staat een kandelaar.

De vlam danst.

Naast de kandelaar ligt een stapel papier, een inktpot en een ganzenveer.

Hij heeft koorts.

Zijn voorhoofd glimt.

Zijn vingers zijn koud.

Buiten klinken de hoeven van een paard op de natte stenen.

Hij heeft al uren geschreven.

Zijn vrouw, Tine is in Nederland.

Hij heeft bijna geen geld meer.

Hij heeft honger.

Maar nu schrijft hij een verhaal binnen het verhaal.

Het verhaal van Saidjah, een jonge Javaanse jongen, en Adinda, het meisje van wie hij houdt.

Saidjah heeft alleen een buffel.

De buffel wordt afgepakt door de regent.

Saidjah krijgt een nieuwe.

Ook die wordt afgepakt.

Zijn vader sterft.

Zijn moeder sterft.

En als hij eindelijk terugkeert naar zijn dorp, vindt hij Adinda niet meer.

Hij vindt alleen As.

Douwes Dekker huilt terwijl hij schrijft.

Echt.

Tranen vallen op het papier.

De inkt loopt uit.

Hij vloekt zachtjes, pakt een nieuw vel en begint opnieuw.

Hij weet, dit is geen roman meer.

Dit is een aanklacht.

Dit is een bom.

En morgen, denkt hij, gooi ik die bom in het gezicht van Nederland.

Het boek kwam uit in 1860.

De titel was lang.

Max Havelaar of de koffieveilingen der Nederlandsche Handelmaatschappij.

De hoofdpersoon, Max Havelaar, was natuurlijk Douwes Dekker zelf.

Maar het boek had een vreemde structuur.

Het begon met een dikke, hebzuchtige Amsterdamse koffiehandelaar, Batavus Droogstoppel.

Droogstoppel was alles wat Multatuli haatte.

Zelfvoldaan, hypocriet, religieus aan de buitenkant, gierig aan de binnenkant.

Door Droogstoppel te laten praten, liet Multatuli de Nederlandse middenklasse zien hoe lelijk ze waren in de spiegel.

En toen kwam de klap.

De laatste bladzijden van het boek.

Multatuli stapt zelf uit het verhaal.

Hij richt zich direct tot de lezer.

Hij richt zich zelfs tot Koning Willem de Derde.

Hij schrijft, en ik vertaal het in B1-Nederlands.

Er worden meer dan dertig miljoen mensen mishandeld in jouw naam.

Lees je dat?

Hoor je dat?

dat?

Hij eist actie.

Hij eist gerechtigheid.

Hij eist dat Nederland in de spiegel kijkt.

Wat gebeurde er na publicatie?

Eerst stilte.

Toen geroezemoes.

Toen paniek.

De kranten schreven erover.

De politiek werd nerveus.

In het parlement werd het cultuurstelsel besproken.

Niet meteen afgeschaft, want zo werkt geschiedenis nooit, maar het zaadje was geplant.

Langzaam over jaren veranderde de publieke opinie.

De zogenaamde ethische politiek kwam op.

Het idee dat Nederland iets terug moest geven aan de kolonie.

Het was een klein begin.

Het was niet genoeg.

Maar zonder Multatuli was zelfs dat kleine begin er misschien nooit geweest.

En Multatuli zelf?

Werd hij rijk?

Werd hij geprezen?

Nee.

Hij verkocht de rechten van zijn boek voor een laag bedrag aan een uitgever.

Hij stierf in 1887 in Duitsland.

Arm, bitter, eenzaam.

Maar zijn woorden bleven leven.

Tot vandaag staat zijn boek op de lijst van belangrijkste Nederlandse literatuur.

En tot vandaag is er discussie over de koloniale geschiedenis van Nederland.

In musea, in scholen, in regeringsverklaringen.

In 2022 bood de Nederlandse premier officieel excuses aan voor de slavernij.

Honderdzestig jaar na Max Havelaar.

soms duurt geschiedenis lang maar ze beweegt dus waarom vertel ik jou dit verhaal?

omdat het over taal gaat over de kracht van woorden Eduard Douwes Dekker had geen leger hij had geen geld hij had alleen een ganzenveer en een vlam in zijn hart en toch veranderde hij iets niet alles, maar iets Als jij Nederlands leert, leer je niet zomaar grammatica en uitspraak.

Je leert ook deze stem.

De stem van een land dat soms moedig was en soms gemeen.

Een land dat schreeuwde en een land dat zweeg.

Begrijp je die stem, dan begrijp je Nederland echt.

Ik raad je aan, zoek een fragment van Max Havelaar online.

Lees of luister naar de eerste pagina van Droogstoppel.

Het Nederlands is ouderwets, ja.

Maar het ritme is heerlijk.

Probeer de hypocrisie te horen.

Probeer de woede te voelen die onder de zinnen zit.

En denk eraan.

Eén boek kan een lamp laten beven.

Drie woorden om te onthouden.

Schrikken.

To be shocked.

EN

Bijvoorbeeld in de zin.

Ik schrok toen Toen ik het nieuws hoorde.

Uitbuiten.

To exploit.

EN

Bijvoorbeeld in de zin.

De boeren werden uitgebuit door de regent.

Aanklacht.

Accusation.

Indictment.

Bijvoorbeeld in de zin.

Het boek was een sterke aanklacht tegen het cultuurstelsel.

Een vraag voor jou.

In welk jaar werd Max Havelaar gepubliceerd?

A.

EN

1820.

B.

1860.

Tot de volgende aflevering van Nederland in Verhalen.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze