

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Hallo allemaal.
Ik ben Rick, jullie leraar uit Den Haag.
Vandaag heb ik een grappig verhaal over een tractor en over eten.
Hebben jullie wel eens veel honger?
Luister dan naar het verhaal van boer Jan.
Het is een warme zomerdag.
In het kleine dorp Groenendaal woont boer Jan.
Jan is een grote man.
Vandaag werkt hij op het grote land.
Hij rijdt op zijn tractor.
De tractor is heel groot en felrood.
Vroem, vroem, doet de tractor.
Het ruikt buiten naar vers gras.
Het ruikt naar droge aarde.
Het is precies 12 uur in de middag.
De zon schijnt fel in de blauwe lucht.
Jan heeft het erg warm.
En Jan heeft honger.
Hij heeft heel veel honger.
Knor, knor, doet zijn maag.
Jan stopt de tractor.
Hij kijkt in zijn zwarte tas.
Oh nee, zijn tas is helemaal leeg.
Hij heeft geen brood en geen appel.
Hij is zijn lunch vergeten.
Wat moet hij nu doen?
Jan denkt goed na.
Hij kan naar huis rijden met de tractor.
Maar zijn huis is heel ver weg.
Dat duurt te lang.
Hij kijkt naar het kleine dorp.
Het dorp is heel dichtbij.
In het dorp is een kleine snackbar.
De snackbar heet 'De Lekkere Hap'.
Jan houdt erg van friet.
Hij houdt van kroketten.
Hij houdt van Mayonaise.
Hij lacht.
Hij weet nu precies wat hij gaat doen.
Jan draait het grote stuur van de rode tractor.
Hij rijdt niet naar zijn huis.
Hij rijdt direct naar het dorp.
De grote tractor rijdt op de kleine, smalle weg.
Vroem, vroem.
Mensen op straat kijken naar de tractor.
Een fietser stopt en kijkt.
Een kleine hond blaft naar de grote banden.
De tractor is eigenlijk te groot voor het dorp.
Maar Jan stopt niet.
Hij rijdt gewoon door.
Hij ruikt de friet in zijn hoofd al.
Hij moet eten.
Jan komt eindelijk bij de snackbar.
Hij parkeert de grote rode tractor voor de deur.
De tractor neemt wel drie parkeerplaatsen in.
Dat is heel veel.
Jan stapt uit de tractor.
Hij opent de glazen deur van de snackbar.
Het ruikt binnen heel lekker.
Het ruikt naar zout en naar warme olie.
De eigenaar van de snackbar heet Tom.
Tom staat achter de balie.
Tom kijkt met grote ogen naar buiten.
Hij ziet de gigantische rode tractor staan.
"Hallo Jan," zegt Tom verbaasd.
Wat een grote auto heb jij vandaag.
Jan lacht heel hard.
Ja, Tom, dat klopt.
Ik heb grote honger.
Dus ik kom vandaag met de grote tractor.
Tom lacht nu ook.
Dat is een goed idee.
Wat wil je eten Jan?
Ik wil een grote patat met veel mayonaise.
Zegt Jan.
En twee frikandellen.
En een koude cola, alsjeblieft.
Ik heb echt heel veel dorst.
Komt eraan, Jan.
Zegt Tom vrolijk.
Jan wacht rustig in de snackbar.
Hij hoort het hete vet borrelen.
Na 10 minuten is het eten klaar.
Tom geeft een grote witte papieren tas aan Jan.
De tas voelt heel warm.
Eet smakelijk Jan, zegt Tom.
Dank je wel Tom, zegt Jan blij.
Jan loopt weer naar buiten.
Hij klimt hoog op zijn rode tractor.
Hij opent de warme tas.
Hij eet een warme friet.
Het is heerlijk.
Het is zout en knapperig.
Jan is heel erg blij.
Hij start de motor.
Hij rijdt langzaam terug naar zijn land.
Hij eet zijn warme patat op de grote tractor.
Dit is de allerbeste lunch ooit.
Denkt Jan tevreden.
De mensen in het dorp kijken weer naar hem.
Maar Jan lacht alleen maar en zwaait.
Hij heeft geen honger meer.
Tot de volgende.
Alle transcripten op Dutchfluency.com slash transcripts.
Bedankt voor het luisteren naar Dutch fluency.
Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.
Spreek Nederlandse zelfs als je stottert.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze