Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Kurt's B2: De kunst van het onderhandelen over je nieuwe baan

Kurt, je vertelde dat je in maart 2027 met je vrouw naar Den Haag verhuist en dat je voor je B2-examen wilt slagen.

Vandaag gaan we het hebben over iets dat je waarschijnlijk gaat doen zodra je daar bent: onderhandelen over je nieuwe baan.

Want geloof me, als fysiotherapeut met jouw ervaring wil je niet zomaar het eerste aanbod accepteren.

Je wilt weten hoe je dat in het Nederlands doet, zonder dat je klinkt als een robot.

Dus laten we kijken naar de woordvolgorde in bijzinnen, want dat is waar je soms struikelt.

Weet je nog dat we het hadden over 'hoewel'?

Dat was een bijzin.

Hetzelfde geldt voor zinnen die beginnen met 'als', 'omdat', of 'wanneer'.

In die zinnen gaat de persoonsvorm naar het einde.

Bijvoorbeeld: 'Ik wil onderhandelen, omdat ik een goed salaris wil.' Zie je?

'Wil' staat aan het eind.

Of: 'Als ik het aanbod accepteer, dan begin ik in april.' Hier staat 'accepteer' achteraan.

Oefen dat eens hardop, want dat helpt bij je spreekvaardigheid.

Nu, de woordenschat die je nodig hebt voor zo'n gesprek.

Ik geef je zeven woorden, en ik leg ze uit in je eigen context.

Eén: 'het salaris' - dat is je loon, wat je verdient.

Twee: 'de arbeidsvoorwaarden' - dat zijn alle afspraken, zoals vakantiedagen, reiskosten, en werktijden.

Drie: 'onderhandelen' - dat is overleggen om tot een goede deal te komen.

Vier: 'het aanbod' - dat is wat de werkgever je aanbiedt.

Vijf: 'de werkgever' - dat is het bedrijf of de persoon waar je gaat werken.

Zes: 'het contract' - dat is het document dat je tekent.

En zeven: 'de functie' - dat is je baan, bijvoorbeeld fysiotherapeut.

Oké, stel je voor: je zit tegenover de directeur van een praktijk in Den Haag.

Je zegt: 'Dank u voor het aanbod.

Ik ben enthousiast over de functie, maar ik wil graag onderhandelen over het salaris en de arbeidsvoorwaarden.' Klinkt goed, toch?

Maar let op de woordvolgorde in die laatste zin: 'maar ik wil graag onderhandelen...' - dat is een hoofdzin, dus 'wil' staat op de tweede plaats.

Maar als je zegt: 'Ik wil graag onderhandelen, omdat het salaris belangrijk is voor mij', dan staat 'is' aan het einde.

Dat is de bijzin.

Zie je het verschil?

Probeer het zelf eens te zeggen.

Kurt, je bent gewend om je spieren te trainen, dus dit is een mentale oefening.

Herhaal de zin een paar keer: 'Ik wil onderhandelen, omdat ik een eerlijk salaris wil.' Voel je hoe de woorden stromen?

Nog één tip: als je echt niet weet wat je moet zeggen, gebruik dan een vraag.

Vragen zijn vaak makkelijker.

Bijvoorbeeld: 'Kunt u mij vertellen wat de arbeidsvoorwaarden zijn?' Dat is een bijzin, dus 'zijn' staat achteraan.

Mooi.

Nu, je hebt ook verteld dat je je reis online wilt delen, misschien via social media.

Dat is een geweldig idee, maar onthoud: je hoeft niet perfect te zijn.

Mensen waarderen authenticiteit.

Dus als je een video maakt over je onderhandeling, praat dan gewoon, ook al maak je fouten.

Dat is hoe je leert.

En wie weet, misschien krijg je zo ook klanten voor je eigen praktijk.

Kurt, ik wil dat je iets voor me doet: schrijf vandaag drie zinnen op over wat jij belangrijk vindt in een nieuwe baan, en gebruik daarin een bijzin met 'omdat' of 'als'.

Stuur ze me morgen, en we kijken ernaar.

Je bent goed bezig, en over een jaar zit je daar, in Den Haag, met een toffe baan.

Ik geloof in je.

Nou, ga aan de slag.

En vergeet niet te genieten van het proces.

Tot morgen.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid