Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Kurt's B2-examen: de kunst van het onderhandelen

Kurt, je bent al zo ver gekomen met je Nederlands.

Je sport elke week, je klimt, je hardloopt, en je werkt aan je B2-examen.

Maar vandaag wil ik het hebben over iets dat je misschien nog niet zo vaak hebt geoefend: onderhandelen.

Ja, ik weet het, dat klinkt misschien een beetje formeel, maar het is een belangrijke vaardigheid in het dagelijks leven.

Denk aan het bespreken van een contract voor een baan als fysiotherapeut, of het regelen van een abonnement bij de klimhal.

Vandaag leer je een paar woorden die je helpen om zelfverzekerd te onderhandelen.

Laten we beginnen met de woorden.

Het eerste woord is 'het voorstel'.

Dit is een voorstel, een proposal.

Bijvoorbeeld: 'Ik heb een voorstel voor de behandelingen.' Dan 'accepteren', dat betekent accepteren, to accept.

'Ik accepteer jouw voorstel.' En 'weigeren' is het tegenovergestelde, to refuse.

'Ik weiger dit voorstel, omdat het niet past bij mijn schema.' Dan 'de voorwaarde', dat is een condition.

Bijvoorbeeld: 'Wat zijn de voorwaarden van het contract?' En 'de tegenprestatie', dat is een wederdienst, a reciprocal service.

'Ik vraag een tegenprestatie voor mijn werk.'

Nu een beetje grammatica.

Vandaag kijken we naar 'de vergrotende trap', oftewel de comparative.

In het Nederlands gebruik je '-er' om dingen te vergelijken.

Bijvoorbeeld: 'Dit voorstel is beter dan het andere.' 'Beter' is de vergrotende trap van 'goed'.

Of: 'Mijn Nederlands wordt vloeiender.' 'Vloeiender' is van 'vloeiend'.

Let op: soms moet je de klinker verdubbelen, zoals bij 'groot' -> 'groter'.

Of 'dik' -> 'dikker'.

Probeer het zelf: 'Mijn klimroutes worden moeilijker.' 'Moeilijker' is van 'moeilijk'.

Zie je hoe het werkt?

Kurt, stel je voor dat je straks in Nederland werkt als fysiotherapeut.

Je hebt een gesprek met een praktijkhouder.

Hij zegt: 'Ik bied je een contract voor 32 uur per week.' Jij wilt misschien 36 uur, of een hoger salaris.

Dan kun je zeggen: 'Ik waardeer jouw voorstel, maar ik heb een ander voorstel.

Kunnen we de voorwaarden bespreken?' Of: 'Ik wil graag een tegenprestatie voor mijn extra ervaring.' Dit zijn zinnen die je helpen om professioneel over te komen.

Oefen dit thuis, Kurt.

Neem een paar minuten en bedenk een situatie waarin je moet onderhandelen.

Bijvoorbeeld over een abonnement bij de klimhal, of over je werktijden.

Schrijf een korte dialoog op, en gebruik de woorden 'het voorstel', 'accepteren', 'weigeren', 'de voorwaarde', en 'de tegenprestatie'.

En vergeet niet de vergrotende trap te gebruiken.

Zeg bijvoorbeeld: 'Dit is een beter voorstel dan het vorige.'

Je bent op de goede weg, Kurt.

Blijf oefenen, en binnenkort kun je vloeiend onderhandelen in het Nederlands.

Veel succes met je trainingen en je examenvoorbereiding.

Ik spreek je morgen weer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid